null Beeld

ColumnNatascha van Weezel

Asielzoekers zijn gelukszoekers, maar Sifan Hassan ‘onze winnaar’?

Maandag bezorgde Sifan Hassan Nederland een gouden medaille in Tokio. Ze werd kampioen op de 5000 meter en was hiermee de eerste Nederlandse sinds 1992 die op de Olympische Spelen een atletiekzege behaalde. Hassan werd – terecht – op het schild gehesen. Iedereen sprak vol lof over ‘onze winnaar’. ‘Wij’ hadden het maar mooi geflikt. Ons kikkerlandje speelde een belangrijke rol op het sportieve wereldtoernooi. Die meid deugde, zoveel was duidelijk.

Op Twitter zag ik alleen dat sommige mensen die Hassan prezen, nog geen 24 uur daarvoor een nieuwsartikel hadden gedeeld over zevenhonderd vluchtelingen. Hun zelfgemaakte bootjes hadden het begeven op de Middellandse Zee. Vervolgens werden ze gered door hulporganisaties en aan land gebracht in Malta. “Gelukszoekers”, stond daarbij. En: “De grenzen moeten dicht”.

Ik ben het kleinkind van vluchtelingen

Dat wringt. Sifan Hassan kwam in 2008 naar Nederland als asielzoeker. Ze werd door haar moeder in Addis Abeba op het vliegtuig gezet, omdat zij haar dochter een betere toekomst gunde. Hassan belandde als vijftienjarige in een asielzoekerscentrum in Zuidlaren. In een interview noemde de topsporter dat later een ‘eenzame en moeilijke periode’. Pas eind 2013 kreeg ze een Nederlands paspoort. Daardoor mocht ze dat jaar niet deelnemen aan de WK atletiek en de Diamond League-wedstrijden.

De discussie rondom asielzoekers raakt me. Zelf ben ik het kleinkind van twee vluchtelingen. Mijn grootouders van moederskant kwamen in 1938 naar Nederland en vervolgden hun vlucht in 1942 naar Zwitserland. Na de oorlog keerden ze hier terug. Af en toe vertel ik dit aan tegenstanders van een humaan asielbeleid. Soms krijg ik dan te horen: “Ja, maar zij waren Joods en dus brachten ze geld mee”. Dit slaat niet alleen nergens op, het is ook antisemitisch. Nog leuker is de reactie: “Maar jij bent goed geïntegreerd.” Natuurlijk ben ik goed geïntegreerd. Ik ben in Nederland geboren, net als mijn moeder. Mijn gevluchte grootouders voelden zich zélf bovendien ook ontzettend Nederlands.

Hassan is geen unicum

Er wordt vaak een kromme vergelijking getrokken tussen asielzoekers van toen en die van nu. Alsof de nieuwe louter ellende meebrengen – overigens dacht men dat indertijd ook al. De herinnering aan het grove taalgebruik bij verschillende gemeentelijke inspraakavonden tijdens de vluchtelingencrisis van 2016 zitten wat dat betreft nog vers in mijn geheugen.

En niet eens zo lang geleden bedacht de CDA-fractie van Oegstgeest het briljante plan om een speciale looproute te markeren voor bewoners van een nabijgelegen opvanglocatie voor statushouders. Zo kon worden voorkomen dat zij andere Oegstgeesters tot last waren. Hoe zouden dit soort mensen over Sifan Hassan hebben gesproken toen ze nog een meisje van vijftien was en helemaal geen olympisch kampioen?

Laten we Hassan niet als een unicum beschouwen, maar als een voorbeeld. Ze heeft een uitzonderlijke prestatie geleverd, absoluut. Alleen betekent dit niet dat andere asielzoekers allemaal profiteurs of zielig zijn. Zij zijn net zo goed ‘onze Nederlanders’.

Schrijver en journalist Natascha van Weezel valt deze zomer in als columnist.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden