Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Dokters moeten pijnlijke keuzes bespreken om zorgkosten te beperken

Opinie

Pieter Barnhoorn

© LEX VAN LIESHOUT/ANP
Opinie

Artsen hebben de sleutel in handen om de zorgkosten te beheersen. Ze moeten verder kijken dan die ene patiënt en pijnlijke keuzes bespreken, aldus Pieter Barnhoorn, huisarts te Leiden. 

Nergens is het beter ziek zijn dan in Nederland. De Nederlandse zorg behoort tot de beste ter wereld. Maar ook tot de duurste. Dit jaar geven we zo’n 100 miljard euro uit aan zorg. Omdat velen van ons leven met het idee dat je gezondheid je kostbaarste bezit zou zijn, durft niemand de stijgende zorgkosten echt aan te pakken.

Lees verder na de advertentie

Alle bij de zorg betrokken partijen hebben daarvoor hun eigen redenen. Politici beloven hun potentiële kiezers liever nog meer, en nog betere zorg, voor nog minder geld. Farmaceuten gaan voor de maximale winst. Zorgverzekeraars gaan voor hun klanten. De smaak van die klant is eenvoudig; alleen het beste is goed genoeg. Zorgbestuurders verlaten zich op het oordeel van artsen. En artsen ten slotte, verschuilen zich vaak achter twee mythes. Ten eerste: dokters praten niet over geld. Ten tweede: dokters moeten er zijn voor ‘hun’ patiënt in de spreekkamer.

De vraag naar zorg is oneindig. Ergens moet een grens
worden getrokken

Die patiënt in de spreekkamer is natuurlijk ook uitermate belangrijk. Maar er moet ook tijd en geld overblijven voor goede zorg voor de patiënten in de wachtkamer.

Het formele zowel als het verborgen curriculum, het socialisatieproces dat plaatsvindt tijdens een (beroeps)opleiding, is vooral gericht op die individuele patiënt. Zo begint de artseneed met: ‘Ik zweer dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten. Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen.’ Mooi, maar de combinatie patiënt en dokter kan zo makkelijk leiden tot een onbeheersbare zorgkostenstijging. De patiënt die doorgaans koste wat kost het beste wil, vindt een dokter tegenover zich die precies hetzelfde wil. Een liefde die niets kost.

De eed gaat echter verder dan die individuele patiënt: ‘Ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving en zal de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen.’ Dokters worden opgeleid tot doeners en niet tot denkers. Maar door te beloven ‘de beschikbaarheid en toegankelijkheid van de gezondheidszorg bevorderen’, beloven ze wel degelijk verantwoordelijkheid te nemen voor de kosten van hun zorg. Hun zorg, want het zijn artsen die de richtlijnen maken, op basis waarvan zorgbestuurders bepalen welke patiënt welke zorg krijgt.

Terughoudend

Dokters zijn dus aan zet, waar het gaat om kostenbeheersing in de zorg. Zij kunnen dat doen door zich te oefenen in slechtnieuwsgesprekken als: ‘goede zorg kost geld, nog meer goede zorg kost nog meer geld en een keer is het geld op, we moeten dus gaan kiezen en delen’. Ook kunnen zij, bij het schrijven van richtlijnen, de kosten meewegen en antwoorden zoeken voor moeilijke vragen als: ‘wat mag de prijs zijn van een jaar goed leven’. Verder zouden artsen erg terughoudend moeten zijn met het echoën van ‘schrijnende gevallen’. De vraag naar zorg is oneindig.

Ergens moet een grens getrokken worden. En geen grens zonder grensgevallen. Media zijn dol op dokters die strijden voor hun ‘vergeten groente’. Maar in een solidair zorgsysteem moeten we met elkaar zorg zien te dragen voor alle huidige én toekomstige patiënten. Niet alleen voor patiënten met ‘een gezicht’. Bovendien moeten de premies voor iedereen betaalbaar blijven.

Anderen is het nooit gelukt de kosten in de zorg aan te pakken. Dokters zijn aan zet. Zij moeten de durf ontwikkelen om verder te kijken dan die ene patiënt in de spreekkamer, door het slechte nieuws dat zorg geld kost ter sprake te brengen en door pijnlijke keuzen te bespreken, in de spreekkamer en daarbuiten.

Lees ook:

Een jonge roker en een topfitte zeventiger: wie gun je een dure longtransplantatie?

De zorg stelt ons voor lastige morele dilemma’s. Moet ik voor vader zorgen? Wie krijgt die dure medicijnen? Houdt de roker recht op zorg? In aflevering 2 in de serie ‘Voor wie moet ik zorgen?’ komt jurist en filosoof Martin Buijsen aan het woord over de vraag: wie gunnen we die dure operatie?

Verzekeraars: betrek burgers bij keuzes in de zorg, maar informeer ze

Zorgverzekeraars zouden burgers op brede schaal moeten consulteren. Maar informeer die burgers dan eerst goed, bepleiten zorgonderzoekers Rob Baltussen en Leon Bijlmakers van het Radboudumc.

Deel dit artikel

De vraag naar zorg is oneindig. Ergens moet een grens
worden getrokken