Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De mens is bezig met een vergeefse zoektocht naar gezelschap in de ruimte

Opinie

Bert Keizer

Bert Keizer. © Trouw
Column

Wekelijks schrijft filosoof en arts Bert Keizer een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen. Deze keer wijdt hij zijn aandacht aan andere levensvormen.

Deze week zag ik de film 'Gravity' weer. Ik moest denken aan Carlyle die omhoogblikkend naar de sterren aan de nachthemel, zei: "Een triest schouwspel. Als ze bevolkt zijn, wat een mogelijkheden voor ellende en dwaasheid, als ze niet bevolkt zijn, wat een verspilde ruimte." Hij beschouwde de wereld immers als de woonplaats van de mens. Het heelal hoorde daar ook bij en het zou toch zonde zijn als er niets gedaan werd met al die ruimte. Want waar is ruimte anders voor dan benut te worden door de mens?

Lees verder na de advertentie

We kijken nu precies andersom. Het heelal is helemaal niet 'onze' ruimte. De aarde mag van ons zijn, maar zodra we dat erf verlaten zijn we nergens. Bij dat 'nergens' denk ik meteen aan de Voyager, de ruimteverkenner die in 1977 werd gelanceerd. Ik lees op Wiki dat hij ons zonnestelsel ergens in 2010 heeft verlaten, maar dat de NASA dat pas in 2013 meldde omdat de grens van ons zonnestelsel een enigszins rekbaar begrip is. Dat begrijpen we nog wel.

Minder makkelijk vind ik het bericht dat men in november 2017 de raketmotoren die hem van koers kunnen doen veranderen na zevenendertig jaar heel even heeft opgestart. Signalen die met hem worden uitgewisseld waren toen negentien uur en vijfendertig minuten onderweg. Is het niet ongelooflijk dat hij dan toch nog reageert? Maar waarom hij van koers moest veranderen weet ik niet, want hij was toen al langs al de planeten van 'ons' zonnestelsel gevlogen. Op Jupiter zag hij zwavelvulkanen. Op Triton, maan van Neptunus, zag hij erupties bij dertien graden Kelvin, het ging om kilometers hoog opspuitende zwarte geisers.

Ik denk dat dat allemaal zinloos is omdat ervan uit wordt gegaan dat onze ruimtemaatjes kunnen horen en zien

Wat mij vooral treft bij alle reportages uit de locaties om ons heen is dat het er zo ronduit akelig is. Zo ook in Gravity waarin Sandra Bullock niet voor niets zegt: 'I hate space.' Je begrijpt niet wat mensen bezielt die denken dat ze het op Mars naar hun zin gaan hebben. Het is misschien wel doenlijk als je er geboren wordt in een grote tent met aardse atmosfeer. Maar wat een armoe. Een grote tent!

Terug naar de Voyager. Buiten ons zonnestelsel bestaat er geen gevaar meer voor een botsing met kometen en asteroïden. Dat wil zeggen dat hij nog vele duizenden misschien wel miljoenen of miljarden jaren verder kan vliegen, want hij slijt niet. Hij reist immers door een vacuüm. Ik weet niet wat allerlei vormen van straling nog teweeg kunnen brengen in zijn mechaniek maar als voorwerp zal hij niet gauw uiteenvallen. Is dat geen huiveringwekkende gedachte dat hij nog altijd rond zal zweven als de wateren zich bij wijze van spreken reeds lang weer gesloten hebben boven het hele mensencircus? Een groet uit een onbegrijpelijk graf.

Zo wordt hij van ruimteverkenner tot brief in een fles de ruimte ingeworpen. Er is van alles aan boord dat door andere 'wezens' ergens daar in de ruimte zou moeten worden opgevat als een boodschap van ons aardbewoners. Ik denk dat dat allemaal zinloos is omdat ervan uit wordt gegaan dat onze ruimtemaatjes kunnen horen en zien. Maar één ding lijkt Voyager wel aan 'iedereen' duidelijk te kunnen maken: dit is een heel raar voorwerp. Ook als je niks kunt zien en alleen maar gammastralen tot je beschikking zou hebben, dan nog zou Voyager een onverklaarbaar ding zijn.

Waarbij ik weer niet weet in hoeverre gammastralen enz. alleen maar iets binnen de menselijke sfeer betekenen. Hier komen we nooit uit.

In zijn laatste boek schrijft Dennett: als je op een andere planeet langs de zee loopt, wat zou je meer verbazen als vondst, een vis, of een hengel? Dat is wel de mooiste en kortste opsomming van dit probleem. Zou ons ruimtemaatje in de Voyager de vis èn de hengel zien? Want dat is wel wat die ruimtesonde in zich bergt.

Wat zijn de kansen dat 'andere levensvormen' iets met ons zouden kunnen uitwisselen? Wel eens geprobeerd iets over huwelijk, rijbewijs of democratie uit te leggen aan hond, dolfijn, kat, olifant of onze nabije neef de chimpansee? Geen kans, en toch staan zij veel dichter bij ons dan kan niet schelen wat we ooit zullen tegenkomen in de ruimte. Ik denk dat we vergeefs gezelschap zoeken daarginds.

Bert Keizer is filosoof en arts bij de Levenseindekliniek. Voor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen. Andere columns van Bert vindt u via trouw.nl/bertkeizer.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

Ik denk dat dat allemaal zinloos is omdat ervan uit wordt gegaan dat onze ruimtemaatjes kunnen horen en zien