Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Coalities met kleinere partijen worden steeds waarschijnlijker

Opinie

GERARD DROSTERIJ | POLITIEK FILOSOOF

© anp

Partijen worden gedwongen tot samenwerking door het wegvallen van linkse of rechtse meerderheden. De politieke invloed van de burger moet worden vergroot.

Hooggestemde verwachtingen over verkiezingen als panacee voor de impasse klonken door in de reacties op de val van het kabinet. Diederik Samsom wilde zo snel mogelijk verkiezingen, want 'hoe langer je wacht, hoe langer de onzekerheid blijft.' Ook Geert Wilders vond het tijd 'dat de kiezers bij de stembussen laten merken wat ze nou precies willen'. En volgens Stef Blok moest 'de kiezer zo snel mogelijk aan het woord, omdat Nederland een doortastende aanpak van de crisis nodig heeft'.

De koppeling tussen verkiezingen en politieke daadkracht is van oudsher de droom van elke politicus die een grote partij aanvoert. De kiezer die zich uitspreekt en aldus het ultieme huwelijk sluit tussen democratische legitimiteit en beleidsvooruitgang (liberaal of socialistisch).

Maar dergelijke wensgedachten overdrijven de invloed van de Nederlandse burger op de Haagse politiek. Als politici menen dat Tweede Kamerverkiezingen uitsluitsel kunnen en moeten brengen over de toekomst van Nederland, dan geven zij de Nederlandse burger te veel macht. Nederland is een van de democratische landen waarbij de kiezer via verkiezingen de minste directe invloed heeft. In veel democratieën is er minimaal sprake van het rechtstreeks kunnen kiezen van één of meer gezagsdragers (president, premier, burgemeester, gouverneur). En ook kennen de meeste landen een vorm van referendum waar de kiezers op onderwerpen directe invloed hebben. Niets van dat alles in Nederland.

Maar ook het voorstel van een ideologische matrix op basis waarvan de Nederlandse burger zijn of haar keuze zou moeten maken, is een onzalig plan. Het partijpolitieke landschap is fundamenteel versnipperd: 'links' noch 'rechts' kan überhaupt eenduidige meerderheden meer behalen.

De recente geschiedenis van Nederlandse kabinetten is een duidelijk gevolg van deze versplintering. In tien jaar zijn er vijf kabinetten geformeerd, waarvan niet een de eindstreep heeft gehaald. De ironie is dat het CDA in dat decennium van wankele kabinetten nog steeds een cruciale rol heeft gespeeld in het samensmeden daarvan. Maar die rol is voorbij. Met het einde van het minderheidskabinet-Rutte is de stabiliserende en samenbindende rol van het CDA voorlopig uitgespeeld. Om een idee te geven: in de peilingen staan CDA en VVD samen op 44 zetels, CDA en PvdA op 33.

Met in ons achterhoofd de isolatie van de PVV, is de conclusie duidelijk: in de toekomst zullen coalities tussen kleinere partijen onvermijdelijk zijn, en vanwege dit vooruitzicht zal er meer aandacht besteed worden aan politieke samenwerking en stabilisering van machtsverhoudingen.

Dus de links-rechtstegenstelling zal geen meerderheden meer op de been brengen. Het is dan ook maar de vraag of de PvdA er goed aan heeft gedaan de koers van Spekman te gaan volgen. Diederik Samsom heeft een kloeke schaduwbegroting ingediend, maar wordt opeens in het midden ingehaald door een groep partijen die niet voldoen aan die tegenstelling. De linkse signatuur van de PvdA dreigt nu te leiden tot een links isolement.

De succesvolle onderhandelingen tussen VVD en de 'Kunduz-coalitie' (ChristenUnie, GroenLinks, D66) zijn het beste voorbeeld van hoe onvruchtbaar en onrealistisch een scherp geconstrueerde links-rechts-tegenstelling binnen de huidige krachtsverhoudingen is. We kunnen stellen dat vanwege het bijkans agressief opgestelde regeerakkoord het kabinet-Rutte van een koude kermis is thuisgekomen. Een ouderwetse VVD-CDA-coalitie van 80 zetels had zich nog wel een dergelijk polariserend regeerakkoord kunnen veroorloven, maar een gedoogkabinet anno 2010 niet.

Naast de politieke deugd van samenwerking en gematigdheid waartoe partijen meer verleid zullen worden, zal er ook iets gedaan moeten worden aan de politieke invloed van burgers. Wil je die werkelijk bij de politiek betrekken, dan zijn volksraadplegingen, bindend of adviserend, daarvoor zeer geschikt. Met de invoering van volksraadplegingen kan ook het blinde geloof in Kamerverkiezingen als beleidsmatige scherprechter, zoals hierboven is beschreven, worden gerelativeerd, alsook de onzalige oproepen tot een zakenkabinet in tijden van crisis.

Deel dit artikel