Column

Een beetje je best doen voor het milieu en dan met dat vingertje wijzen

Nelleke Noordervliet. Beeld Nelleke Noordervliet

Hoe moet je reageren op alarmerende rapporten? Schouderophalend. Panisch. Woedend. Sceptisch. Planmatig. Afwachtend. Zeg me welke reactie u kiest en ik zeg u wie u bent. 

Ik gok erop dat de meeste mensen kiezen voor ‘afwachtend’ en dat een deel na het ‘afwachten’ kiest voor een plan. Datzelfde gebeurt met de ‘panici’ en de bozen. Het gekozen plan strookt over het algemeen niet helemaal met de eisen die het alarmerende rapport stelt, maar komt schoorvoetend een stapje in de richting. Nog niet genoeg is altijd beter dan niets.

Een stukje vlees minder, een half graadje lager, vaker de trein, wellicht een zonnecelletje of een windmolentje. Alle beetjes helpen, en veel onaangenamer wordt het leven er heus niet van. Of dat binnen de berekende termijn zal zorgen voor redding van de wereld zoals we die kennen, moeten we sterk betwijfelen, maar we hebben ons best ­gedaan, een steentje bijgedragen. Wij wel. En dan gaat het vingertje omhoog: maar die daar niet! Tja, zo zitten we in elkaar. Het verwijt van dat vingertje krijgen de mensen die dat kleine stapje doen net zo goed van de mensen die ­serieus hun footprint minimaliseren. Degenen die de schouders ophalen zeggen: waar ­maken jullie je druk over, we bedenken wel wat, alles went, en straks zijn we ­allemaal dood.

De noodzaak van economische groei

Het rapport over de snel afnemende biodiversiteit was een nieuwe klap voor ons toekomstbeeld. Niet alleen wordt het veel te warm, maar straks zijn er ­behalve de gedomesticeerde dieren die we ofwel eten ofwel aaien geen andere diersoorten meer. Insecten laten het ­afweten. Vissen sterven massaal. Bossen zijn gekapt voor bouwland of biomassa; het wordt een grote, eenvormige of kale bende, hier en daar vergroend in een zielloos park met een dooie vijver vol badeendjes.

Naar aanleiding van het rapport werd eindelijk weer eens voorzichtig de vraag gesteld naar de noodzaak van economische groei, een leerstelling van ­betrekkelijk recente datum, die wel heeft gezorgd voor welvaart, maar niet voor een al te beste verdeling ervan.

Tot aan de industriële revolutie groeide de economie normaal met de toename van de bevolking, maar het ­gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking vertoonde geen exponentiële groei, zoals dat de laatste eeuw het ­geval was. Economen kunnen altijd heel goed uitleggen dat wanneer je verbeteringen wilt in de wereld, innovatie en verduurzaming etc., dat geld kost, en dat moet eerst worden verdiend om het uit te kunnen geven aan extra’s en ­bijzondere wensen en om aan de consumptievraag te voldoen. Iedereen wil het toch altijd beter hebben?

Minder mensen die minder dieren eten

In een discussie wordt dan onvermijdelijk gewezen op het sombere perspectief van een volgende generatie: onze kinderen zullen het niet beter krijgen dan wij. Dat zien we nu al. En dat schijnt dan heel erg te zijn. Het is de vraag wat er met ‘beter’ wordt bedoeld. Is meer geld en meer consumeren een garantie voor geluk en voldoening? ­Waren vorige generaties die het ‘slechter’ hadden veel ongelukkiger? Dat lijkt me niet vol te houden.

Wel is waar dat de middelen ongelijk en oneerlijk zijn verdeeld. Een herverdeling zou welkom zijn. Bonus weg bij een bankier, fair practice voor een kunstenaar. Daarmee bedoel ik niet dat we moeten streven naar een communistische heilstaat waarin iedereen ongeacht zijn verdienste voor het collectief evenveel krijgt. Dat werkt niet, hebben we geleerd. Maar het principe van verdelende rechtvaardigheid kan en moet tot een systeem leiden, waar Jeremy Bentham rond 1800 van droomde: “Het grootste geluk voor het grootste aantal mensen is de basis van moraal en wetgeving.” Dat principe maakt een beperking van de economische groei voor ­iedereen draaglijk.

Wat vooral helpt bij het redden van de wereld: minder mensen die minder dieren eten. Het geboortecijfer moet omlaag. Ook in Afrika en Azië. Het ­argument dat zo’n westers idee een nieuw soort kolonialisme is, verwerp ik. Minder kinderen, beter onderwijs, een gezonde economie zonder corruptie, dat is een mooi doel. Europa levert al decennia het bewijs dat daarmee een stabiele samenleving wordt gecreëerd. Daarom wil iedereen naar Europa.

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelle’s en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden