CommentaarAnderhalve meter

Festivals moeten kleinschaliger, willen ze overleven. Wen er maar aan

Zo’n 60.000 bezoekers genoten vorig jaar in Biddinghuizen drie dagen lang van muziek, drank, sfeer en meer op Lowlands. Het festival met tickets à 210 euro was al maanden tevoren uitverkocht. Maar Lowlands kan, net als alle andere festivals en evenementen, dit jaar niet doorgaan, zo werd een paar weken geleden al duidelijk. Optimistisch melden enkele festivalorganisaties op hun websites dat de kaarten voor dit jaar in 2021 opnieuw geldig zijn en ze geven ook nieuwe geplande data. Maar het is zeer de vraag of er volgend jaar wel grote festivals zullen zijn.

Met de aankondiging van versoepeling van coronamaatregelen heeft het kabinet voor enkele sectoren, zoals onderwijs en horeca, duidelijkheid gegeven. Maar organisatoren van grote evenementen verkeren in steeds grotere onzekerheid. Festivals mogen doorgaan als er een vaccin is. Wanneer dat vaccin er zal zijn, is niet bekend. En als het er is, zou het zomaar kunnen dat er een variant van het coronavirus opduikt.

De evenementenbranche meldde vorige week dat de anderhalvemeternorm niet haalbaar en niet werkbaar is in deze sector. Stel dat die norm nog wel te organiseren zou zijn, dan nog staat het voort­bestaan van festivals op het spel. Evenementen als Lowlands, Down the Rabbit Hole, Festival Oude Muziek in Utrecht, of zelfs het bijna gratis buitentheaterfestival Deventer op Stelten kunnen niet bestaan met de financiële bijdrage van maar een kwart van de bezoekers, ondanks dat er ook andere inkomsten zijn, zoals subsidie. Hun bestaan hangt af van grote aantallen mensen die dicht op elkaar zitten en veel geld uitgegeven, ook aan horeca. 

Minder bezoekers, minder podia, minder gage voor artiesten, minder medewerkers

En inderdaad is het niet reëel om dan gedisciplineerd gedrag te verwachten. Grote evenementen hebben een lange voorbereidingstijd nodig, naast de zekerheid van inkomsten van sponsors, bijvoorbeeld het bedrijfsleven. Ook die zekerheid is weggevallen. Dat festivals hun kaarten volgend jaar geldig laten zijn, is dan ook niet alleen optimisme, maar ook een poging, tegen beter weten in, grote verliezen of zelfs faillissement te voorkomen.

De enige weg om festivals levensvatbaar te laten zijn, is kleinschaligheid. Niet terug naar zoals het begonnen is, want Woodstock telde in 1969 maar liefst 400.000 bezoekers, maar naar een andere opzet met een ander verdienmodel. Minder bezoekers, minder podia, minder gage voor de artiesten, minder medewerkers.

Veel festivals zullen niet overleven. De festivals die volgend jaar of het jaar erop nog wel bestaan, moeten uitgaan van kleinschaligheid. Dit deel van de culturele sector zal, gedwongen door het coronavirus, een gedaantewisseling ondergaan. Jammer, maar voorlopig moeten we het daarmee doen.

In het Commentaar leest u de mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden