OmbudsmanEdwin Kreulen

Bij een ‘anonieme actiegroep’ moet een belletje rinkelen

Een fotoproject wordt afgeblazen na protest van een ‘anonieme actiegroep’. Hoeveel aandacht moet de krant geven aan mensen die niet met open vizier strijden?

De kwestie

Op 16 september verhaalt de krant over een fotoproject in een skatehal in Breda. Daar zouden skaters over grote foto’s heenrijden van vrouwen die ooit cosmetische chirurgie ondergingen, mede om de discussie over dit schoonheidsideaal aan te zwengelen. Na ‘online ophef’ maakt de skatehal er een einde aan, meldt de introtekst. Die ­ophef blijkt allereerst te bestaan uit een open brief op internet van een anonieme actiegroep die zich ‘We are not a playground’ noemt. In de brief – online bijna 3000 keer ondertekend – staat dat het project gewelddadig is en de keuzes van vrouwen over hun lichaam bespot. De brief komt uit de ‘internationale kunstwereld’, meldt het stuk. De directeur van het fotofestival waarmee de skatehal samenwerkt, verklaart het protest te begrijpen, maar het jammer te vinden dat de briefopstellers niet in discussie willen. Het ­artikel vertelt hoe de skatehal aankondigt de foto’s te verwijderen – ook skaters en sponsors bleken er niet blij mee. Daarop reageert de actiegroep positief in de krant, maar met de aantekening dat het fotofestival afstand had moeten nemen van de foto’s.

De standpunten

Volgens de redactieregels publiceert Trouw in principe geen informatie uit anonieme bronnen. Lezers moeten kunnen vertrouwen dat de krant put uit bestaande en bekende bronnen. Als anonimiteit toch nodig wordt geacht, is overleg op de redactie nodig en moet de lezers worden uitgelegd waarom het gebeurt. Een van de suggesties is om voor informatie uit anonieme bron bevestiging te zoeken bij mensen die wel met naam in de krant willen.

De medewerker van de redactie media & cultuur die dit stuk schreef, stuitte tijdens een reportage van het fotofestival in Breda op deze kwestie. Ze zag dat de discussie al langer op sociale media speelde, vond die interessant en las de brief. Wie de initiatiefnemers waren weet ze niet, maar ze vond de gebruikte argumenten serieus en het leek haar aannemelijk dat het om mensen uit de internationale kunstwereld gaat. En ze zag dat de brief was ondertekend door mensen uit die wereld die ze kende. Ze belde hen niet omdat er weinig tijd was en omdat die toch al de brief hadden ondertekend. Daarom leek haar vermelding van de anonieme brief gerechtvaardigd.

De chef van de cultuurredactie is het daarmee eens. “De brief was voor de skatehal reden om de foto’s te verwijderen, en is daarmee een nieuwsfeit.” Ze vergelijkt het met een wethouder die aftreedt na anonieme bedreigingen. “Dan zeg ik je toch ook niet: we doen daarvan pas verslag als we weten wie de bedreigers zijn? Regels over brongebruik zijn goed, maar ze moeten ons niet weerhouden verslag te doen van de werkelijkheid.”

Uit de brief begreep de medewerker waarom de opstellers anoniem bleven: ze wilden aandacht voor hun argumenten en niet voor hun persoon, en vreesden negatieve gevolgen voor hun eigen werk. Een uitleg hiervan had volgens de medewerker niet misstaan, de chef vindt dat ook achteraf niet nodig.

Toen de eindredacteur van dienst in het aangeleverde stuk las dat de brief vaak ondertekend was en dat de skatehal er reden in zag het project af te blazen, leek de anonieme afkomst haar geen probleem. “Daar zijn we scherp op, een paar weken terug haalde ik nog zo’n bron uit het artikel, na overleg. Achteraf had ik hier iets langer bij stil moeten staan. Maar ik zou het niet hebben veranderd, denk ik nu.”

Oordeel

Zoals de medewerker en de betrokken chef aangeven, kan dit relevante nieuwsverhaal niet zonder de open brief – daarmee begon immers het einde van het project. Maar door de prominente rol van de anonieme bron leunt het artikel sterk op een groep mensen waarvan de redactie geen idee heeft wie ze zijn. Het kunnen betrokken medekunstenaars zijn, het kunnen ook concurrenten van de fotograaf zijn – of allebei. De groep wordt met naam genoemd en mag na het afblazen van het project opnieuw haar standpunt in de krant verkondigen.

Het alternatief was in de tekst een inventarisatie te maken van de ondertekenaars. Beter nog was het geweest enkelen van hen sprekend op te voeren. Het zou kunstmatig geweest zijn niet te melden dat de opstellers anoniem bleven. Daar had dan wel bij moeten staan waarom ze niet met open vizier streden. Hen het laatste woord geven, is te veel eer. Bij chefs en eindredactie zou bij iedere ‘anonieme’ bron een belletje moeten rinkelen..

In een eerdere versie van dit stuk stond dat de brief uit de internationale ‘skatewereld’ kwam, in werkelijkheid is dat de internationale ‘kunstwereld’.

Edwin Kreulen schrijft wekelijks een column als ombudsman van Trouw. Eerdere afleveringen vindt u hier. Wilt u hem een kwestie voorleggen? Mail dan naar ombudsman@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden