null Beeld

ColumnAbdelkader Benali

De tijd weet alles over de lijnen van de stamboom

Abdelkader Benali

Het nieuwe jaar ving aan met vuurwerk en een huilbui. We ontdekten dat we nog konden huilen. De tranen van gisteren waren de tranen van vandaag. In mijn aantekenboek teken ik een trap, de onderste trede reserveer ik voor het kind, dan de jongen, dan de man, dan de zoon en bij de bovenste trede schrijf ik vader.

Ik zoek in de autobiografie van Marina Abramovic naar een mooi citaat over leven en dood. Ik kan het niet vinden. Misschien was dat wel de kern van het citaat: we zoeken tevergeefs naar wat ons is ontglipt, een heel leven lang.

Een kwartier lang bestudeer ik de palm van mijn linkerhand, het litteken dat ik mezelf als jongen aanbracht is mettertijd van vorm veranderd. Het lijkt te verdwijnen. Op de zolderkamer vond ik een zakmes met een wit lemmet, het had aan mijn vader toebehoord. Ik knipte het zakmes open en plots leek alles mogelijk. In de film Zorba de Griek bewijzen de mannen aan elkaar hun mannelijkheid door met een zakmes tussen de opengesperde vingers in het zand te steken. Aan wie ging ik mijn mannelijkheid bewijzen? Ik pakte een lege doos, stak mijn hand erin en prikte met het mes door de doos. Het ging maar kort goed, ik blesseerde mezelf.

Onafgemaakte werken

Het litteken is begonnen te vervagen, ik vraag me af of het mijn dood zal halen. Met mijn jongste dochter loop ik langs het water van de Sloterplas, de hele wereld beweegt, de wandeling als symbool van de eeuwige terugkeer. Hamid, een goede vriend en kunstenaar die meeloopt, vertelt dat sommige olieverfschilderijen er tweehonderd jaar over doen om geheel op te drogen. “Daarbinnen zit een druppel olie als een geheim opgesloten.” Als we het leven als kunstwerk beschouwen, dan is ons werk nooit af. We zijn allemaal Unvollendet, onafgemaakte werken.

Ik til mijn dochter op en plaats haar op een stalen uitsteeksel. Ze springt, ik vang haar op, ze wil weer springen, ik vang haar weer op. Springen, vallen, opvangen. Nieuwjaarsdag is warmer dan ooit en mogelijk zal mijn dochter op een dag aan haar kleinkinderen vertellen dat deze 1 januaridag de koudste uit haar leven was. We leven in een tijd van schier oneindige mogelijkheden, welke urgentie zal ons dat gevoel doen afpakken en daardoor dwingen tot bezinning? De milde kalmte van de natuur doet me rillen.

Mijn dochter ondertussen wil alleen maar verder lopen. Met de oudste dochter speel ik een spelletje Memory. Ze verslaat me glansrijk, raapt alle plaatjes bij elkaar en verklaart zichzelf de onbetwiste winnaar. Ik strijk over haar haar. Gisteren paste dat hoofd in de holte van mijn geblesseerde hand. Het leven zou over iets groters moeten gaan, aan het einde van de dag ruim ik de tafel af, doe de afwas en spoor mijn jongste dochter aan om te eten. Ze strekt haar armen en valt van de Stokke. Ik was te laat. Breng haar naar bed.

Ik vind een papiertje met daarop de stamboom die mijn vader jaren geleden voor me heeft uitgetekend. Met een paar lijnen verbindt hij de voorvaderen met elkaar, zijn kennis gaat terug tot het jaar 1830. Ik beschouw de kennis als authentiek.

Ik scan het papier om het op te sturen naar mijn broers en zussen. De tijd weet alles.

Abdelkader Benali (1975) is schrijver. In 1996 debuteerde hij met ‘Bruiloft aan zee’, in 2003 won hij de Libris Literatuur Prijs voor zijn roman ‘De langverwachte’. Om de week schrijft hij voor Trouw een column. Lees ze hier terug.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden