Beeld TRBEELD

Klein Verslag

Een ridderorde van 800 jaar oud, alleen voor mannen

Het is een klein naamplaatje op de buitenmuur van het Duitse Huis in Utrecht: R.D.O. Balije van Utrecht. Weinigen zullen beseffen dat achter deze mysterieuze aanduiding een acht eeuwen oud charitatief fonds schuilgaat, dat jaarlijks één miljoen euro doneert in het sociale domein.

Ridderlijke Duitsche Orde betekent die afkorting, en balije is een oud woord voor provincie van een Ridderorde. Reden voor ons bezoek is de aanstaande pensionering van RDO-secretaris mr. Jan Cees van Hasselt. Niet zomaar een secretaris. "Hij heeft ons bij de tijd gebracht", zegt baron Bernard van Verschuer, coadjutor (vicevoorzitter) van de protestantse Ridderorde.

In de prachtige ontvangstzaal - anno 1450 - met draperieën en kristallen kroonluchter, vertelt Van Hasselt: "Het was niet mijn doel om op de winkel te passen. De luiken openen is onderdeel geworden van ons bestaan. En terecht. We zijn een relevante aanvulling op sociale zekerheid en een middelgrote speler in de charitas."

Geld uit grondbezit

Tijdens Van Hasselts zestienjarige dienstverband trad de Ridderorde naar buiten met een documentaire, een expositie, en een dissertatie over de portretten in het Duitse Huis. Organisatorisch was uitbreiding van het aantal Stichtingen Urgente Noden het belangrijkst. "Vroeger verdeelden we zelf onze giften. Nu loopt dat via die stichtingen, die wij financieel voeden."

De gelden komen uit de circa 1300 hectare agrarische grond die de Orde in Nederland bezit. De goede doelen variëren, maar liggen altijd in een van de voormalige commanderijen van de Orde. Dat is weer zo'n prachtig oud woord, commanderij, en het staat voor vroegere nederzetting, bijvoorbeeld Doesburg, Leiden en Tiel.

"Het mooiste project? Wel, laat ik de subsidiëring van de buurtwinkel in Oudeschoot noemen, waar mensen met een verstandelijke beperking werken. Of Singelzicht, hier in Utrecht, een opvang van zwerfjongeren.

Naast sociale doelen doneert de Orde voor conservering van cultuurhistorisch erfgoed, zoals recent de muur- en plafondschilderingen in de Martinikerk in Doesburg. En zo groeide een Ridderorde, die in 1231 in Nederland begon als organisator van kruistochten, uit tot een groot netwerk van liefdadigheid en cultuur. "Dankzij zorgvuldig vermogensbeheer hebben we een horizon van eeuwen", zegt Van Hasselt.

Louter protestantse edelmannen

Nog altijd is het ledenbestand samengesteld uit louter protestantse edelmannen. "Tot 2006 moest een lid vier adellijke grootouders hebben. Sinds de statutenwijziging van dat jaar hoeven 'alleen' beide ouders nog van adel te zijn, waarbij de vaderlijke lijn moet dateren van voor de Franse overheersing van 1795. Oude adel, jazeker, we zijn nog steeds een zeer select gezelschap." En vrouwen? "Ook daarover is rond 2006 intensief gesproken, maar besloten is een mannelijke Ridderorde te blijven."

Zelf is Van Hasselt niet van adel, maar hij kent het aristocratische milieu vanuit zijn familie. Glimlachend: "Ik word niet nerveus van een graaf of baron, heel gewone mensen."

En nu dus pensioen, per 1 juli. "Ik ben het bestuur dankbaar voor alle ruimte die het mij heeft gegeven. We zijn nu een charitatief vermogensfonds met een rijk verleden, in die volgorde. Ik voel ook weemoed. Werken voor de Ridderorde was een feest."

Lees hier meer bijdragen van Willem Pekelder en Wim Boevink in de rubriek Klein Verslag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden