null Beeld

CommentaarTreinkaping

Begrip voor de frustratie van Molukkers kan helend werken

Ook in hoger beroep hebben de nabestaanden van twee in 1977 doodgeschoten Molukse treinkapers geen gelijk gekregen van de rechter. Zij hadden in 2015 een civiele procedure aangespannen tegen de Nederlandse staat, omdat zij vinden dat mariniers ten onrechte en in koelen bloede tenminste twee van de in totaal negen Molukse kapers hadden doodgeschoten. Van de negen kapers kwamen er zes om het leven, evenals twee gegijzelden.

De twee Molukse treinkapers, Max Papilaja en Hansina Uktolseja, werden van dichtbij door mariniers doodgeschoten. Volgens de nabestaanden en hun advocaat Liesbeth Zegveld was dit niet meer nodig, omdat ze beiden gewond waren. Maar zowel de rechtbank als het gerechtshof achtte het ingezette geweld noodzakelijk om de gijzelaars te bevrijden. De gijzeling duurde toen al weken en de kapers hadden gedreigd de gijzelaars te doden. Doordat het zo lang geleden was valt nu niet meer met zekerheid vast te stellen hoe de twee kapers om het leven waren gekomen. Wat meespeelde was dat Molukse treinkapers bij een eerdere treinkaping, in 1975, de machinist en twee passagiers hadden doodgeschoten.

Voor de gegijzelden en hun familie moet deze rechtsgang op zijn zachtst gezegd nare herinneringen hebben opgeroepen. Beide kapingen, evenals enkele andere zeer gewelddadige gijzelingen, waren brute terroristische acties, waarbij de gijzelnemers bewust het risico namen dat zijzelf of gegijzelden om het leven zouden komen. En dat gebeurde ook. Dit valt ook decennia later niet goed te praten en zo’n rechtsgang wringt om die reden.

Frustratie, bitterheid en boosheid

Tegelijkertijd moeten we oog blijven houden voor de onderliggende gevoelens van frustratie, bitterheid en boosheid onder de Molukkers die de aanleiding waren voor de gijzelingsacties. Die gevoelens zijn zeker niet verdwenen. Dit komt pregnant naar voren in de recente tv-interviewreeks Molukkers in Nederland: 70 jaar op weg naar huis van Coen Verbraak. Ook anno 2021 heerst er onder geïnterviewde Molukkers op zijn minst begrip voor de gewelddadigheden van toen als uiterste middel om aandacht te krijgen voor de ‘Molukse zaak’. Zeer breed leeft in de Molukse gemeenschap dat hun vaders - veelal Knil-militairen - en hun moeders ten onrechte aan hun lot zijn overgelaten na hun aankomst in 1951 in Nederland uit het toen onafhankelijke Indonesië. Ze voelden zich in de steek gelaten door de Nederlandse overheid die hen naar Nederland bracht in afwachting van een beloofde onafhankelijke republiek Molukken. Die republiek zal er nooit komen en dat dienen de Molukse gemeenschappen, hoe bitter ook, als realiteit te accepteren. Begrip voor hun frustratie kan helend werken. Dan is deze rechtszaak toch ergens goed voor geweest.

Het commentaar is de mening van Trouw, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden