ColumnIrene van Staveren

Erfpacht biedt steden een handig instrument om te verduurzamen en huizen betaalbaar te houden

Ik heb net met mijn man een huis buitenaf gekocht op erfpachtgrond. De grond behoort toe aan een stichting die als doel heeft het landschap te behouden en de natuur te beschermen. Ik ben het daar helemaal mee eens, dus vind ik het geen probleem dat de grond onder mijn huis niet van mij is. Toch heb ik daar ooit anders over gedacht.

Toen ik eind jaren negentig een nieuwbouwhuis in de stad kocht, stond dat ook op erfpachtgrond. Ik vond het vreemd dat wel het huis, maar niet de grond van mij was. Toen de gemeente Rotterdam na een aantal jaren besloot dat ze van het erfpachtsysteem af wilde, konden we de grond alsnog kopen, voor slechts 11.000 euro. Dat hebben we meteen gedaan. Het voelde logisch in de individualistische jaren negentig en het begin van het nieuwe millennium. Eigen baas op eigen grond. Zelfbeschikking en geen betuttelende regeltjes en onderworpen zijn aan de willekeur van de prijs van de jaarlijkse erfpachtcanon.

Dat ik er nu heel anders over denk, heeft twee redenen. De eerste noemde ik al: de duurzaamheidsdoelstellingen van de grondeigenaar van het landgoed waarop tientallen boerderijen staan. Ook al moet je aan een aantal regeltjes voldoen, zoals het snoeien van de heg op een bepaalde hoogte. Anderzijds mag je de kosten van de erfpacht – de jaarlijkse canon – fiscaal aftrekken. Dat is een leuk voordeel, maar wel heel raar als je het vergelijkt met huurders die de maandelijkse huur van hun woning niet fiscaal mogen aftrekken, ook niet het gedeelte dat betrekking heeft op de grond onder het huis.

De tweede reden waarom ik nu wel positief denk over erfpacht heeft te maken met de oververhitte woningmarkt. De hoge huizenprijzen, zowel voor koop als huur, hebben deels te maken met een ruimtetekort in ons dichtbevolkte land. Bouwgrond wordt schaars. Huizen kun je afbreken en opnieuw bouwen, maar de grond eronder niet.

De schaarste aan huizen is relatief, bij grond is die op zeker moment absoluut

Oftewel: aan huizen bestaat een relatieve schaarste, ook omdat je de hoogte in kunt bouwen, terwijl je bij grond uiteindelijk tegen absolute schaarste aanloopt, tenzij bestemmingsplannen zo worden aangepast dat landbouwgrond en natuur opgeofferd worden aan woningbouw. Maar daar is weinig politiek draagvlak voor. Zolang zowel huis als grond privé-eigendom zijn, kan er maximaal gespeculeerd worden. Geen van beide kent een rempedaal.

Ook wij hebben meer dan de vraagprijs betaald voor ons nieuwe stulpje, maar het was lang niet zo gek als in de Randstad. Of dat door de erfpachtgrond komt kan ik niet bewijzen. Maar zolang gemeenten en stichtingen de grond in eigen beheer houden, kunnen ze de grondprijs controleren en regels stellen.

Het is de vraag of erfpacht wel verder afgebouwd moet worden, want ze zou wellicht als rem kunnen fungeren op speculatie en woningen weer iets binnen bereik kunnen brengen van starters. Er kunnen zelfs stadstuinen ontwikkeld worden, met bewoners die korting krijgen op de canon als ze bijvoorbeeld een moestuin beheren.

Erfpacht in steden zou weleens een handig instrument kunnen blijken vanuit sociaal oogpunt en voor de broodnodige duurzaamheidsomslag. 

Irene van Staveren is hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de Erasmus Universiteit. Voor Trouw schrijft ze om de week een column over economie. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden