null Beeld

ColumnJamal Ouariachi

De Bulgarenfraude is mijn toezichthouder

Ik ben een onvermoeibare optimist. Toch word ik bij het dagelijkse doorploegen van het nieuws geregeld overvallen door een gevoel van machteloosheid. Zo weten we van het toeslagenschandaal dat de ‘keihard aanpakken’-doctrine tot drama’s kan leiden, maar toen de Wet uitbreiding taakstrafverbod onlangs in de Tweede Kamer ter tafel kwam – de verontwaardiging over de avondklokrellen smeulde nog na – leek iedereen toch weer in de ban van keihard aanpakken.

Machteloos… Je kunt niets veranderen aan die domme koppigheid in Den Haag, tenzij je zelf de politiek in gaat. En hoewel ik in veel opzichten een slecht mens ben, is mijn slechtheid toch echt ontoereikend voor een politieke carrière. Een verontwaardigde column schrijven en hopen dat een paar lezers instemmend of afkeurend zullen knikken –meer ligt er niet in mijn macht.

Is het inderdaad zo beperkt?

Ik zit te lezen in Zo hadden we het niet bedoeld, het boek dat Jesse Frederik, onderzoeksjournalist bij De Correspondent, onlangs publiceerde over de toeslagenaffaire. Frederik kiest als instapmoment een kwestie uit 2013: de zogeheten ‘Bulgarenfraude’. Gemeten naar de omvang van die fraude was de verontwaardiging bij pers en politiek buitenproportioneel hevig: volgens Frederik zou slechts 0,006 procent van alle toeslagen onterecht zijn toegekend. Niettemin stortten Tweede Kamerleden zich als bloedhonden op de verantwoordelijke staatssecretaris, Frans Weekers. Ze eisten een keiharde fraudeaanpak – terwijl de toeslagenwet van 2005 al aardig meedogenloos wás. De eerste slachtoffers waren al gemaakt, vooralsnog buiten beeld, en zoals we weten zouden er velen volgen.

Vanaf de zijlijn joelden columnisten hun partijtje mee, met hun sarcastische commentaar op een overheid die zich absurd makkelijk liet bedotten door een stel Bulgaarse oplichters. Naïef!

Je knalt je primaire reactie op papier

Achteraf is het altijd makkelijk… Ik had net zo goed zelf een van die columnisten kunnen zijn. Soms gebeurt het gewoon: je bent boos over iets in het nieuws, en daar ga je: je knalt je primaire reactie op papier. Of de deadline nadert en je hebt geen tijd meer voor de nodige research. Slecht geslapen. Te veel gezopen. Kind ziek. Echtelijke ruzie. Smoesjes zijn er altijd. Maar een mening die gepubliceerd wordt in een veelgelezen krant of tijdschrift, is niet vrijblijvend.

Als veel columnisten dezelfde mening verkondigen, als ze zich massaal als lemmingen in de zee van de dagelijkse ophef storten, zijn ze niet meer machteloos. En dus niet onschuldig. Opiniemakers kunnen bijdragen aan een sfeer waarin bepaalde maatregelen worden toegejuicht of afgekeurd. Een sfeer waarin politici nerveus worden en opportunistische sprongen gaan maken.

Maar die invloed kan natuurlijk ook de positieve kant op werken. Ik zal nog vaak verontwaardigde of sarcastische stukjes schrijven, en dat moet ook, maar wel neem ik me vanaf nu voor om telkens voordat ik met schrijven begin, dat ene woord tot me te laten doordringen: Bulgarenfraude. Een woord als een toezichthouder.

Jamal Ouariachi is schrijver. Behalve romans en verhalen, schrijft hij onder meer recensies en columns. Lees hier zijn eerdere columns terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden