De Oostvaardersplassen hadden een vogelparadijs moeten worden

Grote grazers in de Oostvaardersplassen hebben het zwaar door de late ijswinter na een erg natte periode. Beeld Hollandse Hoogte / Martijn de Jonge

Een natuurgebied van wereldklasse met een grote biodiversiteit, zo lagen de Oostvaardersplassen er ooit bij, beschrijft Tjerk Dijkstra. De oud-medewerker van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders pleit ervoor deze soortenrijkdom terug te brengen in het nu kaalgevreten gebied.

In het artikel over de Oostvaardersplassen (Trouw, 3 maart) wordt uiteengezet hoe alle ophef (wel of niet bijvoeren van grote grazers) van de afgelopen periode in de toekomst voorkomen kan worden. Daartoe wordt een drietal oplossingen beschreven.

Industriegebied

Om een uitweg te kunnen vinden, moeten we teruggaan naar de ontstaansgeschiedenis van het ooit prachtige natuurgebied. Bij de drooglegging van Oostelijk-Flevoland in 1968 was het gebied, wat nu de Oostvaardersplassen behelst, ooit bestemd om industriegebied te worden.

De ingenieurs van de toenmalige Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP) hadden hun focus voornamelijk gericht op het zo snel mogelijk inrichten van het drooggevallen Oostelijk-Flevoland. Zodoende is wat nu Oostvaarderplassen heet, blijven liggen en kon het uitgroeien tot een natuurgebied van wereldklasse.

De RIJP had toen wel een heel andere visie op dit gebied. Het was een vogelsoortenrijk, nat, begroeid met riet en struiken, een eldorado voor een verscheidenheid aan flora- en faunaleefgemeenschappen. Het moest vooral een divers ecosysteem worden en blijven, met een grote biodiversiteit.

Speelkwartier

Met het invoeren van grazers door Staatsbosbeheer – naar een idee van huisecoloog Frans Vera – is de biodiversiteit in de Oostvaardersplassen door de jaren heen volledig om zeep geholpen. Doordat er te veel dieren op een te klein oppervlak rondlopen, zijn alle struiken opgevreten, zodat ze geen bescherming en beschutting meer hebben. Als het allemaal iets anders was beheerd hadden we een corridor naar de bosrijke Veluwe, zoals Hugh Jansman van de Universiteit van Wageningen in het artikel voorstelt, niet nodig.

Ook de vele ganzen hebben zo hun bijdrage geleverd aan het monotone, kale biodiversiteitsarme toendralandschap zoals het nu is. Ik vind dat een enkel zeearendsnest, hoe bijzonder ook, dit allemaal niet kan compenseren.

Het speelkwartier voor de ecologen is nu voorbij. Het is tijd voor een andere aanpak om zodoende de biodiversiteit en de soortenrijkdom van vogels, planten- en dierengemeenschappen weer terug te brengen. Minder viervoeters toelaten in het gebied zal hieraan bijdragen, zodat ook voor hen in alle seizoenen voldoende voedsel aanwezig is om te kunnen overleven. En daarmee stoppen ongewenste bedreigingen, ‘hongersnood’ en illegale bijvoederpraktijken.

Lees ook: Geef de Oostvaardersplassen terug aan de oorspronkelijke dieren: de vissen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden