Column Nelleke Noordervliet

De mensenmassa’s op de Wallen maken entreeheffing nodig

In een grijs verleden heb ik korte tijd aan de rand van de Wallen gewoond. Het was een kleurrijke buurt. Druk maar gezellig. Boeren, burgers en buitenlui gingen er ‘recht naar de kroegen en de wijven’ zoals Adèle Bloemendaal zong. Ik zal geen romantisch beeld schetsen van de rosse buurt, maar het was allemaal op menselijke maat, vanaf de Middeleeuwen al. Een tikje crimineel, luidruchtig, ordinair, maar Amsterdams. Iedere Amsterdammer had er een zwak voor. Helaas zijn de tijden van Blonde Greet en ‘Wat zien ik’ voorbij. Het aanbod wisselt met iedere nieuwe zending meisjes uit Oekraïne of Thailand.

Ik woon er inmiddels verder vandaan, zij het nog altijd op loopafstand. Maar ik kom er zelden of nooit meer. Alleen als er iets te doen is in de prachtige Église Wallonne of het indrukwekkende Trippenhuis waar de KNAW en de Akademie van Kunsten zitten. Sowieso is de hele binnenstad van Damrak tot Leidseplein een no-go area geworden, geheel overgenomen door niet-Amsterdammers die denken in het echte Amsterdam te zijn. De vrolijke anarchie die de stad karakteriseerde is verdwenen. ‘’t Is de schuld van het kapitaal’, zoals een ander lied luidt.

Vervreemdende massatoerisme

Ik erger me aan de teloorgang van de binnenstad. Iedereen weet dat het vervreemdende massatoerisme de oude Europese binnensteden is binnengedrongen, dat het geld in het laatje brengt – maar dat het uit de hand loopt. Wat moeten we doen, enerzijds om de vrijheid van de mens om te gaan en staan waar hij wil te respecteren, en om de economie van de stad te laten draaien, anderzijds om de boel een beetje hebbelijk te houden?

Voor de Wallen heeft het gemeentebestuur een viertal scenario’s bedacht, waaruit een keuze moet worden gemaakt. Hoe verhouden prostitutie en toerisme zich tot elkaar? Prostitutie is van alle tijden. Maar geen enkel meisje van dertien jaar droomt van een toekomst als ‘hoer’. Dat sommige vrouwen erin verzeild raken en met een zekere beroepstrots hun vak in de seksuele dienstverlening zelfstandig uitoefenen, is tot daaraan toe. Die vrouwen verdienen respect en bescherming, al zou het mooi zijn als ze ook goed zouden kunnen verdienen buiten de seksindustrie.

De mensenhandel waartoe prostitutie heeft geleid, is een weerzinwekkend fenomeen. Daar is iedereen op tegen.

Wanhopige boa's 

De raamprostitutie op de Wallen is met de moderne mogelijkheden van internetcontacten eigenlijk een ouderwetse aangelegenheid. Een fossiele kermis. Bijna museaal. Daar komen dan ook veel belangstellenden op af. In dat kader zou het niet vreemd zijn om net als in het Openluchtmuseum entree te heffen en daarbij gedragsregels af te spreken. Overal suppoosten te plaatsen. Mannen die zich als klant bij een vrouw aandienen kunnen zich na betaling van het aan haar verschuldigde bedrag met een kwitantie melden voor restitutie van het entreegeld.

De gemeente moet vooral iets doen aan de overlast van de dronken, opgefokte mannenpraatgroepen die de vrouwen respectloos bekijken, bespugen, aanspreken; aan de overlast van de drommen uitgelaten toeristen die met hun stadsgids in de hand massaal over de Wallen drentelen en de vrouwen aangapen; aan de overlast van kotsende, schreeuwende, gedrogeerde individuen. Nu patrouilleert er een handvol wanhopige boa’s, buitengewoon opsporingsambtenaren, die hun best doen, maar weinig macht hebben.

Rekening presenteren

Wat behelzen de voorstellen van de gemeente? Voornamelijk het moeilijker maken van het werk voor de dames en de raamverhuurders. Zij veroorzaken zelf de overlast niet, maar krijgen wel de rekening gepresenteerd. Het meest logische en eerlijke scenario is het beter handhaven van de regels, die er al zijn. Meer handhaving? ‘Onmogelijk!’ zegt de burgemeester. Hoezo ‘onmogelijk’? Het is je eerste taak.

Anders: een bezoekersstop van de Wallen, en een uitgebreide voorlichtingscampagne bij de bezoekende toeristen en touroperators over het gedrag dat we van hen verwachten. Hoge boetes voor grensoverschrijdend gedrag.

En als we dan toch bezig zijn: ruim de klerezooi op.

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelle’s en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden