Column

Draagt iedere stem bij? Ik twijfel in deze pandemie

Op het Singel in Amsterdam ligt voor een huis een tegel in het plaveisel ter herinnering aan Franciscus van den Enden, die hier in de zeventiende eeuw een school leidde. Er staat een van zijn uitspraken op: “Niemand kan ontkennen dat het geheel groter is dan een deel. Ook de wijsheid of kennis van een heel volk is groter dan de kennis van weinigen van dat volk.” Het is een vroeg pleidooi voor democratie. Ik heb Van den Enden hoog zitten. Ik ken zijn werk. Hij was een van de originele en vrijzinnige geesten die de basis legden voor het nieuwe denken van de Verlichting.

Onderzoek uit onze eigen tijd wijst uit dat beslissingen door een grote, diverse groep genomen over het algemeen best verstandig zijn. De extremen worden eruit gefilterd. Het experiment van David van Reybrouck, G1000, deels overgenomen door het burgerplatform in Frankrijk, en in aangepaste vorm in onze brede maatschappelijke discussies, gaat uit van de wijsheid van de massa. Twee factoren hebben me de laatste tijd doen twijfelen aan die geruststellende rechtvaardiging van democratie: de pandemie en de digitale revolutie.

De zegening is evident. Niemand voelt zich achtergesteld, iedereen is evenveel waard

Om met die laatste te beginnen: de democratie is daardoor tot zijn uiterste consequentie doorgevoerd. Elke stem wordt ­gehoord, iedereen beschikt over een megafoon waarmee hij of zij de menigte kan toespreken en overtuigen van zijn gelijk. Van den Enden zou in zijn handen hebben gewreven als hij die ­mogelijkheid had gehad. De zegening is evident. Niemand voelt zich achtergesteld. Iedereen is evenveel waard.

Aan elke zegening zit een duistere zijde. Het gemak waarmee gedachten aan de menigte kunnen worden toevertrouwd en de grote menselijke behoefte aan aandacht hebben het bezonken oordeel op de achtergrond ­gedrongen en de impulsieve emotie de eerste plaats toegekend.

Ratio en argumentatie zijn daarin nodeloze ballast. Zoeken naar waarheid en feiten is sinds de komst van de ‘alternatieve feiten’ een synoniem geworden voor liegen. Liegen is geoorloofd en wordt zelfs aanbevolen. De ­bodem onder het gezamenlijke project bedoeld om greep te krijgen op de werkelijkheid, is weggeslagen. Democratie als middel om te komen tot de beste en meest aanvaardbare oplossing voor problemen ter bevordering van het algemeen belang wordt gedefinieerd als methode om het eigenbelang te dienen.

Behoefte aan een verklaring, aan zekerheid en aan een schuldige

De onzekerheid die de pandemie met zich meebrengt, zadelt de mensen op met angst en twijfel en schept behoefte aan een verklaring, aan zekerheid en aan een schuldige. Allerlei ideeën schieten door het wereldwijde web en klonteren samen tot groteske theorieën. Een theorie is niet meer dan een te toetsen ­opvatting over de aard van een verschijnsel. De circulerende theorieën worden niet op hun houdbaarheid beproefd maar ­gebombardeerd tot zekerheden. Tot feiten. Tot waarheid. Er is geen filter, geen controle, geen door iedereen aanvaarde instantie die de theorie beoordeelt en eventueel afwijst, waarna de aanhangers beschaamd het hoofd buigen. Er is dus ook geen enkele neiging een andere autoriteit dan het souvereine ‘ik’ te aanvaarden.

Aangezien daardoor de gemiddelde domheid van de mens genadeloos wordt blootgelegd, vraagt het beter geïnformeerde deel van de mensheid zich vol verbazing af waar opeens al die nitwits vandaan komen, al die kruidenvrouwtjes, fotomodellen, antivaxers, dansleraren en neonazi’s die de stelling van Pythagoras ontkennen.

Helaas, ze waren er altijd. Ze werden alleen enigszins in bedwang gehouden door de hiërarchie van de informatiestructuur. De domme, radeloze menigte loopt achter rattenvangers aan. Leiders. Niet de leider is angstaanjagend. Het zijn de volgelingen.

We horen al die stemmen in een permanente kakofonie, terwijl het al moeilijk genoeg is om met de ratio, zorgvuldig onderzoek en een kritische geest chocola te maken van het leven. In dat eenzame roepen in de twitterwoestijn en op andere desolate fora manifesteert zich het tragische en ijdele dier: de mens. We moeten medelijden hebben met onszelf... en met elkaar. Het kost me moeite.

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelles en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden