Opinie Rechtspraak

De minister mag zich best met Openbaar Ministerie bemoeien

De verontwaardiging groeit over de mogelijke bemoeienis van het ministerie met het OM om Geert Wilders te gaan vervolgen voor zijn minder Marokkanen-uitspraak. Niet alleen bij Wilders en zijn advocaat Geert-Jan Knoops, ook in de Tweede Kamer. Terwijl de minister zich best mag bemoeien met het OM. Daar is niets onrechtmatigs aan, vindt jurist en journalist Ger Dullens.

Geert Wilders maakt veel ophef over de bemoeienis van het ministerie van justitie met zijn vervolging, maar die bemoeienis is niet zo bijzonder als hij wil doen geloven.

In de eerste plaats is het Openbaar Ministerie gewoon onderdeel van het ministerie van justitie. De minister is politiek verantwoordelijk voor het werk van het OM en hoe kun je verantwoordelijk zijn voor iets waarmee je je niet zou mogen bemoeien? In de wet staat gewoon dat hij/zij dat mag (Wet op de rechterlijke organisatie art. 127: “Onze Minister kan algemene en bijzondere aanwijzingen geven betreffende de uitoefening van de taken en bevoegdheden van het openbaar ministerie”.

In de tweede plaats is al eerder in een geruchtmakende zaak gebleken dat de minister zich soms daadwerkelijk met een individuele zaak bemoeit. Dat was bij het zogeheten ‘Ezelproces’ tegen Gerard (van het) Reve. Hij had geschreven dat hij God wilde zien als een ezel waarmee hij geslachtsgemeenschap wilde hebben. In de ogen van met name orthodoxe gelovigen pleegde hij daarmee het strafbare feit ‘smalende godslastering’, destijds nog in het Wetboek van Strafrecht opgenomen maar in 2014 geschrapt. Het OM zag geen reden tot vervolging over te gaan, maar toen bemoeide de politiek zich ermee in de persoon van het Tweede Kamerlid Van Dis van de SGP. Op zijn aandringen gaf de minister alsnog opdracht aan het OM de schrijver te vervolgen.

In een acht uur durende zitting van de Amsterdamse rechtbank op 20 oktober 1966 – ondergetekende was daar als verslaggever bij – zei de officier van justitie, mr. J. Abspoel, letterlijk: “Ik sta hier in opdracht van de minister, als vertegenwoordiger van het Nederlandse volk, niet als vertegenwoordiger van ir. Van Dis, want dan was ik niet gekomen.” Niemand zag in deze persoonlijke bemoeienis van de minister een aantasting van de trias politica, zoals nu in de zaak Wilders wordt beweerd.

Bij alle discussies in de media lijkt te worden vergeten dat de invloed van de minister zich beperkt tot het Openbaar Ministerie. Ook al zou het ministerie van justitie het requisitoir tegen Wilders beïnvloeden, dan nog blijft het laatste woord aan de rechter. De rechtbank behoeft zich niets aan te trekken van wat het OM ter zitting aanvoert. Pas als de minister of zijn ministerie contact zou hebben gezocht met de rechters – onvoorstelbaar in Nederland – zou er sprake zijn geweest van aantasting van de rechtsstaat.

Lees ook:

Met Wilders zitten ook politiek, ambtenaren en OM in het verdachtenbankje

Het proces tegen Geert Wilders gaat vooralsnog door. Wat zijn de gevolgen voor het vertrouwen in de rechtsstaat?

In Den Haag groeit de onrust over het proces tegen Wilders

Advocaat Geert-Jan Knoops zal dinsdag in de extra beveiligde rechtbank van Schiphol bepleiten dat de rechtszaak tegen PVV-leider Geert Wilders alsnog gestaakt moet worden. Onthullingen van ‘RTL Nieuws’ geven de verdediging voldoende zuurstof voor een nieuwe poging om het Openbaar Ministerie (OM) onderuit te halen.

En God Zelf zou bij mij langs komen in de gedaante van een éénjarige, muisgrijze Ezel

Het Ezelproces geldt als de bekendste blasfemiezaak in de Nederlandse geschiedenis. De uitkomst is bekend: Gerard Kornelis van het Reve werd vrijgesproken van de hem ten laste gelegde ’smalende Godslastering’. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden