Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Breien aan een WK-sjaal die niet langer wordt

Opinie

Marijn de Vries

Marijn de Vries © Maartje Geels
Column

Insteken. Omslaan. Doorhalen. Af laten glijden. Zachtjes tikken haar breipennen tegen elkaar. Zo zachtjes dat je het bijna niet hoort. Insteken. Omslaan. Doorhalen. Af laten glijden. Toch zit ze niet in de zaal waar haar zoon om de wereldtitel strijdt. Daar is elk geluid te veel. Elk tikken, al is het nog zo regelmatig. Insteken. Omslaan. Doorhalen. Af laten glijden. Ze wil haar zoon niet storen. Laat staan irriteren. ‘Hup’, fluistert ze daarom maar stilletjes naar haar bolletje wol.

De draad zwiert niet in een sliert naar beneden, zoals verse wol placht te doen. Nee, hij kriebelt in kleine krulletjes langs de pols van moeder Boomstra. Ze heeft het breiwerk dan ook al vijf keer uitgehaald. Nu is ze voor de zesde keer aan het breien. Elke keer hetzelfde. Insteken. Omslaan. Doorhalen. Af laten glijden. Hoe ver ze komt, hangt van de lengte van de dampartij af.

Lees verder na de advertentie

Mijn fantasie ging meteen met me op de loop toen ik vrijdagavond de moeder van Roel Boomstra hoorde in een reportage op Radio 1. De dammer zit midden in de strijd om de wereldtitel. Zes partijen heeft hij gespeeld tegen de Rus Alexander Schwartzman. Vanmiddag om klokslag twaalf uur schuift de eerste steen over het bord als start van de volgende serie van zes wedstrijden. De dammer met de meeste punten wordt wereldkampioen, mits hij drie wedstrijden heeft gewonnen. Zo niet, dan volgt er nog een barragepartij. Roel staat voor met 7-5.

Wonderzoon

Als klein jongetje kon Roel ook erg goed voetballen. Hij was doelman. Een berekenende doelman. Een wiskundige, eigenlijk. Want zelfs als de bal nog heel ver weg was, wist Roel al wanneer hij moest gaan lopen. Hoe hard. En tot op de centimeter welke kant op. Voetbal als denksport. Maar daar mocht moeder Boomstra ten minste wel ‘hup’ roepen. Of ‘goed zo’. Nu mag ze niks zeggen. Heel vervelend.

Moeder Boomstra wil zoon Roel niet storen tijdens het dammen

Natuurlijk wil ze haar zoon ook bij het dammen aanmoedigen. Dus is ze er voor de wedstrijd. En erna. Wil hij een knuffel, dan mag dat. Wil hij niks, dan is het ook goed. Ze is er gewoon, voor hem. Voor haar wonderzoon. Hij is vijfentwintig nu, de helft jonger dan zijn Russiche opponent. Een clash van generaties. Dat is niks nieuws, dat is zijn leven altijd geweest. 

Pokerface

Toen moeder Boomstra haar zoon op zijn zevende naar een schaakclub stuurde, begon het al. Hij wilde zijn intelligentie kwijt, maar moest in het schaakregime. De regels leren. Terwijl: Roel had die al lang in een boek gelezen. Dus ging hij maar dammen, waar hij van de volwassenen wel meteen in het diepe mocht.

Tijdens de wedstrijden wordt de spanning haar vaak te veel. Het duurt zo lang, er is zo weinig te zien. En tegelijkertijd zo veel. Elke gezichtsuitdrukking kent ze van haar zoon. Zelfs als hij zijn pokerface heeft opgezet. De miniemste spiertrekking bij zijn mond, de kleinste trilling van zijn ooglid: moeder Boomstra weet precies hoe het ervoor staat. Het vreet aan haar. Ze wil zo graag dat hij wint. Dus breit ze.

Een sjaal had het moeten worden. Een WK-sjaal. Maar, dacht ze terwijl ze breide bij de eerste partij, als ik hem nu al afbrei, de sjaal – wat dan? Is dat niet de goden verzoeken? Insteken. Omslaan. Doorhalen. Af laten glijden. Als een perpetuum mobile breit ze aan een sjaal die niet langer wordt. En mompelt ze dan maar heel zachtjes ‘hup’ en ‘goed zo’ naar de wol.

Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend. Lees meer van haar columns op trouw.nl/marijndevries.

Deel dit artikel

Moeder Boomstra wil zoon Roel niet storen tijdens het dammen