OpinieVoltooid leven

Een tijdje geen levenslust? Gaat vast wel weer over

Wie zegt dat het leven voltooid is, wil niet echt dood. Dat laat corona zien, schrijft Peter van Rijn, met ervaring als huisarts.

“Een tijd geen levenslust hebben heet nu voltooid leven”, stelde Brecht ­Molenaar, geestelijk ­verzorger en humanistisch raadsvrouw in een verzorgingshuis, als reactie op het wetsontwerp van D66 (Opinie, 27 juli). In deze ­coronacrisis, die ons écht bedreigt en ­dagelijks confronteert met het nare karakter van de dood, is het ­interessant om eens te kijken wat ­er nog over is van een totaal tegenovergestelde benadering van de dood.

Terwijl onze gezondheidszorg nog moet bijkomen van de enorme inspanningen dit voorjaar om met man en macht de dood te bestrijden, en ondertussen vreest voor een nieuwe golf coronabesmettingen, gaan onze gedachten toch ook uit naar hen die in deze hectiek dreigen te worden vergeten.

Heel paradoxaal doel ik hier op díé mensen die hun leven voltooid achten. Ze zijn niet ziek en voelen zich psychisch gezond. Zij zeggen geen levenslust meer te hebben en gaan gebukt onder de door Freud ­beschreven, bij ieder van ons aanwezige doodsdrift. Een drift die niet beïnvloedbaar is en niet in dienst van het leven staat, maar die ons volgens Freud ook niet actief naar de dood voert.

Het is een inertie, een passieve ledigheid, die weliswaar het leven met grote kracht teneerdrukt, maar die de dood slechts op een uitputtende manier uiterst langzaam naderbij brengt. De dood ligt namelijk niet in de toekomst besloten, maar gaat aan het leven vooraf en werkt het leven tegen.

Wanneer we in het leven moeten loslaten wat we lief hebben komt er zogeheten libido vrij, dat geen streven naar lust inhoudt ,maar het vermijden van onlust.

Staan zij vrijmoedig hun ic-bed af?

Een tijdje geen levenslust meer ­hebben heet nu dan voltooid leven. In toenemende mate hebben ­mensen het recht opgeëist zelf te bepalen hoe en wanneer zij willen sterven. Van een niet – onnodig – ­behandelenverklaring tot een ­niet-meer- reanimeren-penning. Van een ­verzoek om euthanasie uit vrije wil en onder wilsbekwaamheid tot euthanasie bij wilsonbekwaamheid.

En nu dan ook tot beëindigen van een voltooid leven, omdat daaraan te lijden tot onlust leidt, waarvoor er voor deze groep mensen blijkbaar maar één oplossing is – en dat is de dood.

Volgens de euthanasiewet mag euthanasie of hulp bij zelfdoding uitsluitend door een arts worden toegepast. Maar omdat zij geen patiënt zijn, is dit geen zaak voor een arts. De vraag is nu hoe deze mensen reageren op een mogelijk dodelijke coronabesmetting waardoor ze ineens wél patiënt worden.

Zien zij deze dan als een deus ex machina om hun doel te bereiken? Staan zij daarom vrijmoedig hun ic-bed af aan een naaste wiens leven nog niet is voltooid? En accepteren zij dankbaar de morfine die hen van hun voltooid leven verlost?

Theatrale sterfbedscène

Neen, want er bestaat ook nog zoiets als levensdrift. En als die ­onder druk komt te staan, wint deze het van hun doodsdrift. Daardoor realiseren zij zich wellicht nu pas hoe decadent hun gedrag was. Door vanuit hun welvaartspositie, zich beroepend op afgebouwde werkzaamheden, achter hen liggende ­familiebanden of ­ afgesloten relaties hun leven als voltooid te beschouwen.

Nu ze worden geconfronteerd met een échte doodsdreiging blijkt deze heel wat anders dan een door hen te regisseren theatrale sterfbedscène.

Laten we hopen dat zij door deze confrontatie met de keiharde werkelijkheid genezen zullen zijn van hun tegennatuurlijk lemmingengedrag. Want onder druk maakt onze ­darwinistische overlevingsdrang nu eenmaal korte metten met defaitistische trekken die onze soort in ­essentie aantasten.

Een tijdje geen levenslust? Gaat vast wel weer over.

Lees ook:

Een tijd geen levenslust hebben heet nu ‘voltooid leven’

De coronacrisis heeft blootgelegd hoe levenslust gedempt  wordt. Daarom is Brecht Molenaar, geestelijk verzorger/humanistisch raadsvrouw in een verpleeghuis, kritisch op het wetsontwerp van D66.  

Ze had voltooid leven al jaren eerder moeten regelen, vindt Pia Dijkstra (D66)

Het werk van de 150 Tweede Kamerleden gaat de laatste fase in voor de verkiezingen van maart 2021. Wie van hen vallen op? Trouw sprak deze zomer met volksvertegenwoordigers, die eruit springen door spitwerk, hun uitspraken of eigen wetgeving. Deze week: Pia Dijkstra van D66. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden