Opinie Veiligheid

De anti-terrorismewet heeft een lelijk neveneffect

Dinsdag bespreekt de Eerste Kamer een wet die terrorisme wil bestrijden. Die wet heeft een lelijk neveneffect: ze beknot hulp aan mensen in nood, schrijven Thea Hilhorst en Isabelle Desportes, respectievelijk hoogleraar en onderzoeker humanitaire studies bij het Institute of Social Studies van de Erasmus Universiteit.

Toen de Hoorn van Afrika de ergste droogte in zeventig jaar doormaakte, in 2011, vielen er in Ethiopië en Kenia bijna geen doden, dankzij goed overheidsoptreden en hulpverlening. Somalië daarentegen telde naar schatting 260.000 doden. Dit was te wijten aan langlopende conflicten in het land, aan Al-Shabaab, maar het kwam ook door anti-terrorismevoorschriften van donorlanden. Deze verbieden hulporganisaties contact te hebben met terroristische organisaties zoals Al-Shabaab, om te voorkomen dat er geld naartoe lekt. Met de tragische consequentie dat veel hulp de uitgehongerde bevolking niet, of te laat bereikte.

Anti-terrorisme en hulpverlening zijn allebei gestoeld op humane overwegingen en beogen mensen te beschermen tegen de uitwassen van conflict. Dat neemt niet weg dat anti-terrorisme hulpverlening in de weg kan zitten. In een rapport van de Noorse vluchtelingenorganisatie NRC vertellen hulpverleners dat ze vaak geen geld over kunnen maken naar bepaalde gebieden, geen toegang kunnen krijgen tot mensen in nood, en niet kunnen samenwerken met lokale partners omdat je nooit voor honderd procent kunt garanderen dat zij de laatste tien jaar geen contact hebben gehad met terroristische organisaties.

Waar gewapende groepen die zijn aangemerkt als terroristen de plaats ­innemen van lokale autoriteiten, zien hulpverleners hun speelruimte beknot: onderhandelen met deze autoriteiten of hun gezondheidsdiensten mag niet.

De onbedoelde negatieve effecten van anti-terrorismemaatregelen op hulpverlening zijn al langer bekend, maar nu weer actueel. Een aantal landen, waaronder Denemarken en Australië, heeft de afgelopen periode nieuwe wetgeving ontwikkeld die de aandacht verlegt van terroristische organisaties naar door terroristen gedomineerde gebieden. Deze landen maken het voor hun burgers strafbaar om in deze gebieden aanwezig te zijn.

Op reis door moeilijke gebieden met een half miljoen op zak

De vraag is wat dat betekent voor onafhankelijke humanitaire hulpverlening en andere beroepsgroepen, zoals journalisten en wetenschappelijk onderzoekers die zich voor het succes van hun werk en hun veiligheid op hun onafhankelijkheid moeten kunnen beroepen. Hierin verschillen landen. Het Verenigd Koninkrijk heeft begin 2019 een vrijstelling voor onafhankelijke humanitaire hulp opgenomen, na een lobby van de hulporganisaties.

De wetgeving is een antwoord op de situatie van Syriëgangers die zich aansloten bij IS. Maar de ervaring in Syrië leert ook hoe hulpverlening geraakt wordt door dit soort maatregelen. De regering van Assad heeft hulpverlening sinds 2012 al gecriminaliseerd en hulpverleners melden in het bovengenoemde Noorse rapport dat dit bijvoorbeeld betekende dat banken hun geld niet mochten overmaken en zij soms met meer dan een half miljoen op zak door moeilijke gebieden moesten reizen, met alle risico’s van dien.

Ook in Nederland is een wet voorgesteld die aanwezigheid verbiedt in door terroristen beheerste gebieden. De wet is al door de Tweede Kamer en wordt dinsdag in de Eerste Kamer besproken. Aan de wet kleven verschillende juridische bezwaren, betoogde hoogleraar strafrecht Piet Hein van Kempen deze maand in het vakblad Delikt en Delinkwent. Zo stelt de wet verblijf strafbaar zonder bewijs van terroristische intentie of criminele daad. Een groot probleem is dat de wet geen uitzondering maakt voor onafhankelijke humanitaire hulp, behalve van het Rode Kruis. ­Ieder ander moet vooraf toestemming vragen van de regering. Dat brengt grote risico’s mee. Het lijkt dan of zij door de regering afgevaardigd zijn.

De wet kan zo’n uitzondering wel maken, zie het Britse voorbeeld. Anti-terrorismemaatregelen zijn belangrijk voor de veiligheid in gebieden waar terroristen opereren, maar humanitaire hulp ook. Juist daarom is nuance nodig.

Lees ook:

‘Toestemmingsplicht voor reizen van hulpverleners en media naar ‘terreurgebied’ moet van tafel’

Een nieuwe anti-terreurwet dreigt ook het werk van hulporganisaties en journalisten in ‘terroristisch gebieden’ te belemmeren.

Kalifaatkinderen zijn voor alles kinderen, zegt Franse psychiater die jonge terugkeerders begeleidt

Wat doe je met kinderen die werden geboren of opgroeiden in het kalifaat van Islamitische Staat? Niemand in Europa heeft zoveel ervaring met die vraag als de hoogleraar kinderpsychiatrie Thierry Baubet. ‘We hebben erg veel problemen gehad met een verhaal waarbij woede is aangezien voor radicalisering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden