OpinieOnderwijsongelijkheid

Een intelligentiescore is de verkeerde maat om het schooladvies op te baseren

null Beeld
Beeld

Ook het heilige geloof in IQ-testen zorgt ervoor dat twaalfjarigen op de verkeerde school terecht komen, stelt klinisch neuropsycholoog Albert Ponsioen.

De televisieserie Klassen, die omroep Human de afgelopen weken uitzond, geeft een goed ­inzicht in de onrechtvaardigheid van het onderwijssysteem. Te vroeg worden kinderen ingedeeld in slecht, gemiddeld en goed lerende leerlingen.

Vooral de Cito-toets in groep zeven, waarop een voorlopig advies voor het voortgezet onderwijs wordt gebaseerd, is van grote invloed op de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen. De serie Klassen brengt met name de invloed van de sociale omgeving in beeld. Maar ook de invloed van Cito-toetsen en van scores op IQ-testen moet niet onderschat worden.

In haar column schrijft Sofie van de Waart-Govaert ‘Later selecteren is geen optie voor buitenbeentjes in het onderwijs’ (Onderwijs & opvoeding, 6 januari) over de IQ-parabool, de verdeling van scores waarbij aan beide uiteinden – hoog en laag – een kleine groep zit. Zij ziet blijkbaar het IQ als verklaring voor het wel of niet kunnen bijbenen van het niveau van de klas.

Deze zienswijze versterkt juist de onrechtvaardigheid

Volgens mij is juist deze zienswijze een belangrijke andere factor die de onrechtvaardigheid van het onderwijs versterkt. Zoals labels als ADHD en autisme beschrijvingen van gedrag zijn en geen verklaringen van dat gedrag, is een IQ-score slechts een beschrijving van het leervermogen van een kind en geen verklaring voor het wel of niet kunnen mee­komen met de groep.

Kinderen die achterblijven, zouden juist extra lessen en ondersteuning moeten krijgen om instructies wel goed te laten landen. Dat kan ­ervoor zorgen dat het vertrouwen in eigen kennen en kunnen én de leermotivatie op peil blijft.

Dit geldt tevens voor de zogenoemde hoogbegaafde leerlingen die ik in mijn werk in de geestelijke gezondheidszorg voor de jeugd, te vaak ben tegengekomen in het vmbo-onderwijs. Nog weleens na een vrije val vanuit het vwo, omdat zij nooit geleerd hadden hóé te leren en op de basisschool het geluk hadden dat de instructies goed aansloten bij hun manier van leren op dat moment.

Ook de organisatie van het voortgezet onderwijs heeft invloed op de leerontwikkeling van kinderen. Je moet op het vmbo en in het praktijkonderwijs wel van heel goeden huize komen om je aandacht bij de docent te houden in een klas met leerlingen die het leren vaak al hebben opgegeven.

Een wiskundedocent op een vmbo-school heb ik eens horen verzuchten dat driekwart van haar klas in november de instructies al niet meer kan volgen, maar ja, het lesprogramma moet worden afgewerkt. “Stellingen en formules moeten onze leerlingen in hun hoofden zien te stampen. Voor uitleg moet je in het vwo-onderwijs zijn”, aldus de docent.

Passend onderwijs voor alle leerlingen, niet alleen de ‘hoogbegaafden’

Het is prima om het onderwijs voor leerlingen passend en uitdagend te maken, maar doe dit voor alle leerlingen en niet alleen voor de ‘hoogbegaafden’.

Een mooi voorbeeld om leerkrachten en begeleiders binnen het basisonderwijs met andere ogen naar leerlingen te laten kijken is de handreiking van het Landelijk Kenniscentrum LVB voor het werken met kinderen met een licht verstandelijke beperking in het basisonderwijs en thuis. De praktische uitwerking daarvan wordt op dit moment in een aantal zogenoemde samenwerkingsverbanden binnen het onderwijs aangeboden.

En geef ook de leerlingen die in groep zeven nog helemaal niet toe zijn aan selectietoetsen als de Cito voldoende tijd. Passend onderwijs is gedifferentieerd onderwijs, waarbij de omgeving op school ook passend moet zijn voor de leerling in kwestie.

De overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs is vaak erg groot, vooral voor kinderen van rond de twaalf jaar, die juist op die leeftijd heel veel andere dingen aan hun hoofd en overige delen van hun lijf hebben.

Toch maar weer eens de organi­satie van het onderwijs afkijken van landen als Finland en Estland?

Lees ook:

Later selecteren is geen optie voor buitenbeentjes in het onderwijs

Er gaan weer stemmen op voor het verlengen van de basisschool. Dat is niet altijd een goed idee, schrijft columniste Sofie van de Waart.

De serie ‘Klassen’ laat zien: als we niets doen wordt het verschil tussen winst en verlies nog groter

De documentaire Klassen legt bloot wat iedereen in het onderwijs allang weet: het milieu waar een kind uit komt bepaalt zijn toekomst. Het kan anders, schrijft  docent Gerwin van der Werf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden