null

OpinieOverheid en digitalisering

Een nieuwe Haagse bestuurscultuur vereist een nieuwe datacultuur

De overheid zal anders moeten omgaan met het gebruik van data en algoritmes. Anders komt de gewenste nieuwe verhouding met burgers niet van de grond, stelt Kees Verhoeven, oud-Kamerlid en eigenaar van Bureau Digitale Zaken.

Kees Verhoeven

Steeds meer onderdelen van het komende regeerakkoord lekken uit, maar nog vaag zijn de contouren van de vaak gepredikte nieuwe bestuurscultuur. Wat daadwerkelijk gaat veranderen in de verhouding tussen overheid en burger is allerminst duidelijk.

Een cruciaal onderdeel blijft volledig onderbelicht: de wijze waarop de overheid gebruikmaakt van data en de gevolgen voor burgers. Sinds het begin van deze digitale eeuw zetten ministeries, uitvoeringsinstanties en gemeenten big data in om hun beleidsdoelen te realiseren. Dat leidde onder meer tot de ‘sleepwet’ en de ‘hackwet’ met ingrijpende bevoegdheden bij de bestrijding van terrorisme en criminaliteit. Het leidde ook tot een keiharde fraudeaanpak via zwarte lijsten bij de Belastingdienst en het discriminerende Systeem Risico Indicatie (Syri), dat door de rechter verboden werd. En tot een wildgroei aan sensoren, gezichtsherkenningscamera’s en ­algoritmes in smart city’s om bijvoorbeeld woninginbraken en school­­­verlaters beter te voorspellen.

Doorgeslagen inzet

De intentie is doorgaans goed; met een overheid die narigheid probeert te voorkomen is op zich niets mis. Maar steeds opnieuw blijkt dat een doorgeslagen inzet van datasets en analysetools negatieve gevolgen heeft. Hoewel de toeslagenaffaire ons collectief met de neus op de feiten heeft gedrukt, blijft digitalisering een blinde vlek voor zowel politici als ambtenaren. Dit blijkt uit twee ontwikkelingen.

Zo blijft het (demissionaire) kabinet wetsvoorstellen indienen die niet passen binnen internationale wetgeving en onze democratische rechtsstaat. Een uiterst zorgelijk voorbeeld is de Wet Gegevensverwerking Samenwerkingsverbanden (WGS) die het mogelijk maakt dat overheidsorganisaties op grote schaal datasets gaan delen en verwerken om zo dieper onder de huid te kruipen van onschuldige burgers. Een ander voorbeeld is het wetsvoorstel dat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) de mogelijkheid biedt om als een soort tweede inlichtingendienst informatie te verzamelen. Beide voorstellen voldoen niet aan het principe dat iemand bij voorbaat onschuldig is (onschuldpresumptie) en dat een middel zo beperkt mogelijk moet zijn (proportionaliteit en dataminimalisatie). Daarbij stelde de Autoriteit Persoonsgegevens vast dat de voorstellen ernstig schuren met de Europese privacywet.

Overheidsinstanties overtreden herhaaldelijk de wet. Zo werd vorig jaar bekend dat het leger sinds de uitbraak van het coronavirus grote hoeveelheden gegevens over de samenleving verzamelde via een speciaal opgetuigde data-unit. Defensieminister Bijleveld moest toegeven dat een wettelijk mandaat ontbrak. Veel gemeenten bleken hun inwoners te bespioneren via nepaccounts op sociale media. En onderzoeken van onder andere burgerrechtenorganisaties toonden aan dat ook de Belastingdienst, de veiligheidsdiensten en de nationale politie data op onwettige wijze inzetten.

De rampzalige datawet WGS intrekken

Wat is er nodig? Ten eerste: een cultuur waarin data het verlengstuk worden van vertrouwen in plaats van wantrouwen. Zet data en algoritmes niet in om burgers verdacht te maken maar om ze verder te helpen. De formerende partijen kunnen een daad stellen door de rampzalige datawet WGS in te trekken.

Ten tweede: inzicht in de maatschappelijke impact van digitale technologie. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid noemt kunstmatige intelligentie ‘de nieuwe systeemtechnologie’ maar menig bestuurder, parlemen­tariër en ambtenaar heeft geen idee van de schaal, snelheid en potentiële schade. Tot slot: de datamacht van de overheid vereist serieuze tegenmacht van Kamerleden, toezichthouders en rechters die de totstandkoming én uitvoering van data­­gerichte wetgeving actiever begrenzen.

Zonder deze stappen richting een rechtstatelijke datacultuur is een betere bestuurscultuur een ­illusie.

Lees ook:

Toezichthouder waarschuwt: Overheid wil in nieuwe wet te veel gegevens met te veel instanties delen

De plannen van de overheid om het delen van gegevens van burgers met meer instanties makkelijker te maken, kunnen te ver gaan. De toezichthouder voor privacy, de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), waarschuwt daarom de Eerste Kamer deze wet niet aan te nemen.

Kabinet mist regie over digitalisering. Kies daarom voor breed overleg à la SER

Digitalisering raakt direct aan onze privacy en veiligheid. Waarom wordt het debat erover dan alleen in de media wordt gevoerd, vraagt Michiel Steltman, directeur Stichting Digitale Infrastructuur Nederland.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden