OpinieKerkgeschiedenis

De vroege kerk kende wel degelijk theologen die tegen slavernij waren

null Beeld

De zoektocht naar kerkelijk erfgoed met een ‘belast verleden’ is zinvol, vindt hoogleraar middeleeuws Latijn Els Rose. Maar het is te hopen dat de protestantse onderzoekers ook oude, pre-protestantse bronnen meenemen in hun onderzoek.

Els Rose

Onlangs deed Trouw een oproep aan lezers om ‘met slavernij besmet kerkelijk verleden’ bij de krant te melden. Dit in het kader van een universitair en kerkelijk onderzoek naar de rol van protestantse kerken in het koloniale verleden.

De oproep leverde meteen een belangwekkende reportage op over sporen van slavernij en de kerkelijke acceptatie daarvan in de Vlissinger Sint Jacobskerk (Trouw, 14 oktober). De bijbehorende foto toont getuigen bij een gedachtenisbord van een familie die op het eiland Sint-Maarten slaven hield.

Door de compositie van de foto valt de schijnwerper vol op een beeld van de naamgever van dit Caribische eiland, de heilige Martinus van Tours, die volgens de beroemde vroegchristelijke legende zijn mantel deelde met een naakte bedelaar. Dat deze heilige in het familiewapen voorkomt, hoeft niet te verbazen, gezien de link met het naar hem genoemde eiland. Dat de heilige Maarten op de foto lijkt te worden aangewezen als ‘met slavernij besmet kerkelijk erfgoed’ vraagt om meer achtergrond.

Rouwborden in de Sint Jacobskerk in Vlissingen. Beeld Boaz Timmermans / Fos Fotografie
Rouwborden in de Sint Jacobskerk in Vlissingen.Beeld Boaz Timmermans / Fos Fotografie

Slaven goed behandelen

In de vierde eeuw, de tijd waarin Martinus van Tours leefde, was slavernij in de kerk gemeengoed. Deze acceptatie werd ingegeven door de Romeinse samenleving waarin de kerk ontstond, en niet minder door bijbelse bronnen waarin niet wordt opgeroepen om slaven vrij te laten, maar om hen goed te behandelen. Deze houding heeft misschien het leven van een enkele individuele slaaf verbeterd, maar heeft de zaak als geheel geen goed gedaan. Eenmaal salonfähig gemaakt kon het ­fenomeen slavernij overleven, omdat de noodzaak van theologische tegenargumenten die er een radicaal einde aan hadden kunnen maken, verdween.

Dat neemt niet weg dat deze vroege kerk, waarin de christelijke visie op slavernij werd gevormd, wel degelijk theologen en andere voortrekkers kende die afschaffing van slavernij bepleitten. Vanuit de overtuiging dat de mens (ieder mens) geschapen is naar Gods beeld, kon er volgens hen geen sprake zijn van het bezitten van de ene mens door een ander mens.

Tot de verdedigers van dit standpunt behoort volgens zijn levensverhaal ook de heilige Martinus. Van hem wordt gezegd dat hij als hoge Romeinse legerofficier zijn slaaf niet als slaaf behandelde, maar hem diende in een rolverwisseling die duidelijk geïnspireerd is op het ­relaas van de voetwassing uit Johannes 13.

Kleine en nagenoeg vergeten groep asceten die alle bezit afwees

Maar er is meer aan de hand. In een vijfde-eeuwse bewerking van het levensverhaal van Martinus legt de verder onbekende dichter Paulinus van Périgueux deze onderbelichte episode uit als een juridische handeling, waarin Martinus zijn slaaf bevrijdt van het juk van slavernij, hem door geboorte opgelegd. Daarmee plaatst deze dichter Martinus in een kleine en nagenoeg vergeten groep asceten die alle bezit afwees, dus ook het bezit van slaven.

Het is te hopen dat de protestantse onderzoekers naar de kerkelijke rol in het slavernijverleden ook deze oude, pre-protestantse bronnen meenemen in hun onderzoek. De foto uit Vlissingen wordt dan een oproep om juist die vergeten stem weer tot klinken te brengen die op basis van christelijke bronnen en leefwijze het fenomeen van slavernij radicaal afwees.

Het is een pijnlijk maar belangrijk proces om te onderzoeken waarom deze stem in het verloop van de geschiedenis zo klein bleef. Het is minstens zo belangrijk om te ontdekken hoe deze bronnen in onze tijd weer zo kunnen klinken dat zij een krachtig tegengeluid vormen tegen iedere vorm van kleinering en onderdrukking.

Lees ook:

In Zeeuwse kerken is het slavernijverleden nooit ver weg Ook in Zeeland komt er van alles boven water over de betrokkenheid van kerken bij de slavenhandel. De één klaagt dat het weer over ‘het s-woord’ gaat, de ander trekt er waardevolle lessen uit.

Lees ook: Groot onderzoek naar met slavernij besmet kerkelijk verleden Nu de keerzijde van het koloniale verleden steeds meer wordt gezien, komt er een onderzoek naar de rol van de protestantse kerken hierin.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden