Beeld Trouw

Column Stevo Akkerman

Er is maar dát voor nodig om voor het kwaad te bezwijken

Gisteren kwam ik een foto tegen van een groepje mannen in militair uniform, elkaar groetend met een lichte buiging, een staand geweer in de hand. Een beeld dat overal ter wereld gemaakt had kunnen worden, op alle dagen van het jaar. Maar dit was Tokio, de 15de augustus, bij de herdenking van de Japanse overgave in 1945. En de lokatie was de Yasukuni-tempel, waar Japan zijn oorlogsdoden eert. 

Alsof je op 7 mei, de dag van de nazi-capitulatie, in hartje Berlijn Wehrmacht-uniformen voorbij zou zien komen – onbestaanbaar. Maar in Japan kijken ze anders terug op de oorlog. Premier Shinzo Abe liet gisteren een gift naar Yasukuni brengen, vergezeld van ‘dankbaarheid en respect voor de helden die hun leven gaven voor het vaderland’. Dat onder deze helden de nodige oorlogsmisdadigers waren, bleef onvermeld.

Lofzang

Ik was een paar jaar geleden in Yasukuni, en bezocht toen ook het museum dat verbonden is aan de tempel. Wat ik zag, was een grote lofzang op een oorlog waar geen reden voor was en een heiligverklaring van strijders die geen grenzen kenden. Er lag een afscheidsbrief van een kamikazepiloot aan zijn ouders: ‘Als u nu hier was, zou u mijn tranen van vreugde zien. Ik zal herboren worden als de kersenbloesem, zoals die bloeit op de berg bij ons huis. Bezoek me in Yasukuni. Ik zal daar op u wachten.’

Lees dat maar eens zonder dat de koude rillingen over je rug lopen, en zonder heel boos te worden. Maar op wie? Op die jongen? Op het systeem dat hem de dood instuurde, en via hem vele anderen? Op het Japan van nu dat nog steeds kersenbloesem wil zien waar distels groeien? Ja, op dat Japan in elk geval. En ook op het oorlogssysteem van toen. Maar over de piloot heb ik mijn twijfels.

Voor het kwaad bezwijken

Afgelopen week had de Belgische krant De Morgen een interview met de historicus Bruno De Wever, broer van de politicus, maar daar gaat het hier niet om. De Wever groeide op in een Vlaams-nationalistische milieu, wat heet: hij werd door zijn vader naar de meest extreem-rechtse jeugdbeweging gestuurd. “Ik ging met Duitse neonazi’s op kamp. Wij kwamen thuis en ontkenden de Holocaust.” Op de vraag wat hij gedaan zou hebben als hij tijdens de oorlog had geleefd, antwoordt hij onomwonden: “Geen enkele twijfel. Ik zou een oostfrontstrijder zijn geweest.”

Dit besef maakt hem als historicus ‘zeer bescheiden’, zegt De Wever, en ik zeg hem dat na. Niet met de bedoeling het kwaad van het nazisme te relativeren, of dat van het Japanse imperialisme. Maar om te begrijpen: er is maar dát voor nodig om voor het kwaad te bezwijken. Een wieg op de verkeerde plek kan al genoeg zijn.

Parel

Daarom vond ik het opiniestuk van Fumi Hoshino in de krant van gisteren een parel. Als Japanner voelt hij zich bedrogen, en terecht, door zijn ‘wrede voorvaders’ en door de huidige leiders ‘die doen alsof er niets is gebeurd’. Maar hij erkent ook: ik zou als soldaat even onmenselijk zijn geweest. Ik denk dat juist dat hem menselijk maakt. En waakzaam.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden