Opinie

Een aardappel wel modificeren, maar een eicel niet?

Beeld Thinkstock

Minister Schouten wil aardappelen via genetische modificatie ziektebestendig maken. Waarom doen we dat niet bij kinderen, vraagt Henk Wierenga zich af, kinderarts (niet-praktiserend) te Assen.  

Minister Carola Schouten maakte eind oktober bekend dat ze het duurzaam maken van de landbouw wil stimuleren. Als voorbeeld wordt genoemd het veredelen van aardappelen, zodat die minder gevoelig zijn voor bepaalde ziekten. Vrijwel alle dagbladen maakten er melding van. Naast bewondering voor deze aanpak bekroop mij echter ook een gevoel van onbehagen. Wat maakt een aardappel belangrijker dan een kind?

In mijn vroegere werk als kinderarts kreeg ik te maken met pubers waarbij de ziekte van Huntington in de familie voorkwam. Deze ernstige ziekte manifesteert zich eerst, meestal op volwassen leeftijd, door bewegingsstoornissen. Door steeds verdere afbraak van het zenuwstelsel komt daar ernstig verlies van allerlei functies bij en vaak vroegtijdig overlijden. Decorumverlies en liederlijk gedrag kunnen soms deel uitmaken van dit ziekteproces.

Als pubers dit bij een van de grootouders of ouders hebben meegemaakt kan dat tot ernstige klachten aanleiding geven, waaronder depressies en eetstoornissen. Ze weten dat het erfelijk is; als vader of moeder drager is van de ziekte, hebben hun kinderen een grote kans later ook te worden getroffen, statistisch gezien namelijk de helft van de kinderen. Als een zwaard van Damocles hangt het hun boven het hoofd.

Minister Schouten wil dat bij de veredeling van aardappelen gebruik wordt gemaakt van genetische modificatie met de zogenoemde CRISPR-Cas methode. En dat is precies dezelfde methode die gebruikt zou kunnen worden bij een ouderpaar waarbij de ziekte van Huntington in de familie voorkomt, een aandoening waarvoor slechts één afwijkend gen verantwoordelijk is. Bij een kinderwens zou een bevruchte eicel zo nodig te modificeren zijn. Ook bij andere ernstige ziekten zou het een bruikbare toepassing kunnen zijn, denk aan taaislijmziekte.

Waarom doen we het dan niet? Zijn we misschien bang voor 'Chinese toestanden'? Ik denk dat we ons daardoor niet moeten laten leiden, maar proactief bezig moeten gaan, zoals ook gesuggereerd wordt in het interview met Sjoerd Repping, hoogleraar voortplantingsgeneeskunde. Misschien kan het ministerie van volksgezondheid het voortouw nemen door het instellen van een werk- of adviesgroep. Ik denk daarbij aan mensen uit het veld (genetica, voortplantingsgeneeskunde) en wijze mannen en vrouwen uit de maatschappij.

Lees ook:

Waarom sleutelen aan het DNA van embryo’s volgens deze voortplantingsarts straks misschien heel gewoon is

Chinese wetenschapper He Jiankui kreeg een storm van kritiek over zich heen toen hij meldde dat er een tweeling was geboren met door hem veranderd DNA. Onverantwoord, zegt voortplantingsarts Sjoerd Repping. Maar: “Sla het debat nu niet dood.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden