ColumnStevo Akkerman

Corona als dekmantel

Ach Hongarije. Ooit liep het land voorop in het onttakelen van het IJzeren Gordijn, nu is het de eerste EU-lidstaat die de eigen­­ democratie opzij schuift, onder begeleiding van de nationalistische hoempa die ook elders te beluisteren valt. Corona is de dekmantel, machtshonger de realiteit.

Ik zal nooit vergeten hoeveel vrijheid er in de Hongaarse lucht hing, eind jaren tachtig, toen ik er voor het eerst kwam. Terwijl buurland Roemenië wegzakte in de diepste duisternis, ontwaakte in Hongarije een maatschappelijk bewustzijn van onderop; wie van het ene naar het andere land reisde, stak een grens over van dag naar nacht.

In de zomer van 1989 volgde de opening van de grens tussen Hongarije en Oostenrijk, waarmee een gat ontstond in het Oostblok-hek en DDR-burgers konden ontsnappen naar de Bondsrepubliek; daar begon in feite de val van de Muur. Het was dezelfde zomer van de ontroerende herbegrafenis van Imre Nagy, premier in 1956, boegbeeld van de Hongaarse Opstand tegen de Sovjet-onderdrukking. Bij die gelegenheid was een jonge studentenleider zo vermetel om publiekelijk de terugtrekking van de nog altijd aanwezige Russische troepen te eisen­­. Zijn naam? Viktor Orbán.

Intermezzo

Nu diezelfde Orbán zich definitief als alleenheerser heeft ontpopt – hij was daar al dichtbij, met een parlement vol lakeien, maar regeert nu gewoon per decreet – rijst de vraag of de jaren van Hongarije als democratische rechtsstaat niet slechts een intermezzo waren, een halte tussen de ene autocratie en de andere. Zelf ben ik nog niet toe aan een antwoord op die vraag, een keer ten goede is nooit uitgesloten. Maar luister naar wat Nobelprijswinnaar Imre Kertész (overleden in 2016) zei in een interview met Le Monde: “Hongarije behoorde achtereenvolgens tot het Ottomaanse rijk, het Habsburgse rijk en het Sovjet-blok, en probeerde altijd een spelletje te spelen met het blok waar het inzat. De huidige situatie is niets anders dan een volgende illustratie van die tendens om de verkeerde kant te kiezen. De Hongaarse staat keert zich nu tegen Europa in de naam van het nationale belang, maar dit is een volgende fout.”

Ik citeer Kertész met opzet, omdat zijn lot typerend is voor het benauwde klimaat in Hongarije. Toen hij in 2002 als Joodse schrijver en overlevende van de Holocaust de Nobelprijs won, werd hem in eigen land al verweten niet Hongaars genoeg te zijn, en begin dit jaar werd zijn werk verwijderd van de verplichte literatuurlijst in het onderwijs. Om het nog wat erger te maken, werden drie schrijvers toegevoegd uit de jaren dertig en veertig die weliswaar zéér Hongaars waren, maar ook zeer anti-semitisch – ik ontleen dit aan het Joodse online-tijdschrift Tablet­­. Twee van hen, Albert Wass en József Nyírö, waren nazi-aanhangers en supporters van de Pijlkruizers, berucht vanwege het doodschieten van Joden­­ bij de Donau in de winter van 1944/45.

Ik weet het: de EU gaat niet over literatuurlijsten. Wel over democratie, en soms hebben die twee met elkaar te maken.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden