Beeld Maartje Geels

ColumnNaema Tahir

Daar is dan de transmigrant

In de afgelopen tijd ging de discussie over migratie vooral over grenzen. Er ontstonden twee kampen: het ‘open-grenzen-kamp’ en het ‘de grenzen-moeten-dicht-kamp’. De mensen in de eerste groep benadrukken vooral dat migratie nodig is. Nederland vergrijst en er is een arbeidstekort dat alleen door migranten kan worden aangevuld. De migrant is welkom en broodnodig. Mensen uit de tweede groep benadrukken dat Nederland zijn ‘verzadigingspunt’ heeft bereikt. Er kunnen niet nog meer migranten bij, vooral niet uit de armere, niet-westerse gebieden. Te veel migratie is problematisch voor de sociale cohesie en integratie.

Opvallend in deze hele discussie is dat die vooral gericht is op wat Nederland nodig heeft aan migranten, of juist niet nodig heeft. Of het gaat vooral over wat Nederland, een vrij en rijk land, te bieden heeft aan de hulpbehoevende migrant die het simpelweg niet zal kunnen rooien buiten het vrije en blije westen. Er is weinig echte aandacht voor de migrant zelf, voor zijn ontworteling, voor zijn dierbaren in het thuisland van wie hij ver verwijderd leeft, voor de braindrain die emigratielanden ondergaan, of voor wat die landen zelf voor mogelijkheden kunnen bieden aan mensen die wegtrekken.

Grenzen die deels opengaan

Ik vermoed zo dat daar nu wel aandacht voor gaat komen. Migratie staat weer volop op de agenda. Het gaat nu niet meer over grenzen dicht of grenzen open. Het gaat over grenzen die deels opengaan. Bijvoorbeeld voor tijdelijke migranten, hoog- of laagopgeleiden, die voor een bepaalde tijd hier komen werken om een specifiek tekort op de arbeidsmarkt te vullen. Of alleen voor de besten onder de migranten – iets dergelijks heeft het Verenigd Koninkrijk op het oog.

Wat betekent dit nu? Ik denk dat een nieuw type ­migrant op het toneel verschijnt: de transnationale of transmigrant.

Waar de klassieke migrant naar het noorden kwam voor een beter leven en hier bleef, vaak met heimwee naar het thuisland, is de transmigrant anders. Hij is net geen expat. De expat is een typische kennismigrant die hoogopgeleid is en die het met het oog op zijn eigen loopbaan en ontplooiing fijn vindt om een tijdje in het buitenland te wonen en te werken.

De transmigrant heeft andere ideeën. Hij denkt en handelt in termen van twee landen: dat van aankomst en herkomst. In beide landen woont en werkt hij afwisselend.

Heen en weer van Pakistan naar Engeland

Een voorbeeld uit het werk van Alison Shaw, hoogleraar te Oxford. Zij schrijft over transnationale migratie en huwelijksmigratie: Pakistaanse man migreert naar Engeland, krijgt dochter, die later universitair is opgeleid. Zij trouwt met iemand uit Pakistan die ook hoogopgeleid is. Ze krijgen kinderen in Engeland. In plaats van dat het gezin in Engeland blijft, verhuist het naar Pakistan. De man wordt daar zakenpartner in een succesvol bedrijf. De kinderen worden alvast op Engelse scholen gedaan, want het idee is om na een tijd weer ­terug te keren naar Engeland om daar het succesvolle bedrijf uit te breiden. De transmigrant is geboren.

Let maar op, onze toekomstige migratiediscussie zal meer en meer gaan over heen en weer reizende en op twee plaatsen verblijvende migranten: in het land van aankomst en land van herkomst. Dat maakt de discussie weer een geheel andere. 

Naema Tahir is jurist en schrijver. Voor Trouw schrijft ze om de week een column. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden