Column

Geweld in de VS gaat om meer dan al te gemakkelijk wapenbezit

James Kennedy Beeld Jörgen Caris

'Wat heeft geweld ooit bereikt? Wat heeft het ooit voortgebracht?' Deze vragen stelde senator Robert Kennedy op 5 april 1968, een dag na de moord op Martin Luther King. 

Zichtbaar aangedaan toonde Kennedy zijn medeleven met de zwarte gemeenschap in Amerika. Twee maanden later zou deze presidentskandidaat zelf worden neergeschoten in Los Angeles.  Zijn vragen zijn nu - vijftig jaar later - nog even prangend. Amerikanen zijn nu net zo radeloos als toen, mede omdat ze de diepere oorzaken van het geweld blijven verdoezelen.

Toen Kennedy deze woorden uitsprak, waren de gewelddadige reacties op de dood van King nog maar net begonnen. Rellen braken uit in 125 Amerikaanse steden, waarbij 39 mensen zouden omkomen, ongeveer 3.500 mensen gewond zouden raken en 27.000 mensen zouden worden opgepakt. De politie kon het geweld niet alleen aan, daarom werden op grote schaal militairen ingeschakeld. De onrust stond overigens niet op zichzelf. Al jarenlang kampte Amerika met opstanden in haar binnensteden, veroorzaakt door slechte voorzieningen, discriminatie en politiegeweld. King gaf de zwarte gemeenschap hoop en door de verhoogde verwachtingen sloeg de vlam gemakkelijk in de pan. Maar na de dood van King, in april 1968, overheerste de wanhoop.

Vietnamoorlog

Politieke onrust en geweld lijken nadien niet meer in die omvang te zijn teruggekeerd. De New York Times meldde twee dagen na de moord op King dat de Europeanen vreesden voor de politieke stabiliteit van Amerika; zou het land nog lang stand kunnen houden? Ook veel Amerikanen vreesden het ergste, bedrukt door het geweld in eigen land en door de zware wissel die de Vietnamoorlog trok op de samenleving. Overal zagen zij de afbraak van de publieke orde en van het gezag, door niet alleen politiek gemotiveerde protesten, maar ook de sterke toename van de criminaliteit. Zo grimmig is de situatie vandaag niet meer. Het moordcijfer was met 7,0 per 100.000 inwoners al hoog in 1968 en zou de daaropvolgende decennia nog flink toenemen. Maar dat daalde tot 5,3 in 2016, deels omdat het gedachtengoed van King in de nasleep van deze gebeurtenissen wel positieve veranderingen in gang heeft gezet.

Toch zou niemand - ook conservatieve Amerikanen niet - durven beweren dat de VS geen probleem hebben als het gaat om geweld. De enorme ontreddering na het bloedbad dat een schutter vorig jaar oktober in Las Vegas aanrichtte, en de brede steun voor de scholierenbeweging tegen de huidige wapenwetten na de moorden in Parkland Florida zijn daarvan het bewijs. Opnieuw is er veel aandacht gekomen voor het absurde gemak waarmee vrijwel iedereen zeer dodelijke vuurwapens kan kopen. Het is nauwelijks te verkroppen dat instanties als de National Rifle Association menen dat de enorme toename van het aantal vuurwapens niets te maken heeft met deze nationale tragedies. Het speelt wel degelijk een grote rol.

Diepere oorzaken

Maar net als in het verleden hebben Amerikanen de neiging om de ogen te sluiten voor de diepere oorzaken van veel geweld. Geweld dat niet zozeer zichtbaar wordt in schietpartijen met veel doden, maar eerder in de milieus van minder bedeelde Amerikanen. Martin Luther King wordt vooral herdacht als profeet voor gelijke burgerrechten, maar historici merken terecht op dat zijn strijd voor economische gerechtigheid - voor mensen uit alle rassen - in de vergetelheid is geraakt. Robert Kennedy legde in zijn laatste jaren grote nadruk op het bestrijden van de armoede in Amerika; hij twijfelde aan de meerwaarde van de oude overheidsprogramma's en zocht naar nieuwe mogelijkheden. Het feit dat Amerikanen dit streven feitelijk hebben opgegeven is een van de belangrijkste redenen dat dit land het geweld niet kan bedwingen.

Nu de kleindochter van King zich heeft aangesloten bij de scholierenprotesten, is er meer aandacht voor de onderliggende oorzaken van het geweld. Haar boodschap 'genoeg is genoeg' herinnert ons eraan dat de strijd tegen geweld breder is dan alleen de roep om inperking van het wapenbezit.

Of dat zal doordringen tot de rest van de samenleving waag ik te betwijfelen.

James Kennedy is een van oorsprong Amerikaanse historicus met Nederlandse wortels. Hij vestigde zijn naam met de studie 'Nieuw Babylon in aanbouw', over de jaren zestig in Nederland. Sinds 2003 is hij als hoogleraar geschiedenis werkzaam in Nederland. Lees hier al zijn bijdragen.

Lees ook de column van Stevo Akkerman over de demonstraties tegen het geweld met vuurwapens in de VS: 'Na elke grote schietpartij denk je dat Amerika wakker is geschud, maar zo is het nooit.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden