Column

Black Friday is wat de maagdelijke geboorte voor katholieken is

Winkelend publiek in de Kalverstraat op Black Friday in het centrum van Amsterdam Beeld ANP

Afgelopen vrijdag ben ik rustig thuisgebleven. Afgaande op de krantenberichten had ik me moeten storten in het gewoel van warenhuizen en winkelcentra. Black Friday! - de dag waarop de feestmaand bewijst in de eerste plaats een koopmaand te zijn. Helaas ben ik niet zo'n winkelaar. De Dwaze Dagen van de Bijenkorf zijn ook nooit aan mij besteed geweest, al had ik in mijn jeugd de voornaamste vestiging daarvan zo ongeveer om de hoek.

Of waren er toen nog geen Dwaze Dagen? Zijn ze inmiddels misschien alweer afgeschaft? Feesten komen en gaan, koopfeesten niet uitgezonderd. Black Friday is er een goed voorbeeld van. Ik geloof dat ik er vorig jaar pas voor het eerst van hoorde. Het is een raar feest - niet alleen vanwege de naam waarover de politiek correcte stennis elk moment kan losbarsten. Maar ook omdat er eigenlijk geen goede reden voor is.

In de VS volgt Black Friday op Thanksgiving, zo begreep ik afgelopen vrijdag van collega-columnist James Kennedy. Die valt altijd op de vierde donderdag van november en nodigt dus uit tot een aansluitende snipperdag: een ideaal moment om de decemberinkopen te beginnen. Black Friday is de warenhuisvariant van Zwarte Zaterdag, waarop in Frankrijk het halve land tegelijk met vakantie gaat.

Alleen - in Nederland kennen we geen Thanksgiving en is het die vrijdag dus ook geen vakantiedag. Alleen zéér protestantse streken houden de Dankdag voor Gewas en Arbeid nog in ere - maar die valt eerder in die maand en het binnenwereldse ascetisme van de gelovigen verdraagt zich slecht met woeste koopzucht.

Veramerikaanste versie

Black Friday is in Nederlands dus zoiets als wat de maagdelijke geboorte voor katholieken is: iets wat bestaat zonder reden of oorzaak. Volgens de natuurwetenschap is dat onmogelijk, maar Nederland kent meer van dat soort wonderen. Eeuwenlang werd het land geregeerd door een stadhouder die de 'plaatsvervanger' was van iemand (de Koningh van Hispaniën) wiens plaats wij niet langer eerden. Misschien maakte die plaatsvervanging van de weeromstuit haasje-over om direct verbonden te worden met de Allerhoogste, volgens het oude model van het gezalfde koningschap. In ieder geval hebben we er 'God, Nederland en Oranje' aan te danken. Daarover waren de protestanten dan wèl weer opgetogen.

Misschien is er met Black Friday iets dergelijks aan de hand. Want écht oorzaaksloos is het feest natuurlijk niet. Wanneer handel de nieuwe god is, dan is duidelijk wie in deze maagdelijke geboorte de hand heeft gehad. De commerciële sector heeft de afgelopen jaren wel vaker feesten van de overkant van de Atlantische Oceaan hiernaartoe gehaald. Halloween, de veramerikaanste versie van het Mexicaanse Allerzielen, is compleet met pompoenen en zombiespul door Albert Heijn en trawanten de Nederlandse feestkalender binnengesmokkeld en doorstaat inmiddels elke inburgeringstest.

Eerder was de Kerstman al succesvol, ook al leeft die nog altijd in onmin met onze eigen Sinterklaas. Van enige neokolonialistische ondeugd kun je de hohoho-grapjas met zijn drankneus dan ook niet vrijpleiten. Of hij ooit werkelijk vanuit de Sinterklaasfiguur ontstaan is, lijkt nog altijd een omstreden kwestie. Maar dat zijn doorbraak voor de Tweede Wereldoorlog in belangrijke mate te danken is geweest aan Coca-Cola is een publiek geheim. Met de expansie van de Amerikaanse cultuur kwamen beide naar Europa en sindsdien moet Sinterklaas voor zijn concurrent op zijn hoede zijn. De zéér antikoloniale Verene Shepherd, die uit naam van de VN Zwarte Piet onder vuur nam, verklaarde al eens dat Nederland ook met één 'Santa Claus' wel toe moet kunnen.

Wispelturig

Op zo'n moment ben je geneigd te verzuchten dat 'O Nederland' op zijn zaak moet letten, maar laten we die zaak niet dramatiseren. Feesten komen en gaan, soms verdwijnen ze spoorloos en soms komen ze weer springlevend terug. In mijn Amsterdamse jeugd hoorde ik in de folklore-les wel eens over Sint-Maarten, die naar verluidde in enkele ver afgelegen streken nog altijd in ere werd gehouden. In de rest van Nederland was hij al lang verdwenen, misschien opgegaan in de persoon van Zwarte Piet. Met metamorfoses heeft de feestkalender al even weinig moeite als met maagdelijke geboorten.

Intussen wordt Sint-Maarten tot in de meest allochtone buurten van de Randstad gevierd als een eeuwenoude, ononderbroken traditie. Maar toen ik eerder dit jaar op pinksterzaterdag ongestoord in Amsterdam wakker werd, vroeg ik me af: weet iemand nog wel wat Luilak was - luttele decennia geleden op die vroege ochtend nog steevast synoniem voor kleinschalige brandstichting en vandalisme?

Zo heeft de feestkalender zijn eigen wispelturige conjunctuur. Is er nog iemand die zich herinnert dat de viering van Koninginnedag eind jaren zestig praktisch was weggedeemsterd, op een kleine enclave bij Soestdijk na? Wie houdt vandaag de dag zijn naamdag in ere? En wie zal er bij Tweede Pinksterdag nog aan iets anders denken dan aan de 'eeuwenoude' pelgrimage naar de meubelboulevard?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden