Opinie

Een patiënt is geen klant

Beeld ANP

De term ‘cliënt’ suggereert een economische verhouding tussen arts en patiënt, en dat klopt niet, schrijft huisarts Nelleke van Eijsden.

Holkje van der Veer pleit voor een opleiding tot patiënt, om zich staande te kunnen houden tegenover de dokter en het ziekenhuissysteem (Trouw, 11 juni). Ze spreekt liever over ‘cliënt’ in plaats van ‘patiënt’. ‘Patiënt’ suggereert machtsongelijkheid, een ‘cliënt’ is vrij om te kiezen.

Gelijk heeft ze. Het beeld van de dokter die precies vertelt waar het aan mankeert en de patïent die dit met heilig ontzag aanhoort en geduldig afwacht tot hij beter is, proberen we al decennia achter ons te laten. Een goed gesprek tussen arts en patiënt is een ontmoeting. De patiënt moet behandeld worden als mens met een ziekte. En de dokter kan tegemoet getreden worden als een mens met kennis en vaardigheden die iets kunnen betekenen voor de mens met een ziekte.

En daar gaat het mis met het woord ‘cliënt’. Een cliënt is een klant en die is koning. Het woord introduceert een nieuwe machtsongelijkheid. De ‘cliënt’ wil helemaal geen gesprek van mens tot mens met zijn dokter. De ‘cliënt’ wenst een dokter die alles kan, alles weet, die alle tijd voor hem neemt en geen fouten maakt. Een dokter als een marionet aan een touwtje in zijn handen. Daar bungelt de dokter tussen de eisende cliënt, die verwacht dat de dokter zijn dossier van buiten kent, en de zorg-economie, die eist dat hij efficiënter werkt. Tussen de cliënt die een klacht indient als hij niet op tijd geholpen wordt en het systeem dat meer productiviteit eist.

De dokter serieus nemen

Als zieke mensen niet willen dat hun ziekte hun identiteit bepaalt, hebben ze daar groot gelijk in. Maar dan zul je ook de dokter serieus moeten nemen als mens (met een kind dat hem vannacht wakker gehouden heeft, of zorgen, of misschien zelf een ziekte) en geen bovenmenselijke eisen aan hem stellen. In dat gesprek tussen dokter en patiënt, past dan toch dat woord ‘patiënt’. Het is een gesprek waarin wij geduldig elkaars menselijke tekortkomingen verdragen.

Als huisarts betrap ik me er soms op dat ik voor de patiënt uitloop. Daar excuseer ik me dan voor. Niet mijn voeten rennen, maar mijn hoofd. Al die vragen die nog wachten als deze patiënt weer vertrokken is.De mondige patiënt kan het beter bij zichzelf houden en gewoon zeggen: ‘Niet zo snel hoor, zo hou ik u niet bij.’ En probeer eens te bedenken wat er met het consult gebeurt als de patiënt als eerste zegt: ‘Je hebt het druk hè, gaat het wel?’

Lees ook:

‘Patiënten moeten artsen vertellen wat ze wel en niet willen: daar wordt iedereen beter van’

Als patiënten mondiger en sociaal vaardiger worden, kunnen ze zich met overtuiging als cliënt gedragen, betoogt schrijfster zuster Holkje van der Veer. Dat betekent: artsen vertellen wat ze willen en niet willen. Daar wordt iedereen beter van.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden