Column

De parodie van Sanne Wallis de Vries op Israëls vrolijke kipliedje was wanstaltig

Beeld Trouw

De Israëlische ambassade heeft zich beklaagd over een liedje in het BNN/Vara-televisieprogramma ‘Sanne Wallis de Show’. Het nummer was een parodie op het lied ‘Toy’, waarmee Israël een week eerder het Eurovisiesongfestival won. 

Het recht op karikatuur, parodie of satire is in ons Europa gemeengoed geworden. Gelukkig. We hebben de laatste jaren een hoge prijs moeten betalen voor dit recht op vrijheid van meningsuiting. Dit geldt voor de bijna voltallige redactie van het blad Charlie Hebdo, die in 2015 door moslimterroristen werd uitgeroeid nadat ze karikaturen van de islamprofeet had gepubliceerd. Soms worden buitenlandse politici woedend om karikaturen en gaan officieel protesteren. Denk aan de Turkse president Erdogan, die in 2016 aangifte deed tegen de Duitse cabaretier en tv-presentator Jan Böhmermann. 

In dit licht had de Israëlische ambassade beter pas op de plaats kunnen maken en de beoordeling van het programma aan de Nederlandse kijkers overlaten.

Is hiermee alles gezegd? Het fameuze Israëlische ‘kipliedje’ Toy, dat op 12 mei in Lissabon won, had geen enkele politieke ondertoon. De tekst ging over de #MeToo-beweging, nam het op voor vrouwen en impliciet ook voor dikke vrouwen zoals de zangeres Netta, die met haar boulimia lang werd gepest. Omdat Netta Israël vertegenwoordigde werd ze in de aanloop naar de finale mikpunt van antizionistische en antisemitische hatelijkheden en doelwit van de boycotactie ‘Israël Zero Points’. Tot vlak voor de finale werden in Lissabon door actievoerders flyers verspreid met de oproep om Israël geen punten toe te kennen. De actie mislukte op gigantische wijze en Europa bleek tijdens het stemmen niet gevoelig voor haat jegens Israël, Netta en haar liedje, integendeel: de punten die Europese kijkers (niet de jury’s) Israël toekenden waren met een score van 317 verpletterend voor de concurrentie (Nederland 32).

Oorlogstaferelen

Dat winnares Netta nog durfde te reageren met ‘I love my country’ moet bij haters van de Joodse staat het hoofd op hol hebben gebracht. Het duurde maar een week voordat BNN/Vara en Wallis de Vries met hun wanstaltige parodie kwamen waar beelden van oorlogstaferelen achter de parodiërende zangeres werden geprojecteerd. 

Hiermee werd het liedje uit haar oorspronkelijke vreedzame en artistieke context gerukt en het politieke mijnenveld ingejaagd. De boodschap voor de kijker: ook al wint Israël een onschuldig liedjesconcours, het land is geen normaal land, sinds haar stichting gedoemd en het moet eenzijdig worden bestreden. 

‘De parodie is nadrukkelijk geen aanklacht tegen de Joodse gemeenschap’, reageerde de omroep. Toch is dit wel het geval. Volgens de NOS zinspeelde het liedje van Wallis de Vries erop ‘dat de Joden in Israël op geld zijn belust’. De tekst zegt: ‘Open ambassades, zorg dat je casht/ Van je dollars ‘n cent/ En pecunia-ja!’ Ja, ook parodie mag bij ons onsmakelijk zijn en kokhalzend werken. En ook BNN/Vara mag zich steeds meer extreemlinks engageren met onwelriekende producties die antisemitisme uitwasemen.

Drie keer per week schopt Sylvain Ephimenco in Trouw heilige huisjes omver. Lees hier eerdere columns terug.

Lees ook: Bootvluchtelingen, terreur en #MeToo: hoe de actualiteit de Eurovisie-bubbel binnendringt

Voor politiek geen plek op het Eurovisie Songfestival: zo staat het zelfs in de officiële reglementen van het liedfestijn. Dat dat een wassen neus is, weet natuurlijk iedereen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden