Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Emancipatie bevorderen door sociale normen te stellen - dat gaat niet, minister

Opinie

Pieter Jan Dijkman

Drukte in het Vondelpark. © ANP
Politiek Forum

Het emancipatiebeleid van het kabinet is zo sturend, vindt directeur Pieter Jan Dijkman van het wetenschappelijk bureau van het CDA, dat de diversiteit en de vrijheid die het nastreeft kunnen omslaan in het tegendeel: minder ruimte voor individuen om te zijn wie ze zijn.

Minister Ingrid van Engelshoven (D66) kwam op een vrijdagmiddag na afloop van de ministerraad met haar mannelijke woordvoerder naar buiten gewandeld. Buiten stond een schoolklas. De kinderen stoven op haar woordvoerder af. "Van welk ministerie bent u minister?", vroegen ze hem.

Lees verder na de advertentie

Kijk aan, er is nog een wereld te winnen, moet de bewindsvrouw hebben gedacht. Al die tere kinderzieltjes die met traditionele rolpatronen worden opgevoed en die instinctief denken dat een minister een man is – dat moet anders. 

En dat blijkt. Onlangs bracht Van Engelshoven haar emancipatienota uit. Het stuk bevat een reeks aan ronkende maatregelen om nu eindelijk eens werk te maken van de emancipatie van kwetsbare mannen, vrouwen, lesbische, homoseksuele, transgender, biseksuele en interseksuele mensen.

Een ministerie monitort niet om enkel de werkelijkheid te kunnen beschrijven, maar vooral om die te kunnen beïnvloeden

Bezorger van goede zeden

Emancipatie is een belangrijke aangelegenheid. Zo belangrijk dat ze niet alleen aan een overheid mag worden overgelaten. De vraag is of het beleid dat de minister wenst te voeren niet averechtse effecten sorteert. Wie de emancipatienota leest, constateert al snel dat het om een overheidgestuurde emancipatie van het individu gaat. Dat roept drie vragen op.

In de eerste plaats de vraag naar de rol van de overheid. Minister Van Engelshoven wil voortdurend bovenlangs gaan. Dat wil zeggen dat de overheid nadrukkelijk sturend aanwezig is. Zo gaat de bewindsvrouw stereotyperingen in lesmaterialen van scholen bespreken met uitgevers en de onderwijssector. Ze wil afrekenen met gendervooroordelen bij studiekeuzes van jongeren. Ze neemt maatregelen voor meer vrouwen in de top van het bedrijfsleven. En een van de opvallendste voornemens is het monitoren van media of ze wel voldoende vrouwen en lhtbi-personen aan het woord laten. 

Het verweer van de minister dat ze slechts wil monitoren om het debat op basis van feiten te kunnen voeren, klinkt nogal zwakjes. Een ministerie gaat niet monitoren om enkel de werkelijkheid te kunnen beschrijven, dat doet het natuurlijk vooral om de werkelijkheid te kunnen beïnvloeden.

Het punt is dat de overheid moeilijk belast kan worden met de rol van zingever. Staat en wet zijn primair uitgevonden om het kwaad te beteugelen. Wie de overheid ziet als een bezorger van goede zeden, levert zich geheel uit aan die overheid. De vraag is dan ook niet hoe de overheid de samenleving moreel kan vormen, maar hoe ze de samenleving kan dienen zodat die samenleving zichzelf moreel kan vormen.

In de klassieke betekenis is vrijheid niet zozeer gericht op het individu, maar op de gemeenschap, op een gezamenlijke zoektocht naar het goede leven

Gewoon jezelf zijn

In de tweede plaats roept de emancipatienota de vraag op naar het mensbeeld van Van Engelshoven. Haar mensbeeld lijkt tamelijk individualistisch van aard te zijn. Dat blijkt uit het centrale principe voor het emancipatiebeleid zoals ze dat in haar nota verwoordt: leidend is 'dat alle burgers hun leven moeten kunnen inrichten zoals zij dat willen'. Gewoon zijn wie je bent – zie daar de visie van de minister op wat goed leven is. 

Het doet denken aan de verkiezingsslogan 'Gewoon jezelf kunnen zijn' van de jonge VVD-lijsttrekker Ed Nijpels in 1982. In die gedachtegang gaat het individu vooraf aan de gemeenschap en is de gemeenschap er slechts ten behoeve van de ontplooiing van het individu. Maar de werkelijkheid is natuurlijk dat mensen vanaf het vroegste begin van hun leven gericht zijn op anderen en met anderen de werkelijkheid vorm willen geven.

Dat individualistische mensbeeld blijkt ook uit de wijze waarop de minister een begrip als vrijheid invult. In de emancipatienota hanteert ze het in combinatie met zinsneden als individuele keuzevrijheid en de mogelijkheid 'om je eigen leven' vorm te geven. Maar in de klassieke betekenis is vrijheid niet zozeer gericht op het individu, maar op de gemeenschap: bij vrijheid gaat het om een gezamenlijke zoektocht naar het goede leven.

Nu staat het een ieder vrij een bepaald mensbeeld te hanteren. Maar in de politiek heeft het mensbeeld doorgaans implicaties voor het voorgestelde beleid. Het maakt voor het beleid immers nogal uit of een minister de mens beschouwt als een slachtoffer dat door de overheid moet worden beschermd, of dat hij of zij de mens ziet als een verantwoordelijk wezen. Het maakt nogal uit of hij of zij de mens ziet als een zelfsturend, autonoom, individualistisch wezen of als een relationeel wezen. 

Als het emancipatiebeleid van minister Van Engelshoven zozeer gericht is op individualisering, valt het op zichzelf te begrijpen dat ze minder aandacht heeft voor het primaat van de samenleving.

Niet per decreet

Dat roept, in de derde plaats, de vraag op wat emancipatie volgens het kabinet is. Voor Van Engelshoven is emancipatie vooral een beleidsinstrument waarmee burgers bij de tijd moeten worden gebracht. Maar moet emancipatie niet veelmeer worden beschouwd als een maatschappelijk proces?

Emancipatie komt niet per decreet tot stand. Emancipatie komt niet tot stand doordat de overheid een samenleving dwingt te doen wat die overheid als normaal beschouwt. Dan zal al snel een emancipatieparadox ontstaan: een overheid die in naam van de gewenste individualiteit en diversiteit vrijmoedig culturele normen vaststelt, beperkt in feite de ruimte voor individualiteit en diversiteit. Want zodra emancipatie verwordt van een maatschappelijk proces tot een staatsideologie, ontstaat er niet meer, maar minder diversiteit.

Wel bekommernis om meer vrouwen in de boardroom van een bedrijf, maar geen oog voor de salariëring van de conciërge of de positie van religieuze minderheden. Wel proberen meer lhtbi’ers in tv-programma’s te krijgen, maar niets willen doen aan de onrechtvaardige belastingkloof tussen eenverdieners en tweeverdieners. Het is de liberale elite-emancipatie die uiteindelijk niet de diversiteit, maar de eenvormigheid bevordert.

Oefening in vreedzaam samenleven

Een beetje minder overheidssturing en een beetje meer vertrouwen in het morele weefsel van een samenleving, zou welkom zijn. Dat wil niet zeggen dat emancipatiebeleid van overheidswege dan maar geheel moet worden afgeschaft. Integendeel. Maar een perspectiefwisseling is wenselijk, juist om de diversiteit beter te kunnen waarborgen.

Het gesprek openen, is het enige alternatief. Ook dat zou de inzet van emancipatiebeleid kunnen zijn. Het verplaatsen in de ander, vooronderstellingen blootleggen, luisteren: zo is emancipatie vooral wat het behoort te zijn: een maatschappelijk proces en een oefening in het goed en vreedzaam samenleven.

Voor het Politiek Forum schrijft een directeur van het wetenschappelijke bureau van VVD, D66, CDA of ChristenUnie wekelijks een column waarin de ideologische, dan wel wereldbeschouwelijke achtergrond van politieke stellingnames wordt verkend.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

Een ministerie monitort niet om enkel de werkelijkheid te kunnen beschrijven, maar vooral om die te kunnen beïnvloeden

In de klassieke betekenis is vrijheid niet zozeer gericht op het individu, maar op de gemeenschap, op een gezamenlijke zoektocht naar het goede leven