VS-columnBas den Hond

Democraten zinspelen op een revolutie in de Senaat

null Beeld

De Democraten leven in angstige hoop. De voorsprong van hun presidentskandidaat Joe Biden op Donald Trump vertoont geen teken van inzakken, de peilingen schommelen rond de 8 à 9 procent verschil. En steeds reëler lijkt daarnaast de kans dat de partij op 3 november niet alleen het Witte Huis, maar ook de meerderheid in de Senaat verovert.

Maar het trauma van 2016 zit nog diep. “Pas een week nadat Joe Biden is beëdigd zullen we ons gerust gaan voelen”, zei met enige overdrijving een professionele adviseur van Democratische kandidaten, Tom Bowen, tegen krant The Guardian.

Maar dat ze er diep in hun hart al best wel in geloven, bewijst het op gang komen van een discussie over een schijnbaar technische parlementaire regel: de filibuster. Als hij president wordt, heeft Biden gezegd, en hij heeft een meerderheid in de Senaat achter zich, dan hangt het van de houding van de Republikeinen af of die hun belangrijkste procedurele wapen nog mogen houden. Als ze dat gebruiken om alles wat de president wil te blokkeren, dan mag het van hem in de procedurele vuilnisbak worden gegooid.

Dat is een hele koerswijziging voor de oud-vicepresident, die ook oud-senator is. De filibuster is de regel in de Senaat die zegt dat als 60 van de 100 leden het willen, het debat over een wet wordt gestopt en er gestemd kan worden. Een partij die een minderheid in de Senaat heeft van minstens 41 stemmen kan zo’n beëindiging dus tegenhouden. Dan komt er geen stemming, en geen wet .

Tientallen jaren heeft die regel gegolden, zonder dat het parlementaire werk er stil door kwam te liggen. Senatoren waren er eigenlijk wel trots op: in tegenstelling tot de rumoerige straatvechters van het Huis van Afgevaardigden werd mede dankzij de dreiging van de filibuster in de Senaat serieus overlegd tussen regeringspartij en oppositie. Belangrijke wetten kregen uiteindelijk steun van beide partijen. Een werkelijke blokkade kwam alleen bij uitzondering voor, als de belangen erg groot waren.

Maar de polarisatie knaagde jarenlang aan dat gemoedelijke systeem, en onder president Barack Obama stortte het in. De Republikeinen begonnen vanaf het begin alles te blokkeren wat de Democratische president wilde. Ook benoemingen van belangrijke ambtenaren en n rechters hielden ze tegen.

Dat maakte de Democraten uiteindelijk zo kwaad, dat hun toenmalige fractieleider, Harry Reid, voor de ‘nucleaire optie’ koos. Via een speciale procedure, die niet gefilibusterd kan worden, schafte hij de filibuster af voor zulke benoemingen. Alleen voor leden van het Hooggerechtshof werd nog een uitzondering gemaakt. En als vanouds konden ook wetten nog steeds gefilibusterd worden.

De fractieleider van de Republikeinen, Mitch McConnell, kon de verandering niet voorkomen. Dreigend zei hij dat de Democraten er nog wel spijt van zouden krijgen.

En dat kwam uit. In 2014 veroverden de Republikeinen de meerderheid in de Senaat. Toen konden ze alsnog een groot aantal door Obama voorgedragen rechters blokkeren, zodat er veel vacatures waren waarvoor Donald Trump kandidaten kon voordragen nadat hij in 2016 tot president verkozen werd. En toen de Democraten zelf in 2017 met een filibuster de benoeming dreigden te blokkeren van Neil Gorsuch in het Hooggerechtshof, gaf McConnell hen een koekje van eigen deeg en schafte ook voor die benoemingen de 60-40 regel af.

Daarmee is alleen de filibuster voor wetgeving nog over. Die afschaffen ging McConnell te ver.

Daarmee sneed hij zichzelf, en zijn president, op de korte termijn in de vingers. De Democraten wisten er veel wensen van de president en de Republikeinen mee te blokkeren. Verscheidene keren heeft Trump McConnell opgeroepen, ook aan die laatst overgebleven filibuster een einde te maken, maar dat bleef de Republikeinse fractieleider weigeren. Ooit zullen de Republikeinen weer in de minderheid zijn, redeneert hij, en dan moeten ze dat wapen zelf kunnen hanteren.

Met die redenering was Joe Biden het tot voor kort eens. In februari sprak hij zich nog uit tegen het afschaffen van de filibuster. Maar nu het er goed uitziet voor zijn kandidatuur, en een Democratische meerderheid van de Senaat tot de mogelijkheden behoort, is hij voorzichtig aan het draaien. “Het hangt er vanaf hoe weerspannig ze worden.”

Die draai is begrijpelijk, althans als je naar de korte termijn kijkt. Als hij verkozen wordt, heeft Biden in feite maar twee jaar om belangrijke Democratische wensen waar te maken. In 2022 zijn er immers alweer verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden en een derde deel van de Senaat, en traditioneel pakken zulke verkiezingen halverwege de eerste termijn van een president niet geweldig voor hem uit. Daar kunnen Barack Obama (2010) en Donald Trump (2018) van meepraten.

En zelfs al behouden de Democraten dat jaar de macht in het Congres, twee jaar later zijn er dan weer presidentsverkiezingen, waarvan Biden heeft laten doorschemeren dat hij er zelf niet aan mee zal doen. De Democraten zullen dan met een nieuwe gezicht de verkiezingen in moeten, wat winnen meestal lastiger maakt.

Twee jaar om een stempel op het land te drukken – dat is niet lang. En als de Republikeinen in 2021 en 2022 een blokkerende minderheid in de Senaat zijn, dankzij de filibuster, zullen de Democraten aan het eind van die twee jaar weinig kunnen laten zien aan de kiezers.

Het afschaffen van de filibuster kan daar een oplossing voor bieden. Maar het is een radicale oplossing, vol risico’s voor de Democraten. “Het zou een revolutie zijn”, zei Mitch McConnell tegen website Politico. “Je moet jezelf altijd verplaatsen in de andere partij, en je voorstellen wat er kan gebeuren als er een andere wind gaat waaien.”

Maar McConnell heeft zelf dat waagstuk ook ondernomen toen hij de filibuster afschafte voor leden van het Hooggerechtshof. En hij wist op dat moment dat door zijn beslissing in een verre of minder verre toekomst de Democraten ruim baan zouden hebben voor hun eigen keuze van leden van het Hooggerechtshof.

Kennelijk vond hij op dat moment het risico aanvaardbaar om iets te krijgen wat de invloed van de Republikeinen voor tientallen jaren zeker zou stellen: conservatieve rechters in het Hooggerechtshof, voor het leven benoemd. Na Gorsuch mocht hij in 2018 de benoeming van Brett Kavanaugh doordrukken. Dat ooit een Democratische minderheid hetzelfde zou kunnen doen, was kennelijk van later zorg.

Op het gebied van wetgeving voelen de Democraten nu dezelfde urgentie. Amerika heeft volgens hen groot onderhoud nodig. Op het gebied van gezondheidszorg, de verhouding tussen witte Amerikanen en minderheidsgroepen, hervorming het strafrecht, de toegang tot de stembus, en niet te vergeten de bijdrage van het land aan de opwarming van de aarde. Twee jaar is niet lang om de uitvoering van zo’n ambitieuze agenda in gang te zetten. Als het om de filibuster gaat, zeggen de Democraten komend jaar daarom misschien: na ons de zondvloed.

Trouw-correspondent Bas den Hond (standplaats Boston) schrijft wekelijks een column over de Amerikaanse politiek. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden