Commentaar Wachtgeldregeling

De wachtgeldregeling is noodzakelijk, maar politici moeten er wel prudent mee omgaan

De wachtgeldregeling, zeg maar de werkloosheids­verzekering voor politici, is een mooie en in een democratie uiterst noodzakelijke regeling. Elke discussie over misbruik van wachtgeld ondergraaft het draagvlak voor die regeling. Die terechte constatering is geen oproep om eventueel misbruik vooral onbenoemd te laten, het is wel de reden waarom politici uiterst prudent met de wachtgeldregeling om moeten gaan.

Een politicus heeft geen gewone baan. Zou bijvoorbeeld de Werkloosheidswet strikt van toepassing zijn op een politicus, dan betekent een al dan niet door de Kamer afgedwongen aftreden dat er geen uitkering wordt verstrekt. De betreffende politicus is immers verwijtbaar werkloos. De gewone werkloosheidsregeling zou zomaar kunnen betekenen dat een politicus de druk om af te treden om financiële en daarmee oneigenlijke redenen zou kunnen trotseren. Dergelijke onzuivere afwegingen willen we terecht niet en dus is een, vergeleken met de Werkloosheidswet, veel ruimhartiger regeling gerechtvaardigd.

Ook de bepaling in de wachtgeldregeling dat, mocht de (oud-)politicus een baan vinden waar een aanzienlijk lager salaris mee gemoeid is, er een aanvulling wordt verstrekt op het salaris voor de duur van de wachtgeldregeling, valt uitstekend te verdedigen.

Dijkhoff staat in zijn recht

VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff staat dan ook volledig in zijn recht als hij stelt geen enkele wet of regeling te hebben overtreden door een aanvulling op zijn salaris (of, zoals het officieel moet worden genoemd, schadevergoeding) te accepteren.

Daar staat tegenover dat niet alleen in de publieke discussie terughoudendheid rond de wachtgeldregeling is geboden. Ook van de politicus zelf mag worden gevraagd niet nodeloos een op zich terechte en goede regeling in de waagschaal te stellen.

Het oordeel is aan Dijkhoff zelf, hij doet immers niets onwettigs. Toch ware het beter geweest als hij van de aanvulling op zijn schadeloosstelling had afgezien. Hij krijgt die aanvulling vanwege zijn lidmaatschap, als staatssecretaris en korte tijd als minister, van het tweede kabinet-Rutte. Dat hij op grond daarvan besloot de aanvulling te accepteren, staat hem formeel volledig vrij, maar het leidt tot een nodeloze discussie over nut en noodzaak van de wachtgeldregeling als geheel.

Dijkhoff kan daartegenover stellen dat het opkomen van die discussie zijn verantwoordelijkheid niet is en dat hem dat niet kan worden verweten. In dat geval definieert hij die verantwoordelijkheid toch echt te nauw.

Die treurige conclusie dringt zich mede op nu hij, onder druk van anderen en onder druk van de publiciteit, alsnog probeert van de aanvulling af te komen.

Het commentaar is de mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden