Column Nelleke Noordervliet

De wolf kan maar beter snel weer verdwijnen

Beeld Trouw

De opwinding over de terugkeer van de wolf in ons land begrijp ik totaal niet. Zo’n 150 jaar geleden hebben de wolven zich teruggetrokken uit ons gebied. Er was onvoldoende eten en ruimte. Er werd op ze gejaagd omdat ze aan de kippen en de lammeren van de boeren begonnen. Wegwezen dus. Niet veilig meer.

Is er sindsdien iets veranderd? Jazeker, heel veel. De bevolking is verzesvoudigd, het ruimtebeslag door bebouwing en infrastructuur is meer dan navenant toegenomen, de bossen worden gebruikt voor recreatie, de kippen en lammetjes worden bewaakt. Op de wolf mag niet meer worden gejaagd. Want wolven zijn bijzondere dieren. Wolven vertegenwoordigen de illusie van natuur en wildernis. Als de wolf weer zin heeft om in Nederland te wonen, betekent het dat we weer een beetje wildernis zijn en dat ons beleid om wildernis te worden dus zijn vruchten heeft afgeworpen: de wolf keek en zag dat het goed was.

De terugkeer van de wolf is een pluim op de hoed van de natuurbeschermers die al jarenlang de kop van de wolf gek zeurden: kom nou alsjeblieft terug! Het is heel goed wonen bij ons. Misschien beter dan in Duitsland: uitstekende voorzieningen. We hebben genoeg bos. Op de Veluwe kunnen zeker vier roedels hun kostje bij elkaar schrapen. We wijzen iedere roedel een eigen stuk bos toe. Grensconflicten lossen we op met een geschillencommissie. Geen centje pijn. Nederland wolvenland!

Bierblikje naar zijn hoofd gooien

Ik gun de wolven van harte de natuur die ze toekomt. Het zijn inderdaad bijzondere dieren met een vorm van sociaal gedrag waar de mens nog heel wat van kan leren. Maar gaan we dat doen? Gaan we met ons allen naar de Veluwe om straks te zien hoe je voor elkaar moet zorgen? Nee, we gaan naar de ­Veluwe om te zien of we een wolf kunnen betrappen in zijn wilde staat en om dan een bierblikje naar zijn of haar kop te gooien of selfies te maken.

Het Nederlandse beleid om wildernis terug te halen of te importeren is in de Oostvaardersplassen op een gigantische mislukking uitgelopen. Grote grazers in een omheind weiland zetten is vragen om moeilijkheden. Het is een soort dierentuin, nee, erger nog: het is een concentratiekamp. De situatie is zo onnatuurlijk als maar kan.

Datzelfde geldt voor de reeën in de Kennemerduinen. We doen net alsof we een natuurgebied zijn, waar de dieren vrij kunnen leven zoals het bedoeld is, maar een wezenlijk verschil met varkensflats is er niet. Het wild wordt gehouden zoals we kippen houden. De omheiningen zijn niet alleen de geplaatste hekken, maar ook onze steden en wegen. Nederland heeft geen echte natuur. De natuur is georganiseerde ­natuur. Park.

Dierenliefhebbers maken zich begrijpelijkerwijs druk om het veroorzaakte leed. Het is ook zo zichtbaar. Zij beschouwen het dier als een soort hoger wezen. Dat we door onze manier van leven langzamerhand een deel van het dierenrijk hebben gedomesticeerd en een ander deel hebben verdreven of uitgeroeid is een feit.

Maar het ‘terughalen’ van de verdreven dieren zonder onze manier van leven aan te passen is een vorm van intensieve wildhouderij die uitsluitend onze ijdelheid als beheerder van de schepping streelt. De dieren worden in de val gelokt.

Straks circuleren er foto’s van de wolvenwelpjes, van de trotse moeder en de wijze vader, oooh en aaah en veel vertedering, dan volgen de foto’s van de doodgebeten lammeren en stel je voor: kinderen! Vreten de herten onze moestuinen leeg, dat is vervelend maar ach dan ga je toch naar de groentenboer, maar zien we bloed dan wordt de wolf van welkom wild opeens een moordenaar die zijn welkom niet waard is. Waarop half Nederland een voedselbank inricht voor de wolven en als ze dan toch per se vlees willen hebben: vooruit, dan gaan we met een paar kilo gehakt naar de Veluwe.

Alles voor de illusie dat in vakantiepark Nederland de wilde natuur naast de getemde natuur bestaat, dat in aangeharkt Nederland de leeuw naast het lam ligt.

Ik zou zeggen: wolf wees wijs en verdwijn weer.

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelle’s en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden