Column Hans Goslinga

De Britten laten ons met brexit zien hoe we ons politieke stelsel níet moeten inrichten

De politieke toestanden in Washington en Londen leveren in elk geval het inzicht op dat een tweepartijenstelsel, een rechtstreeks gekozen president of premier en referenda niet verkieslijk zijn. In Nederland hebben progressieve politici als Hans van Mierlo en Ed van Thijn lang met het Amerikaanse en Britse stelsel gedweept, maar de natie mag zich gelukkig prijzen dat zij niet in hun missie zijn geslaagd.

Het nadeel van een direct gekozen bestuurder is dat je er niet gemakkelijk van afkomt als hij of zij zich misdraagt of een ramp voor het land is. Het Amerikaanse stelsel kent weliswaar een afzettingsprocedure, maar die heeft veel voeten in de aarde en is nog nooit tot het gaatje beproefd – Nixon trad vanwege ‘Watergate’ in 1973 lopende de procedure af.

In het vergiftigde politieke klimaat dat thans in de Verenigde Staten heerst, is de impeachmentprocedure tegen president Trump al meteen zwaar gepolitiseerd. De waarheidsvinding komt daardoor in de verdrukking en krijgt door vormen van obstructie en destructie niet eens de ruimte. Door de polarisatie ontbreekt het bovendien aan bovenpartijdige figuren als senator Sam Ervin, de ‘plattelandsadvocaat’, zoals hij zichzelf noemde, die een gezaghebbende rol speelde in de Watergate-hoorzittingen.

Tweepartijenstelsel werkt verlammend

Tweepartijenstelsels hebben voor de kiezers dezelfde betekenis als referenda: zij beperken de keus tot de een of de ander of tot het een of het ander. Ruimte voor nuancering is er niet. De mogelijkheid tot correctie, een van de kenmerkende voordelen van de democratie, wordt in Londen tot nu toe buiten de deur gehouden, mede door het gepolariseerde klimaat, dat in een tweepartijenstelsel al gauw verlammend werkt. Een referendum is niet alleen een grof, maar ook een vergrovend middel.

Winston Churchill zei ooit: ‘Wij geven vorm aan onze gebouwen, daarna vormen de gebouwen ons’. Die wisselwerking doet zich ook voor tussen kiesstelsels en de politieke cultuur. Als één zetel de inzet van de strijd is, ontstaat er bijna als vanzelf een tweedeling, zoals al bleek in de jonge Amerikaanse republiek. In Nederland zag je deze figuur in het districtenstelsel dat tot 1917 functioneerde en ofwel een liberaal-vrijzinnige, ofwel een christelijke coalitie opleverde.

Na de invoering van het systeem van evenredige vertegenwoordiging ontstond al snel de behoefte aan een werkzaam midden, zeker als de nood der tijden steeg. Tijdens de crisis in de jaren dertig vormden christelijke en liberale politici voor het eerst samen een coalitie. In de naoorlogse periode van wederopbouw regeerde een rooms-rode coalitie, ook een novum in de Nederlandse politiek, net als de paarse coalitie in de jaren negentig.

Geen systeem is volmaakt, laat staan heilig, ook dat van ons niet, maar het dwingt in elk geval tot nuance, gematigdheid en samenwerking. Polarisatie loopt snel op grenzen, zoals de PvdA van Joop den Uyl in 1977 ondervond en de PVV van Geert Wilders in 2012. Je kunt niet samenwerken en je coalitiepartner tegelijk verketteren. Wilders zette zijn coalitiepartners VVD en CDA al bij aanvang van Rutte I voor schut met zijn opmerking dat hij niet van het bruggen slaan is.

Een totaal onvermogen van de politici 

De Franse politieke denker Guizot beschouwde het als de voornaamste taak van de politiek de macht te beperken. In zijn visie mocht in een democratie niemand het recht opeisen het laatste woord te hebben. Natuurlijk, er moesten besluiten worden genomen, maar er mocht geen eind komen aan het publieke debat daarover en geen besluit was onherroepelijk. Guizot meende dan ook dat politiek het zoeken is naar evenwicht, naar compromissen tussen strijdende partijen en belangen.

Misschien niet zo vreemd deze visie van een calvinistische liberaal in het rumoerige rooms-katholieke Frankrijk van de negentiende eeuw, maar nog altijd leerzaam. Ik trek er de conclusie uit dat niet onze democratie moet veranderen, maar de kijk daarop. In een tweepartijenstelsel ligt de nadruk op het veroveren van de macht, in ons meerpartijensysteem is dat ook een drijfveer, maar een die wordt getemperd door het perspectief dat je de macht moet delen.

De visie van Guizot kan niet méér haaks staan op wat er de overzijde van Het Kanaal gebeurt: een verabsolutering van de pro-brexitstem van iets meer dan de helft van de kiezers, een totaal onvermogen van de politici aan deze uitslag vorm te geven, een voortdurende patstelling in plaats van een compromis. De Angelsaksische stelsels bieden veel spektakel, maar weinig wol. Ons stelsel daarentegen is saai, maar biedt wel wol en, als prijs, enige wolligheid.

Van Thijn wilde macht om ‘leuke dingen voor linkse mensen’ te doen, Van Mierlo wenste directe kiezersinvloed op het beleid. De vraag is meer dan ooit actueel of die oogmerken aan het wezen van de democratie recht doen.

Hans Goslinga schrijft elk weekend een beschouwing over de staat van onze politiek en onze democratie. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden