OpinieNobelprijs voor de Vrede

De Nobelprijs is een mooie erkenning, maar voedselhulp brengt eerder stabiliteit dan vrede

De Nobelprijs voor de vrede is een mooie erkenning voor het Wereldvoedselprogramma, maar dat programma brengt eerder stabiliteit dan vrede, schrijft Emily ter Steeg, programma­manager van Traide Rwanda.

Het Wereldvoedselprogramma (World Food Programme, WFP) kreeg deze maand de Nobelprijs voor de vrede. Dat is een prachtige erkenning van de strijd die WFP al bijna zestig jaar voert tegen honger. Het staat niet ter discussie of het werk dat WFP doet belangrijk is: dit jaar stijgt het aantal mensen in acute hongersnood van 135 naar 260 miljoen door corona. Toch is de winst van WFP niet zonder controversie en kritiek. Mijns inziens draagt voedselhulp wel bij aan stabiliteit, maar zorgt deze niet voor vrede.

Honger is een probleem veroorzaakt door mensen. Men kan niet vaak genoeg herhalen dat er op de wereld genoeg voedsel wordt geproduceerd. Voedsel bereikt echter niet iedereen. We zien honger ontstaan in tijden van oorlog, economische crisis en een pandemie. Honger groeit door ongelijkheid en de klimaatcrisis. WFP zorgt dat voedsel aanwezig is en draagt zo bij aan stabiliteit. Zo kan voedselhulp bijvoorbeeld verdere ­escalatie van een conflict voorkomen.

Zelf heb ik stage gelopen bij WFP in Tadzjikistan. Tadzjikistan is een vergeten dictatuur. Het land haalt nooit het nieuws, met uitzondering van de aanslag op zijderoute-fietsers in 2018. Het land wordt geleid door Emomali Rahmon die de officiële titel Brenger van de Vrede en Nationale Eenheid, Leider van de Natie draagt. Het is in Tadzjikistan slechter gesteld met voedselveiligheid dan in buurland Afghanistan. Humanitaire- en ontwikkelingsorganisaties, inclusief WFP, leveren zorg die het autoritaire ­regime weigert te leveren: overheidsinkomsten worden onder meer besteed aan de bouw van het nieuwe presidentiële paleis. Op deze manier zorgt voedselhulp voor een tijdelijke oplossing en stabiliteit, maar het leidt niet tot duurzame vrede.

Wanneer er stabiliteit wordt gecreëerd door WFP, betekent dit niet altijd dat de ­lokale bevolking hier eenduidig van profiteert. Hulp van WFP kan nadelig zijn voor lokale boeren en handelaren (Trouw, 10 oktober). Gratis voedsel verstoort de markt en vervolgens duurt herstel van het lokale productiesysteem langer. Als oplossing probeert WFP of lokaal in te kopen, of geld te geven aan hulpbehoevenden in plaats van eten.

Productiestandaarden en donorafhankelijkheid

WFP heeft als doelstelling om 10 procent van voedsel van kleine boeren te kopen. Er zijn twee redenen waarom het lastig blijft om voedsel lokaal in te kopen: productiestandaarden en donorafhankelijkheid. Bijna alle productie voor WFP wordt verzorgd door grote leveranciers uit ontwikkelde landen. Alleen deze partijen kunnen leveren volgens de vereiste kwantiteit- en kwaliteitsstandaarden.

In Rwanda staat een fabriek met de naam Africa Improved Foods die gefortificeerde pap produceert voor WFP. Het gros van de mais komt (nog) uit het buitenland, omdat Rwandese boeren te weinig mais produceren en besmetting met aflatoxine een groot probleem is.

De tweede reden is dat WFP afhankelijk is van donaties van landen en individuen. Sommige landen verbinden voorwaarden aan hun donaties. Er moeten bijvoorbeeld producten mee worden gekocht uit het donorland in kwestie. Om deze reden gaan veel grote contracten naar grote donoren, zoals de Verenigde Staten.

Momenteel bestaat 38 procent van het WFP-portofolio reeds uit financiële hulp. Geld zorgt ervoor dat mensen worden voorzien van financiële toegang tot voedsel. Dit is alleen mogelijk wanneer er voedsel aanwezig is op de lokale markt. Soms wisselt WFP tussen financiële hulp na de lokale oogst en voedsel in tijden van schaarste. Een probleem met cash-hulp is dat het soms minder goed werkt voor de meest kwetsbare doelgroep: deze mensen zijn vaak verder verwijderd van de lokale markt en transportkosten zijn voor hen relatief duur.

Groeiend hongerprobleem

De Nobelprijs voor WFP benadrukt hoe cruciaal voedselhulp was in het afgelopen jaar. Daarmee staat deze symbool voor een ­groeiend hongerprobleem. Voor mij vertegenwoordigt de winst van WFP ook deels het falen van andere nationale en multilaterale partijen om vrede te creëren en lokale voedselsystemen te beschermen.

De Nobelprijs voor de vrede gaat dit jaar niet naar een partij die voedselhulp overbodig heeft gemaakt, maar naar een humanitaire organisatie die steeds meer werk op zijn bord krijgt.

Lees ook:

Nobelprijs naar Wereldvoedselprogramma: ‘Honger leidt tot conflicten, wij brengen een beetje stabiliteit’

De Nobelprijs voor de vrede gaat naar het Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties. Directeur noodhulp Margot van der Velden vertelt hoe de organisatie bijdraagt aan vrede en stabiliteit

Corpulente leider? Dikke kans dat hij corrupt is

Hoe dikker een bewindvoerder, hoe groter de kans dat hij corrupt is. Althans, tot die conclusie komt Pavlo Blavatskiy, hoogleraar economie aan de Universiteit van Montpellier. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden