Column

De geest onthoudt slechts splinters

Rob Schouten.Beeld Maartje Geels

In mijn boekenkast, weliswaar een eind uit het zicht, staan ze nog altijd: tientallen deeltjes uit de reeks 'Helden van de geest'.

Ik heb ze denk ik allemaal rond mijn vijftiende aangeschaft in Groningen bij De Slegte in de Herestraat, voor 69 cent per stuk, populaire boekjes over mannen als Isaac Newton, Spinoza, Rousseau, David Hume, Lao Tse.

Ik gebruikte ze om af te komen van het bij ons thuis geldende monopolie van het christelijke gedachtengoed en uit te vinden wat er verder te koop was in de wereld. Een groot deel van die boekjes was volgeschreven door een zekere dr. J. L. Snethlage, die ik bijgevolg als mijn bevrijder van al te enghartige en bijgelovige gedachten huldig. 

Ik wil niet beweren dat ik alles wat over deze wijsgeren geschreven werd ook begreep; als het een kwart was, is het al heel wat, maar ik rook eraan en laafde me aan regels als deze over het deïsme van Montesquieu: 'Dit type christendom was natuurlijk bezwaarlijk in overeenstemming te brengen met het officiële geloof der kerk, want het bood geen plaats voor openbaringen en wonderen en van deze laatste geldt nu eenmaal: "Das Wunder ist des Glaubens liebstes Kind".' Een regel die ik besloot tezijnertijd aan tafel te berde te brengen mocht de onnozelheid van mijn omgeving daartoe aanleiding geven.

Er stond niet bij van wie de uitspraak was, maar later begreep ik dat die natuurlijk afkomstig moest zijn uit de koker van Goethe, hofleverancier van aforismen in het Avondland. Ik vond het ook wel passend om het dan in een vreemde taal te doen, teneinde mijn ouders en zusjes te verbluffen. Zo nam ik ook Montaignes uitspraak 'Car, quant aux miracles, je n'y touche jamais' op in mijn repertoire - ik was denk ik een ellendig uitslovertje in die tijd. 

Leven in soundbites

Maar merkwaardig toch hoe allerlei gezegden, bon mots en zinsflarden in mij zijn blijven hangen, en zo weinig van de grote lijn, het geheel. Alsof ik het leven slechts in soundbites ervoer, in losse kreten die me op weg naar de toekomst moesten begeleiden. Niet de hele Bijbel, maar alleen 'Vanwaar Gehazi?' of 'Zij pleegden ontucht in Egypte; in haar jeugd pleegden zij ontucht', van Goethe geen enkel heel stuk, alleen splinters, uit de conversatie tussen mijn ouders slechts karakteristieke fragmenten, niet alle autoritten in onze Renault Dauphine, maar wel het kenteken: DX-36-35. De krenten uit de pap.

Of zijn het allemaal voorbeelden van de wet van eenvoud, 'de wet van Prägnanz' zou ik in mijn puberteit hebben gezegd: je onthoudt dingen in hun eenvoudigste vorm? Je kunt immers niet alles onthouden en recapituleren, dat zou het effectieve saldo van het bestaan halveren, vierendelen. Het is dus goed en nuttig dat het geheugen, de hippocampus, niet alles wat we hebben gehoord en meegemaakt opslaat, anders zouden we overbelast raken. Maar de vraag blijft waarom het één wel en het ander niet.

Ik denk dat ons geheugen kiest wat het beste in onze kraam past, in mijn geval dus twijfel aan wonderen. Ook onthouden in dit verband, Job 34:4, uit zijn verband gerukt: 'Laat ons voor onszelf uitmaken wat recht is.'

Lees meer columns van Rob Schouten in ons dossier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden