Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Froome keek me aan alsof hij wilde zeggen: 'Geloof me, ik heb niks fout gedaan'

Opinie

Stijn Fens

© Trouw
Column

Het had alle trekken van een processie. Alleen voorop geen acoliet met een kruis, maar een chique Italiaanse auto met daarop een bord 'Begin van de wedstrijd'. 

Daarachter de ene na de andere motoragent, in mooie grijze broeken met paarse strepen. Vlekkeloos geklede functionarissen van wie je je afvraagt wat hun taak nou eigenlijk in de processie is.

Lees verder na de advertentie

Vervolgens kwamen er nog wat auto's en uiteindelijk de wielrenners in hun felle truien en die ene in het roze.

Ik was in Rome met mijn zoon en twee vrienden om naar de finish van de Ronde van Italië te kijken. Die ging dit jaar van Jeruzalem naar Rome. Van de Heilige naar de Eeuwige Stad. Diezelfde ochtend hadden we in een kerk nog de woorden gehoord van Paulus uit zijn brief aan de christenen van Rome: "Gij hebt een geest van kindschap ontvangen, die ons doet uitroepen: Abba, Vader!". 

Ook Paulus was ooit - net als de renners - via een omweg van Jeruzalem naar Rome gekomen waar hij aan de nodige beproevingen zou worden blootgesteld, met als sluitstuk de marteldood. De reis van Froome, Dumoulin en Pozzovivo was natuurlijk van een heel andere orde, alhoewel de gaten in de wegen van het circuit ook hun leven in Rome tot een zekere marteling zouden maken.

Brede grijns

Twee dagen eerder waren we in het vliegtuig gestapt. We gingen bijna opstijgen, toen mijn zoon nog even op zijn telefoon keek. Er verscheen een brede grijns op zijn gezicht: de leider in de Giro, de Brit Simon Yates, lag op achterstand in een zware bergetappe. "Tom Dumoulin rijdt nu virtueel in de roze leiderstrui", zei mijn zoon met de ernst die bij deze mededeling paste. Toen moest zijn telefoon uit en wachtte ons tussen Amsterdam en Rome ruim anderhalf uur zaligheid: Dumoulin zou de Giro gaan winnen.

Eenmaal geland bleek het allemaal anders te liggen. Een andere, Britse renner, Chris Froome, was bezig met een indrukwekkende solo waarin hij 'onze' Tom op ruim drie minuten zou rijden. Weg euforie. Maar goed: Rome was een stad van wonderen en we besloten aan ons geloof vast te houden. Dus zochten we die zondag een plek langs het parcours om niets van het mirakelspel te hoeven missen.

Vertrouwd chaotisch

We stonden perfect, schuin tegenover het beroemde Theater van Marcellus, en konden de renners vanaf de Piazza Venezia zien aankomen. De sfeer was vertrouwd chaotisch. De weg was met een fladderig lint in tweeën verdeeld. Aan de overkant reden gewoon stadbussen. De passagiers keken verbaasd naar ons langs de kant. Het stuk straat voor ons, waar de renners overheen moesten, was ook nog eens door een vluchtheuvel doormidden gedeeld. Een motoragent met een helm op en een fluitje in zijn mond moest zorgen dat er geen ongelukken gebeurden.

Twee helikopters kondigden de processie aan. De eerste auto, de motoragenten en uiteindelijk de renners. Ze kwamen langs en maakten een indrukwekkend geluid dat je op televisie nooit goed hoort: 'katang, katang, katang'. En, daar bovenuit, het fluitje van de motoragent die om aandacht en respect vroeg.

Froome keek me even aan alsof hij wilde zeggen: 'Geloof me nou maar, ik heb niets fout gedaan'

Het kopte niet

Een van de vrienden begon, toen het peloton uit het zicht was, over Froome, over die solo die niet 'gewoon' was en over die afwijkende dopingtest waardoor de Brit volgens hem niet eens had mogen starten. Het klopte gewoon niet. Mijn vriend - hij is protestant - had eigenlijk wel gelijk. Hier waren regels met voeten getreden. Dumoulin was de enige echte winnaar. Met die zekerheid indachtig zwegen we een tijdje.

Na een klein kwartier kwam de processie weer langs. 'Katang, katang, katang'. Voor het eerst kon ik Froome onderscheiden. Hij reed vlak langs me en keek me even aan alsof hij wilde zeggen: 'Geloof me nou maar, ik heb niets fout gedaan'.

De dag erna lunchten we in het restaurant van Claudio, ook een vriend. Hij oordeelde niet zo hard over Froome. De Brit was een groot kampioen. Dat dopingverhaal moest eerst nog eens bewezen worden. Ik wuifde het weg, maar ben het achteraf meer met hem eens dan ik toen dacht. Froome verdient ook mildheid en niet alleen principes van boven de Alpen. Of is dit de katholiek in mij die spreekt? Ik aarzel dit laatste op te schrijven, want ik hoor ze al schamperen in de kroegen en in de straten: 'Die katholieken toch, en hun geweten van elastiek'.

Even rekkelijk als een fietsband.

Columnist Stijn Fens schrijft over katholicisme. Lees al zijn columns terug in ons dossier. 

Deel dit artikel

Froome keek me even aan alsof hij wilde zeggen: 'Geloof me nou maar, ik heb niets fout gedaan'