Commentaar

De Eerste Kamer zet een stap naar het onbekende

D66-fractievoorzitter Rob Jetten in de Eerste Kamer (staand, rechts). Hij verdedigt daar zijn initiatiefwet om de benoeming van de burgemeester uit de Grondwet te halen.Beeld ANP

De Eerste Kamer zet, als de voortekenen niet bedriegen, volgende week een stap richting het onbekende. 

De huidige grondwettelijke verankering van de aanstelling van burgemeesters en commissarissen van de koning wordt opgeheven, zonder dat duidelijk is welke kant het kabinet, D66 – als initiatiefnemer van de zogenoemde deconstitutionalisering – of Eerste en Tweede Kamer op willen en welke gevolgen dat heeft voor de onafhankelijkheid van burgemeester of commissaris.

SGP-senator Peter Schalk noemde de gang van zaken gisteren in de Eerste Kamer niet ten onrechte rommelig. Hoe vaak komt het voor dat in Den Haag besluiten worden genomen, waarvan de gevolgen niet overzien kunnen worden? De cynicus zal zeggen: al te vaak. Een serieuzer antwoord zou moeten zijn: zo min mogelijk.

Toch bleef D66-fractievoorzitter Rob Jetten opnieuw hardnekkig weigeren aan te geven waar zijn partij heen wil met de benoeming van burgemeesters. Begrijpelijk, vanuit D66-perspectief: de partij wil uiteindelijk dat de burgers een burgemeester kiezen, hoewel daarvoor niet automatisch een politieke meerderheid is. Beter daar dus over te zwijgen.

Koninklijke weg

De D66-fractie in de Eerste Kamer probeerde gisteren wantrouwen in de eigenlijke bedoelingen weg te nemen. Fractievoorzitter Hans Engels wil, als de burgemeestersbenoeming uit de Grondwet wordt getild, eerst een grondig onderzoek naar en een politieke discussie over de eisen die aan modern lokaal bestuur gesteld moeten worden, voordat wordt besloten over de wijze van aanstellen. Het argument dat voor zo’n onderzoek wel eerst de benoeming uit de Grondwet moet worden gehaald, klonk echter bepaald niet overtuigend.

De koninklijke weg zou zijn om eerst een grondige analyse te maken van de eisen die aan modern lokaal bestuur gesteld moeten worden en welke gevolgen dat moet hebben voor de wijze waarop een burgemeester wordt benoemd. Dat kan ertoe leiden dat de benoeming uit de Grondwet moet worden getild.

De Eerste Kamer zou er goed aan doen de week die rest voor de definitieve stemming over het D66-voorstel nog eens goed na te denken over de juiste volgorde. De burgemeester en ook de commissaris van de ­koning genieten nu, hoe archaïsch de benoemingsprocedure ook ­moge lijken, nog een natuurlijk gezag. Dat zou te maken kunnen hebben met de benoemingsprocedure. In de praktijk is die al gemoderniseerd: zonder goedkeuring van een meerderheid van de gemeenteraad wordt een kandidaat allang niet meer benoemd. En onderling geregel van een regentenkliek is ook niet meer aan de orde, terwijl met een nieuwe procedure het kind heel gemakkelijk met het badwater kan worden weggegooid.

Het commentaar is de mening van Trouw, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren. Lees meer commentaren op trouw.nl/commentaar.

Lees ook:

Eerste Kamer zet eerste stap op weg naar gekozen burgemeester

De Eerste Kamer eist de garantie dat burgemeesters onpartijdig onafhankelijk blijven. Of ze nou worden gekozen of benoemd. D66 kan tevreden zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden