null Beeld Trouw
Beeld Trouw

ColumnNelleke Noordervliet

Er heerst niet zozeer onderling vertrouwen als wel omerta

Heus, Annemarie Jorritsma en Kajsa Ollongren zijn integere vrouwen. Had je hun een maand geleden onder vier ogen gevraagd naar het belang van eerlijkheid, de rechtsstaat, de verantwoordelijkheid van de macht, de taak van de Tweede Kamer en noem maar op, er zouden twee vrouwen van ­stavast om beurten tegenover je hebben gezeten, het vertrouwen meer dan waard.

Eenzelfde vraag naar moti­vatie en integriteit kun je in een persoonlijk gesprek stellen aan mannen in het old boys network, kaderleden van de SP, bestuurders van Ajax, de moeders in de oudercommissie van de school van je kinderen, de mannen van de kerkenraad, de leiders van ­actiegroepen, aan iedereen die op wat voor niveau en voor welke vereniging dan ook een bestuurstaak(je) heeft. Allemaal goudeerlijk en gedreven door de hoogste sentimenten.

Maar wat gebeurt er als twee of meer van deze individuen in functie bij elkaar zijn? Wat gebeurt er als zij zich langere tijd in de bestuurlijke sfeer bevinden? Er vindt een geleidelijke erosie plaats van de noodzakelijke bescheidenheid en moraliteit waarmee een individu een min of meer machtige functie hoort te aanvaarden.

Het gevoel van superioriteit en onaantastbaarheid

Het is niet zozeer de macht zelf die een beetje dronken maakt (dat natuurlijk ook), het is het gevoel van superioriteit en onaantastbaarheid dat de groep van ingewijden biedt, het is de overtuiging dat de omgangs­vormen in de groep moreel juist zijn, omdat de leden van de groep ­moreel hoogstaande mensen zijn, net als jij. De besluiten in de groep genomen zijn onvermijdelijk integere besluiten omdat je zelf integer bent.

Het is een delicaat evenwicht. Er kan weleens per ongeluk een verkeerde keuze zijn gemaakt voor een lid van een groep, of een van de leden ontpopt zich als dissident of tiran of graaier of als leugenaar, al is dat alleen erg als het naar buiten komt. Binnen de groep kan alles worden gezegd. Alles blijft binnen. Er heerst niet zozeer onderling vertrouwen als wel omerta, net als bij de maffia. Alleen resultaten worden met de buitenwereld gedeeld. Om dat te stroomlijnen worden er afspraken gemaakt over openheid en transparantie. Als je alleen al die woorden gebruikt is het goed. Er hoeft niet daadwerkelijk tot transparantie te worden over­gegaan. Dat weet iedereen. Zelfs de buitenwereld slikt dat. Er is een cynische consensus.

Maar kijk, daar hebben we het toeval, of goede onderzoeksjournalistiek. Of, en dat is het meest precaire: de taakopvatting van een van de eigen mensen, die openlijk vragen stelt bij de regels en de praktijk. Daar was niet op gerekend. De groep loopt gevaar. Naarmate een groep machtiger is, wordt de ontreddering door ‘verraad’ of toeval groter. Dat zagen we. Het debacle van de zichtbare aantekeningen is meer dan een ongelukje. De macht toont zijn vuile handen.

Mijn punt is niet dat het is ­gebeurd, mijn punt is dat het ­altijd gebeurt, in iedere beroeps- of belangengroep.

Wie we zien is niet altijd wie we zijn

Binnen de veiligheid van de groep kun je roddelen wat je wilt, is het heel normaal om functies elders te zoeken voor lastige mensen, commentaar te leveren op het gedrag van afwezige collega’s, waarschuwingen af te geven, jezelf een strijder voor recht en waarheid te vinden. Zo worden binnen de appgroep van bepaalde politiemensen racistische opmerkingen gemaakt. Zo vliegen ­binnen een vriendengroep na ­inname van wat bier seksistische of racistische grappen rond of ­denigrerende kwalificaties als ‘tokkies’ of ‘dor hout’.

Is die bescherming van de groep een onvermijdelijk onderdeel van onze hypocriete moraal? Of is het niet zo wijdverbreid als ik denk? Is het een slechte ­gewoonte van sommigen, waarover we de schouders moeten ­ophalen?

Het kan geen kwaad af en toe in de spiegel te kijken. Wie we zien is niet altijd wie we zijn. Er zijn mensen die dan moeten erkennen: ik ben er zo een. Ik denk dat ik over water kan lopen. Ik doe of ik een slecht geheugen heb. Ik maak de waarheid ondergeschikt aan mijn behoefte aan macht.

Intussen ben ik benieuwd waar Pieter Omtzigt over een jaar of drie is. Of waar Rutte over een maand is. Misschien wordt het tijd. Functie elders ...

Nelleke Noordervliet

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelles en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden