OpinieArcheologie en de bouw

Archeologische ‘vondstjes’ zitten de woningbouw echt niet in de weg

Archeologen zijn niet meer de hobbyisten die bouwers vrezen. Integendeel, ze gaan slim om met opgravingen en historisch erfgoed en vergroten daarmee de waarde van nieuwbouwwijken, stellen Peter Jongste en Wilko van Zijverden, senior KNA-archeologen en respectievelijk docent en onderzoeker verbonden aan hogeschool Saxion. 

Wijs grootschalige bouwlocaties aan, zodat het woningtekort kan worden opgelost, aldus de hartekreet van corporatievoorzitter Kip (Opinie, 14 juli). ­Deze oproep aan het Rijk is zeker niet aan dovemansoren gericht. We verwachten dat veel projectontwikkelaars, woningbouwcorporaties en aannemers eenzelfde kijk hebben op wat er misgaat en wat er beter kan.

Uiteraard horen daarbij mythes, de herkenbare redenen waarom het allemaal zo traag en stroperig gaat: bedreigde dieren en planten die de bouwers in de weg zitten, de ambities rondom duurzaamheid én archeologievoorschriften. En daar kwamen afgelopen jaar ook nog stikstof en Pfas bij.

De door Kip aangehaalde polder ­Rijnenburg dient daarbij als voorbeeld: hoe de bouw van 25.000 woningen al dertig jaar aan banden ligt. Is dat dan mede te wijten aan de onverzettelijkheid van de archeologen? Deze vraag roept om een reactie.

De ondergrond van Rijnenburg ­bevat een rijke voorraad archeo­logische resten, die zelfs teruggaan tot de oude steentijd (300.000-30.000 jaar geleden). De locatie krijgt alle aandacht, omdat de grond 2000 jaar geleden hoorde bij de Romeinse rijksgrens: de limes die is voorgedragen voor de lijst van Werelderfgoed van Unesco. Sinds de Middeleeuwen wordt het gebied ontgonnen en zijn er tal van kastelen en buitenplaatsen ontdekt. Het archeologische onderzoek heeft 46 vindplaatsen opgeleverd, een belangrijk deel wordt waarschijnlijk opgegraven vóór het bouwrijp maken van het gebied.

Archeologische verhalen over opgravingen versterken de kwaliteit van de nieuwe wijk

In die zin is een blik op Leidsche Rijn aan de andere zijde van de A12 genoeg om te weten dat archeologie woningbouw niet in de weg zit. Sterker nog, daar zien we dat de archeologische verhalen over de opgegraven vindplaatsen de kwaliteit van de nieuwe wijk juist versterken. Mensen wonen graag in een gebied met geschiedenis en een duidelijk eigen DNA. In het project Waalfront in Nijmegen vormde dit archeologische en historische erfgoed zelfs de basis voor het stedenbouwkundige ontwerp. Kortom, slim omgaan met archeologie bij woningbouw vergroot de waarde ervan.

Toch blijft het een hardnekkige ­mythe dat archeologie een blokkade is voor planontwikkeling. De waarheid is dat de afgelopen decennia archeologen en beleidsmakers steeds beter zijn aangesloten op planontwikkelingen, zoals Ypenburg, Waalsprong, Wateringse Veld, enzovoorts. De opgravingen zijn efficiënter geworden door inzet van nieuwe technologie en in de opleidingen wordt nadrukkelijk de maatschappelijke en bestuurlijke context van de dagelijkse praktijk belicht.

Archeologen zijn niet meer de ­hobbyisten waar menig bouwer voor vreest. Ze denken mee over de keuzes die het best zijn te maken om de plannen goed en snel te kunnen realiseren. De strekking van Kips opinieartikel is niet zozeer dat planvorming wordt gefrustreerd door archeologische ‘vondstjes’ … het gaat vooral om het beeld van stroperigheid van de politieke besluitvorming van overheden, ­zeker waar het gaat om grote gebiedsontwikkelingen.

Daarbij weten we dat veelal niet de milieuregels zelf leiden tot zogeheten trage besluitvorming, maar een onvoldoende zorgvuldige planvoorbereiding en lastige politieke besluitvorming ­belemmeringen zijn. Daarin spelen ­ambities op het gebied van circulariteit en klimaatneutraal bouwen een belangrijke rol. Bouwers lopen vooral aan tegen de hedendaagse bestuurlijke complexiteit en maatschappelijke uitdagingen, niet tegen resten van historische waarde in de ondergrond.

Lees ook:

Archeologie zonder te graven: Grondradar brengt een complete Romeinse stad in kaart

Foto’s tonen Falerii Novi, of wat er onder de grond nog rest van die vergane Romeinse stad vlakbij Rome. Belgische en Britse onderzoekers hebben de stad in kaart gebracht zonder een spade in de grond te steken. 

Langs de limes, de 150 kilometer lange grens van het Romeinse rijk in Nederland

De grens van het Romeinse Rijk, die dwars door Nederland liep, is op veel plaatsen weer zichtbaar gemaakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden