Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Er is een debat nodig over de waarde van het leven, ook het ongeboren leven

Opinie

Carla Dik-Faber

Carla Dik-Faber. © ANP
Opinie

De registratie van een kind na abortus laat zien dat een maatschappelijke discussie nodig is over de vraag wanneer je mens bent, aldus ChristenUnie-kamerlid Carla Dik-Faber.

Sinds kort is het mogelijk om een levenloos geboren kind in te schrijven in de gemeentelijke basisadministratie. Ik kan me voorstellen hoe betekenisvol dit is voor ouders die het bestaan van hun kind een plek in hun leven willen geven. Deze mogelijkheid staat ook open voor ouders die zich genoodzaakt voelden de zwangerschap te beëindigen via een abortus. In ieder geval één moeder heeft hiervoor gekozen.

Lees verder na de advertentie
De overheid geeft te­gen­over­ge­stel­de signalen af ten aanzien van de waarde en de rechten van het ongeboren leven

Door deze gemeentelijke registratie wordt het kind ook door de overheid ­erkend als mens dat bestaan heeft. Heel anders staat de situatie van het kind omschreven in de abortuswetgeving. Deze uiteenlopende signalen van de overheid vragen om een maatschappelijke dialoog over de vraag wanneer je mens bent, welke rechten je hebt en wanneer die door de overheid erkend moeten worden.

Leed verzacht

De wijziging van de Wet basisregistratie personen is voor een belangrijk deel ingegeven door de wens van ouders dat het bestaan van ieder kind door de overheid erkend wordt, ook als kinderen na een – al dan niet voldragen – zwangerschap levenloos ter wereld zijn gekomen. Elk jaar zijn er ongeveer 20.000 miskramen in Nederland. Daar gaat een wereld van verdriet achter schuil.

Met het wetsvoorstel zegt de overheid ­samen met de ouders dat al het leven een naam mag hebben, ook al voor de geboorte. De wet kent geen leeftijdsgrens. Of het kindje nu na acht weken of acht maanden zwangerschap ter wereld is gekomen, registratie is mogelijk. Deze wetswijziging heeft voor ouders een grote persoonlijke en emotionele lading.

Het is veelzeggend dat beide Kamers unaniem hebben ingestemd met het wetsvoorstel. Dat sinds februari al 5.000 levenloos geboren kinderen zijn geregistreerd, laat zien dat de wet voorziet in een grote behoefte. Hopelijk kan het leed van ouders hiermee een beetje verzacht worden.

Ongemakkelijk

De mogelijkheid om een levenloos ­geboren kind ook in het geval van een abortus in te schrijven in de gemeentelijke basisadministratie, past volgens mij binnen de grenzen van de nieuwe wetgeving. Het kan waardevol zijn voor ouders en een belangrijke bijdrage ­leveren aan de verwerking na een abortus. Tegelijkertijd denk ik dat weinig mensen voorzien hebben dat ook vrouwen die hebben gekozen voor een abortus van deze mogelijkheid gebruikmaken.

Dat zij dit nu wel doen, laat duidelijk zien waar het ongemakkelijk wordt. De overheid geeft namelijk tegenovergestelde signalen af ten aanzien van de waarde en de rechten van het ongeboren leven. Enerzijds is het in ons land mogelijk om een zwangerschap tot 24 weken te beëindigen. Anderzijds is nu wettelijk mogelijk gemaakt dat bijvoorbeeld een 12 weken oude foetus wordt erkend als levenloos geboren kind en een naam krijgt.

Wat mij betreft heeft al het leven ­intrinsieke waarde, ook het ongeboren leven. Over dit uitgangspunt ga ik graag het gesprek aan. Want het fundamenteel opnieuw doordenken van het prilste begin van een mensenleven is ­gewenst, nu de samenleving zo breed de waarde van het leven voor de ­geboorte erkent in de nieuwe wet.

Wanneer ontstaat leven? Is een kind pas een kind als de ouders dat zo vinden of is er altijd een intrinsieke waarde? Wanneer ben je mens? Welke rechten heb je dan en hoe kan de overheid die rechten beschermen?

Dat zijn geen gemakkelijke vragen, maar het zijn wel de vragen waarover we nu met elkaar moeten nadenken.

Lees ook:

Het wringt dat je een geaborteerde foetus mag registreren als doodgeboren kind

Het gebied waar leven en dood elkaar raken is niet alleen schemerig, maar soms ook onherbergzaam. Onbestaanbaar zelfs. Er gebeuren daar dingen die elkaar zouden moeten uitsluiten en dat gewoon niet doen. 

Ook mijn doodgeboren dochter hoort erbij en heeft bestaansrecht

De tranen kwamen pas toen ik het polsbandje zag dat ze had gedragen in het ziekenhuis. De dagen daarvoor hadden in het teken van handelen gestaan. Nadat de woorden van de arts - ‘triploïdie’, ‘chromosoomafwijking’, ‘niet verenigbaar met het leven’ - tegen de wanden van de echokamer waren gekaatst, moesten mijn man en ik allerlei beslissingen te nemen.

Deel dit artikel

De overheid geeft te­gen­over­ge­stel­de signalen af ten aanzien van de waarde en de rechten van het ongeboren leven