Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Er was wel geld voor Almere

Opinie

Jan de Vletter

Almere, met de Noorderplassen en het IJsselmeer. © ANP
opinie

Redmond O'Hanlon moet beter opletten op safari in Almere, meent Jan de Vletter, directeur van een woningcorporatie tussen 1980 en 2008. De stad is volgens hem mooi en ook zoals bedoeld.

Interviewer Sander Becker gaat op 'safari' in Almere met schrijver Redmond O'Hanlon die hier als writer in residence een tijd verblijft om er een boekje over te schrijven (de Verdieping, 2 maart). Al snel wordt echter de toon gezet voor een verhaal over Almere als lelijkste stad. 

Lees verder na de advertentie

Uit het verhaal blijkt niet dat Becker of O'Hanlon zich verdiept hebben in de achtergronden van het plan Almere. De basis van het plan van Almere komt voort uit de ideeën van Ebenezer Howard met zijn publicatie 'Garden Cities of To-Morrow' (1902). Deze landgenoot van O'Hanlon heeft een grote invloed gehad op de planvorming van Almere als tuinstad voor 125.000 tot 250.000 inwoners.

O'Hanlon stelt dat de ellende is begonnen met de architectuur van de eerste bouwprojecten. Maar er was in het begin helemaal niet te weinig geld.

De belangrijkste uitgangspunten zijn dan ook: een landschap maken waarin stedelijke kernen van verschillende aard en omvang worden gebouwd, zorgen dat iedereen dicht bij grote groengebieden woont, water in de stad brengen, prioriteit geven aan openbaar vervoer en fietsen. Die principes zijn op een eigentijdse wijze sinds midden jaren zeventig vormgegeven.

O'Hanlon stelt dat de ellende is begonnen met de architectuur van de eerste bouwprojecten. "Er was natuurlijk te weinig geld, maar daarom hoef je niet zo lelijk te bouwen." Maar er was in het begin helemaal niet te weinig geld. Vanuit de Rijksoverheid werd volop geld in de voorzieningen in Almere geïnvesteerd. In een heel vroeg stadium werden tal van stedelijke voorzieningen gebouwd. Toen er nog maar een paar duizend inwoners waren was er al een klein theater, een zwembad en een sporthal.

De woningbouw in de eerste vijftien jaar was voor het overgrote deel, op basis van het regeringsbeleid, bedoeld voor mensen uit Amsterdam met een bescheiden inkomen. Er moest 70 procent betaalbare sociale huurwoningen worden gerealiseerd, vooral om ruimte te bieden aan mensen uit de stadsvernieuwingsgebieden. Dat is op grote schaal gebeurd. Er moesten dus uitdrukkelijk sociale woningen met lage huren worden gebouwd, met beperkte budgetten. Maar er is vanaf het begin over het algemeen heel behoorlijke sociale woningbouw gerealiseerd, met veel verschillende woningtypes per project.

In de jaren tachtig, tijdens de crisis, was ook in de sociale woningbouw schraalhans keukenmeester. Vanaf 1990 was er meer ruimte om te kiezen voor kwaliteit en dat is ook volop gedaan.

Bijzondere architectuur

De gemeente heeft in 1990 en 1992 bijzondere architectuur zeer gestimuleerd in de nieuwe gebieden Muziek- en Filmwijk in Almere-Stad. Er is volop geëxperimenteerd. Projecten als de Fantasie, de Realiteit, de Eenvoud, de Toonladder, de Muzen, de Buitenkans, de Regenboogbuurt, de Eilandenbuurt, het Museumbos zijn van bijzondere kwaliteit. De ontwikkeling van de 'nederzettingen' Oosterwold en Nobelhorst is al in het eerste structuurplan (1978) voorzien.

De bomenkap aan de zuidkant van het Weerwater is bedoeld voor de Floriade 2022. Zoals bij alle groengebieden in Almere zijn er in het begin ook snelle groeiers geplant. Na een jaar of dertig worden de snelle groeiers gekapt en dan hou je het echte bos over met eiken en beuken. Bij het maken van de Floriade is niet de 'schuld van tientallen miljoenen' relevant. Waar het om gaat is: wat levert het op en kan de stad dat financieren. Het levert een bijzondere, duurzame wijk op, dus een aanvulling op de diversiteit van de stad.

Aan het slot van het artikel staat dat de schrijver O'Hanlon Almere zeker niet als mislukt of lelijk gaat afschilderen. "Almere toont ons wat we moeten doen om iedereen straks van voedsel en woonruimte te voorzien. Als je het zo bekijkt , is het de stad van de toekomst." Dus toch de Garden City of To-Morrow.

Deel dit artikel

O'Hanlon stelt dat de ellende is begonnen met de architectuur van de eerste bouwprojecten. Maar er was in het begin helemaal niet te weinig geld.