ColumnRomana Abels

Er is één minieme kans om Van Oldenbarnevelt te vinden

Zelf ben ik opgegroeid in Delft, waar Willem van Oranje werd vermoord. In het plaatselijk museum zit in een muur het gat waar de kogel was beland. Fascinerend.

Dus ik snap minister Ingrid van Engelshoven. Ik snap dat ze zegt: Johan van Oldenbarnevelt, dat was een superbelangrijke figuur voor onze geschiedenis. Als er ook maar een piepkleine kans is dat we zijn botten in een oude kelder van het Binnenhof nog kunnen vinden, laten we er dan naar op zoek gaan. Er wordt daar de komende jaren tóch verbouwd.

Het zou ook zo mooi zijn, nog een kistje in het Haags Historisch museum. Dat heeft al een prachtige houten doos met een glazen bovenkant met daarin de uitgerukte tong van Johannes de Witt en een van de afgesneden vingers van zijn broer Cornelis, de overblijfselen van een gruwelijk volksgericht in 1672.

Een onvergetelijke marteldood

Ieder jaar gaan er ongeveer 40.000 mensen naar kijken. Voor Haagse schoolkinderen is het een must. Die vergeten die gebroeders de Witt en hun marteldood nooit meer.

Daarnaast zou dan een doos kunnen staan met een stukje van Johan van Oldenbarnevelt, die kwam ook al zo akelig aan zijn eind. Dan zouden ze bij het Haags Historisch vertellen van zijn laatste woorden: Mannen, gelooft niet dat ik een landverrader ben, ik heb oprecht en vroom gehandeld, als een goede patriot. Ze zouden vertellen van zijn betrokkenheid bij de oprichting van de VOC en hoe we daar tegenwoordig over denken.

Maar Ingrid van Engelshoven weet dat dat kistje er nooit zal komen. Dat archeologen misschien wel botten zullen vinden, maar dat ze nooit zeker zullen weten van wie die ooit geweest zijn. Een rapport waarin dat staat stuurde ze naar de Tweede Kamer.

Vijf deskundigen onderzochten de kwestie uitvoerig. Hun conclusie: het zal bijna onmogelijk zijn om te ontdekken welke beenderen van de raadspensionaris van de Staten van Holland zijn. Er heeft zich sinds 1619 nogal wat afgespeeld op de plek waar hij begraven werd, de Hofkapel.

Eerst was er de brand van 1644. Toen grafruimingen: in 1678 en 1688 of later, toen de familie niet meer voor het graf betaalde. Er is eerder naar Van Oldenbarnevelt zijn overblijfselen gezocht, in 1770 en ook in 1879, vergeefs.

Een heilloze onderneming

Natuurlijk, inmiddels kunnen we meer. Koolstofdateren, DNA-onderzoek. Maar voor dat laatste heb je familie nodig, en die is er niet. Ik citeer dat rapport: ‘De personen die zeggen nazaten te zijn, hebben geen verwantschap met Johan van Oldenbarnevelt’.

Eén minieme kans is er: dat de archeologen daar twee nekwervels zullen vinden uit de juiste tijd, met ieder een beschadiging van een zwaard. Johan van Oldenbarnevelt had een zoon, Reinier, die vier jaar na hem ter dood werd veroordeeld. Hij werd op dezelfde plek begraven. Zij zullen hetzelfde DNA hebben.

Dat lukt natuurlijk nooit. Het is een heilloze onderneming, die opgraving, maar ik hoop dat ze hem integraal zullen uitzenden. 

Buitenlandredacteur Romana Abels vervangt Sylvain Ephimenco, die met vakantie is. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden