OpinieJournalistiek

De media bepalen met hun nieuwskeuze voor wie we empathie voelen

Media, pas het principe van gelijkheid toe in berichtgeving, schrijft Sahar Noor.

Op de campus van de Universiteit van Kaboel werden begin november bij een aanslag, opgeëist door IS, 35 studenten en docenten gedood. Vijftig anderen raakten gewond. Deze aanslag op de mensheid, in het hart van kritisch en onafhankelijk denken, kennis en progressie, leidde niet tot grote Nederlandse krantenkoppen, noch was het nieuws in het achtuurjournaal. Wel de terroristische daad in Frankrijk (drie dagen ervoor) en de aanslag in Oostenrijk (dezelfde avond). Waarom eigenlijk niet?

‘Het is een ver-van-ons-bed-show.’ ‘Er zijn dagelijks aanslagen in Afghanistan.’ ‘Het land ligt nu eenmaal ver weg, mensen herkennen zich niet in alle groepen.’ ‘Media moeten ook winst maken. Zo simpel is het soms.’ Dit is een greep uit de argumenten die de revue passeerden toen ik op LinkedIn hierover een discussie aanzwengelde.

Of het nu gaat om één mensen­leven of honderd, slachtoffers zijn slachtoffers. Op humanitaire gronden zou het niet mogen uitmaken waar de slachtoffers zijn geboren, welke kleur, etniciteit, religie of gebruiken zij hebben. De nieuwswaarde van een incident met burgerdoden zou niet afhankelijk moeten zijn van deze gronden, laat staan het aantal doden. Toch is het zo.

Onze jongens zijn wel nieuws

Ter illustratie: toen de Nederlandse militairen tussen 2006 en 2010 gestationeerd waren in Uruzgan, was niets wat in Afghanistan gebeurde een ver-van-ons-bed-show. Integendeel, alle mini-stapjes richting wederopbouw werden in de media breed uitgemeten. Zelfs de waterputjes die geslagen werden kregen buitenproportionele media-aandacht. Immers, dat ging over ‘onze jongens in Uruzgan’.

De afgelopen maanden domineerden de Amerikaanse verkiezingen onze media. We kregen letterlijk de visie van bijna 328 miljoen VS-inwoners voorgeschoteld. De media bepaalden dat dit nieuwswaarde had voor ons land.

De gedetailleerdheid waarmee er aandacht aan werd besteed liet zien dat de media wel degelijk over alles kunnen berichten. Zo werd een sense of urgency gecreëerd. Iedereen volgde ‘ineens’ de verkiezingen op de voet. Ook mensen die zich er voor die tijd helemaal niet mee bezighielden, vonden het nu ineens belangrijk. Dit bewijst dat het argument ‘hoe verder een land van ons afstaat, hoe minder nieuwswaarde het heeft’ voor de Nederlandse media in elk geval géén valide argument is.

Tot slot het meest pijnlijke argument. Dat van ‘zich niet herkennen in die verre ander’. Waarom pijnlijk? Omdat dit argument impliceert dat herkenning en identificatie met het lijden van een ander alleen kan plaatsvinden als er gemeenschappelijke factoren zijn, zoals ras, kleur, religie, gebruiken. Empathie komt dus niet tot stand op basis van medemenselijkheid, maar op basis van selectie of zelfs willekeurig.

Deze beredenering is net zo wrang als stellen dat omdat je je niet kunt herkennen in de Joodse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, je geen empathie kunt opbrengen en daarom geen minuut stil wilt zijn tijdens de herdenking.

Doorbreek de selectieve verontwaardiging

Waar en hoe ver van ons vandaan een land ligt, hoeveel doden er zijn, door wie de aanslag is gepleegd en of we dezelfde kleur, taal en of waarden delen, het zou humanistisch gezien allemaal niet mogen uitmaken voor de nieuwswaarde van een incident met dodelijke slachtoffers. Op het moment dat media op basis van die gronden gaan afwegen welk incident het nieuws wel of niet haalt, bepalen ze de mate van empathie en medeleven die het publiek kan hebben voor de ander.

Geen wonder dat wij in Nederland ons regelmatig selectief verontwaardigen. Mijn appèl aan de media is dan ook: pas het principe van gelijkheid toe in berichtgeving. Wellicht maak je geen financiële winst, maar je helpt ons inclusiever te worden, ons empathisch op te stellen en solidair te zijn met slachtoffers uit welk land dan ook. 

Lees ook:

Voor de complete informatie moet je maar even op internet kijken

Is de bestrijding van de corona-epidemie wel een onderwerp voor een talkshow? Dit lijkt een rare vraag, nu er inmiddels al acht maanden lang avond aan avond op het coronabeleid wordt gekauwd in een programma als ‘Op1’. Toch toonde ­‘Medialogica’ donderdag aan hoe relevant de vraag is.

De fascinatie voor de zaak Nicky Verstappen

Na vijf weken wikken en wegen, doet de rechter vrijdag uitspraak in de zaak Nicky Verstappen. De zaak maakte veel los en de rechter besloot de uitspraak live op internet te doen. Wat maakt dit drama zo uitzonderlijk?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden