CommentaarLuanda Leaks

De Luanda Leaks laten zien dat het moreel kompas opnieuw moet worden afgesteld

Er gebeurt echt wel wat. Het toezicht op de omvangrijke bedragen die via brievenbusmaatschappijen door Nederland stromen is de afgelopen jaren aangescherpt. Maar uit de ­Luanda Leaks, het onderzoek naar de financiën van de rijkste vrouw van Afrika, blijkt opnieuw dat dubieuze bedrijven in Nederland steeds weer oplossingen vinden om zich aan het toezicht te onttrekken. En dat baart zorgen.

Dat het toezicht beter moest, is de afgelopen jaren keer op keer aangetoond. Grote internationale onderzoeken als de Panama Papers en de Paradise Papers lieten zien dat Nederlandse vennootschappen veelvuldig worden gebruikt door bedrijven en particulieren die ­belastingen willen ontwijken of zelfs ontduiken. Ze zetten constructies op met Nederlandse bv’s en stichtingen om geldstromen naar belastingparadijzen te sluizen, of om corruptie te verhullen. Financiële dienstverleners – waaronder trustkantoren, accountants, notarissen, ­advocaten en banken – maken dat mogelijk.

Die dienstverleners, ook ‘poortwachters’ genoemd, zijn afgelopen jaren gedwongen om beter naar hun klanten te kijken. Sommige trustkantoren verloren hun vergunning, andere weerden klanten, notarissen zijn berispt en belastingadviseurs geschorst. Die strengere blik, en de openlijk beleden wens van de regering om aan sommige constructies een eind te maken, heeft het aantal brievenbusmaatschappijen verminderd met grofweg een derde.

Van trustkantoor naar trustkantoor hoppen

Maar er blijven ontsnappingsroutes. De Luanda ­Leaks laten zien dat dubieuze bedrijven, waarbij De Nederlandsche Bank vraagtekens stelt, van trustkantoor naar trustkantoor kunnen hoppen. Om uiteindelijk helemaal buiten die formele trustsector actief te blijven in Nederland. Activiteiten die behoren bij het beheer van vennootschappen in Nederland worden dusdanig opgeknipt, dat uiteindelijk niemand meer het overzicht heeft. Nog meer toezicht is logisch, net als een oproep aan de financiële sector niet alleen naar de wettelijke grenzen van hun handelen te kijken, maar ook naar de morele grenzen die ze moeten bewaken.

Datzelfde geldt voor bedrijven als baggeraar Van Oord, gesteund door ING en de Nederlandse overheid. Die hebben bij een stadsontwikkelingsproject in Angola corruptie en mensenrechtenschendingen genegeerd, alle rode vlaggen ten spijt. Wie dat doet in een land als Angola, waar de kans op dat soort praktijken levensgroot is, plaatst eigen gewin boven iedere ethische afweging. Strafzaken, schikkingen, boetes, beter toezicht en scherpere wetgeving zijn slechts een deel van de ­oplossing daarvoor. Het is de hoogste tijd om het morele kompas opnieuw af te stellen.

De mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden