Eurozone

'De euro splijt Europa'

Joseph StiglitzBeeld Merlijn Doomernik

Als de eurolanden niet hervormen en blijven aanmodderen is een nieuwe crisis onvermijdelijk, verwacht de Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnnaar Joseph Stiglitz.

Tien jaar lang werkten twaalf landen binnen de EU aan een enorm economisch laboratorium, dat op 1 januari 2002 de deuren opende. Joseph Stiglitz had er naar uitgekeken. De inmiddels 73-jarige winnaar van de Nobelprijs voor de economie was altijd al gefascineerd door economische integratie. De euro zou het grootste experiment zijn dat hij ooit zou meemaken. En het leidt helemaal nergens toe, concludeert de Amerikaanse econoom veertien jaar later.

"De euro zou welvaart moeten brengen", zegt hij. "En solidariteit. Maar de euro zorgt juist voor het tegendeel. De munt verdeelt Europa in noord en zuid. Het zorgt voor achterdocht, woede en wrok."

Euro zet landen tegen elkaar op
Het is de centrale boodschap van Stiglitz' boek 'De euro' die als ondertitel heeft: 'Hoe de gemeenschappelijke munt de toekomst van Europa bedreigt'.

Deze hoe-vraag beantwoordt Stiglitz door aan te tonen dat de euro landen tegen elkaar opzet. Rijke landen profiteren van de munt ten koste van de zwakke lidstaten. Dat is terug te zien aan de overschotten op de handelsbalans. Duitsland en Nederland bijvoorbeeld exporteren veel meer dan zij invoeren. Onder de streep blijft een positief saldo over van miljarden euro's. Nederland is daar best gelukkig mee. Het resultaat van goed economisch beleid, vinden bewindslieden.

"Maar het overschot van de een, is het tekort van de ander", zegt Stiglitz, die afgelopen weekend Nederland bezocht. "Dat overschot roept in landen als Duitsland en Nederland een gevoel op van deugdzaamheid." Een overschot is volgens Stiglitz prima voor een individueel huishouden, maar niet voor een land. "Als een land een overschot heeft, gaat dat ten koste van anderen. Het is een zero sum game."

Papieren afspraak
Dat ziet niet iedereen zo. In het voorwoord van Stiglitzs boek schrijft de Belgische econoom Geert Noels dat 'de eurozone geen eiland is, zoals in de economisch-theoretische modellen die we op de universiteiten en uit economische handboeken leren'. Eurolanden handelen ook met andere continenten. Daarom is het volgens Noels best mogelijk dat alle landen in de eurozone een overschot boeken.

Waar Stiglitz volgens critici ook aan voorbijgaat, is dat de eurozone de regels verbetert. Zo spraken Europese leiders in 2011 af dat de overschotten niet te hoog mochten worden. Zeer tegen de zin van Duitsland en Nederland.

Probleem is dat het vooral een papieren afspraak is. Niemand tikt Duitsland op de vingers. Hetzelfde dreigt te gebeuren bij een eventuele redding van Deutsche Bank. Volgens de nieuwe regels mag de staat de bank niet te hulp schieten. Het zijn vooral de noordelijke landen geweest die hier op aandrongen. Zo willen zij voorkomen dat zij indirect opdraaien voor de verliezen van Zuid-Europese banken. Maar nu een Duitse bank wankelt, denkt Stiglitz dat er ergens een achterdeurtje opengaat. Het zijn dat soort machtsspelletjes waar hij voor waarschuwt. Zij zetten kwaad bloed in het zuiden van Europa, dat wel aan de strenge regels moet voldoen. Dat is vooral terug te zien in Griekenland, waar bondskanselier Angela Merkel geregeld met een smal snorretje op haar bovenlip is afgebeeld.

Boeman
Daarover gesproken, Stiglitz zelf maakte volgens critici dit weekend ook een uitglijder door in een interview met de Volkskrant het Duitse 'regels zijn regels' te vergelijken met 'bevel is bevel'. Dat is wel in lijn met de toon die Stiglitz in zijn boek aanslaat als hij het over Duitsland heeft. Ook de Vlaming Noels schrijft dat Duitsland te veel wordt afgeschilderd als grote boeman. In het voorwoord wijst hij er op dat het juist Duitsland is dat de Europese kar trekt. De anti-Duitse sentimenten zijn wel begrijpelijk, schrijft de Belgische econoom, gezien het optreden tijdens de Griekse crisis. Toen hield Berlijn wel erg nadrukkelijk de belangen van enkele grote Duitse banken in het oog.

Griekenland heeft al jaren een tekort op de handelsbalans. Vroeger kon Athene het evenwicht herstellen door de drachme te devalueren. Dat maakte de feta en olijfolie goedkoper voor het buitenland. Tegelijkertijd werden buitenlandse producten duurder, wat de import afremde. Maar devalueren zoals vroeger kan niet meer. De oprichters van de eurozone hebben daar een oplossing voor bedacht: interne devaluatie. "Dat wil zeggen dat tekortlanden hun lonen en prijzen verlagen. Maar landen accepteren geen loonsverlaging van 20 procent. Stel dat ze dat wel zouden doen, dan zullen veel burgers het hoofd niet boven water kunnen houden. Er zouden minder belastinginkomsten zijn, meer faillissementen, banken zullen verzwakken waarna spaarders hun geld van de bank halen. Zo kom je in een vicieuze cirkel, zoals Griekenland is overkomen."

Joseph StiglitzBeeld Merlijn Doomernik

Slechtse scenario het waarschijnlijkst
Stiglitz voorziet voor de eurozone drie scenario's. Verbetering van de euro door een grondige herziening van regels en instituten, stoppen met de munt door vriendelijk afscheid te nemen van elkaar of blijven aanmodderen. Welk scenario het wordt?

"Afgaand op wat ik zie is aanmodderen de meest waarschijnlijke optie. Dat is direct ook de slechtste van de drie scenario's. Vooral omdat tijdens het aanmodderen twee dingen gebeuren. Allereerst zijn er enorme kosten die je niet kunt herstellen. Je verliest complete generaties aan werkloosheid. Ten tweede neemt door jarenlange depressies de bitterheid tegenover elkaar alleen maar toe. Dat maakt het lastiger om samen tot een akkoord te komen."

Zo'n akkoord moet zorgen voor een schuldenverdeling tussen noord en zuid, nauwere samenwerking, een bankenunie en stoppen met de rigide begrotingsregels. Want alleen dan is de euro volgens Stiglitz te redden.

Op zijn manier is Stiglitz best optimistisch over de haalbaarheid van dergelijke hervormingen. Op dit moment moeten vooral noordelijke landen niets weten van bijvoorbeeld schuldverdeling. "Ik vertrouw er op dat Europa bij een nieuwe crisis wel de goede beslissingen neemt en de juiste instituten en regels optuigt." Die nieuwe crisis is volgens Stiglitz onvermijdelijk als de eurolanden volharden in aanmodderen. Dan moeten de eurolanden wel actie ondernemen "omdat zij dan het pistool tegen hun hoofd voelen".

Gebrekkig economisch denken
In zijn boek vraagt Stiglitz zich af hoe het mogelijk is dat intelligente, goedbedoelende staatslieden zulke grote fouten hebben gemaakt met de euro. "Het hele concept van deze munt was een voorbeeld van gebrekkig economisch denken, vermengd met ideologie", schrijft hij. De verkeerde keuzes die telkens weer worden gemaakt, ligt volgens Stiglitz besloten in de aard van politiek. "Politiek gaat over nationale kwesties en is van nature gericht op de korte termijn. Je wordt gekozen voor vier jaar waarbij je na twee jaar al denkt aan de volgende verkiezingen. Bij veel hervormingen zijn de voordelen pas op langere termijn zichtbaar. Anders is dat bij de kosten. Die moet je direct betalen. Het denken in korte termijnen is dus ingebouwd in ons democratisch proces."

Daar komt nog eens bij dat politici alleen rekening houden met de eigen inwoners. "Door hen worden zij gekozen. Politici denken 360 dagen per jaar aan hun eigen bevolking. Op de resterende dagen gaan ze naar een topontmoeting, zoals laatst in Bratislava. Dan moeten zij de pet afdoen die ze 360 dagen per jaar dragen en een nieuwe, Europese pet opzetten."

Stiglitz heeft het zelf van nabij meegemaakt. Tussen 2009 en 2011 was hij adviseur van de Griekse premier George Papandreou. Hij zag hoe de leiders van de eurozone bij Papandreou de duimschroeven aandraaiden toen de Griekse premier een referendum uitschreef over het financiële reddingspakket uit Europa. De woedende reacties uit de noordelijke lidstaten en van de Brusselse leiders Herman Van Rompuy en José Manuel Barroso vond Stiglitz moeilijk te begrijpen.

Dezelfde reflex zag de econoom bij de huidige voorzitter van de Europese Commissie, Jean-Claude Juncker. Deze 'trotse schepper van het Luxemburgse belastingparadijs' koos na de Brexit voor de harde lijn. "Begrijpelijk misschien, als je bedenkt dat hij weleens de geschiedenisboeken in kan gaan als degene onder wiens bewind zich het begin van het einde van de EU heeft voorgedaan", sneert Stiglitz in zijn boek. Europa moet streng zijn voor de Britten "want anders zouden andere lidstaten er ook weleens uit willen stappen. Wat een reactie! Volgens Juncker moet Europa dus niet bij elkaar blijven omwille van de voordelen die dat biedt en die meer dan opwegen tegen de kosten, niet omwille van economische voorspoed, een gevoel van solidariteit, van Europese trots. Nee, Europa moet bij elkaar blijven uit angst om wat er zal gebeuren als een land eruit stapt."

Periferie
Ook de huidige Griekse premier Tsipras kreeg te maken met felle weerstand uit Europa toen hij vorig jaar een referendum uitschreef. Het volk stemde tegen invoering van de opgelegde bezuinigingen, waarna Tsipras toch door de knieën ging voor Brussel. Waarom doet Griekenland dat? Waarom akkoord gaan met maatregelen die de Griekse economie aantoonbaar schaden? "Omdat landen in de periferie zo graag deel willen zijn van Europa. Maar daarbij maken ze een fout. Deel zijn van Europa heeft niets te maken met de euro. Niemand zal zeggen dat Zwitserland geen Europa is. Dat land is niet eens lid van de EU."

Wat ook bij Griekenland speelt, is het gevoel van veiligheid, zegt Stiglitz. Tussen 1967 en 1974 heerste in Griekenland een dictatuur. "De Grieken denken: zolang wij deel zijn van Europa, zal dat nooit meer gebeuren. Daarom accepteren de Grieken zoveel. Nu waren er mensen in de regering van Tsipras die uit de euro wilden stappen, maar zij verlieten de regering. Inderdaad, net als de Griekse minister van financiën Yanis Varoufakis. Hun analyse was dat de kosten van een terugkeer naar de drachme lager waren dan de kosten van de jarenlange economische depressie. Ik deel die analyse. Het enige dat nu gebeurt, is problemen vooruitschuiven terwijl de kans groot blijft dat Griekenland de euro alsnog verlaat."

De anti-democratische reflexen uit Brussel, het aanmodderen met de euro, er zijn politieke partijen die er korte metten mee willen maken. Front National in Frankrijk bijvoorbeeld, Ukip in Groot-Brittannië en de PVV in Nederland. Maar Stiglitz zal geen advies geven om op de PVV te stemmen. Tot zijn afschuw zag hij eerder Front National-leider Marine Le Pen met zijn boek zwaaien. De rechts-extremistische partijen willen helemaal af van de EU. Stiglitz wil dat uitdrukkelijk niet. Hij is juist bezorgd over de toekomst van Europa en wil met een hervormde euro de EU juist versterken.

"Er is sprake van woede, begrijpelijke woede", schrijft hij in zijn nawoord. "Maar stemmen vanuit woede - zoals bij het Brexit-referendum een (beslissend) aantal kiezers gedaan heeft - lost de problemen niet op. Mogelijk komen er dan politici aan de macht en ontstaat er een politiek-economische situatie waardoor deze stemmers nog slechter af zijn."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden