Opinie Genderongelijkheid

Alleen een nieuw economisch systeem bevordert gendergelijkheid

De verantwoordelijkheid voor economische empowerment wordt ten onrechte bij individuele vrouwen gelegd. Verdeel eerst eens de zorgtaken eerlijker, vooral via publieke voorzieningen, dan kan Nederland weer stijgen op de wereldranglijst voor gendergelijkheid, betogen Rachel Walker en Kelly Groen, beleidsadviseurs vrouwenrechten bij ActionAid. 

Vrouwen, kom van die yogamat af en ga presteren”, of “Te veel vrouwen in deeltijd? Dan moeten vrouwen maar wat harder werken!” Twee quotes die recent voorbijkwamen in de krant, naar aanleiding van het onderzoek naar gendergelijkheid van het World Economic Forum (WEF). Nederland is elf plaatsen gezakt op de ranglijst (naar 38) en is ingehaald door landen als Duitsland, Spanje en Nicaragua.

En dit is waar de schoen wringt: ­zolang we in Nederland blijven praten over yogamatten en harder werken en niet inzien welke structurele oplossingen er echt nodig zijn, blijft genderongelijkheid bestaan. We moeten het hebben over het economische systeem.

Internationaal heeft Nederland een goede reputatie als voorvechter van vrouwenrechten. Minister Ploumen in het kabinet Rutte II kreeg met haar ‘She Decides’-initiatief wereldwijd lof, minister Van Engelshoven voerde onlangs een vrouwenquotum in. Maar hoe belangrijk deze maatregelen ook zijn, er wordt voorbijgegaan aan de structurele oorzaken die ten grondslag liggen aan de ongelijkheid. In de stappen die Nederland nationaal en wereldwijd zet, ontbreken de nodige economische veranderingen.

Nu blijven we steken in het gedachtengoed van ‘doe-het-zelf’, waarbij de verantwoordelijkheid voor gendergelijkheid en ‘empowerment’ vooral bij individuele vrouwen wordt gelegd. We gaan voorbij aan de vraag of vrouwen überhaupt meer willen en kunnen werken (betaald), alsook aan de bijdrage die mannen en vrouwen leveren aan de economie middels (onbetaalde) zorgtaken. Individuele verantwoordelijkheid is zo een mooie afleidingsmanoeuvre van decennia aan falend beleid dat ­ongelijkheid heeft voortgestuwd door bezuinigen op en privatisering van ­publieke diensten, zoals kinderopvang.

Spelregels zijn niet veranderd

Feministische economen en vrouwenrechtenorganisaties praten al langer over hoe in het huidige economisch systeem de positie van vrouwen verslechtert. Begin december bespraken wij bijvoorbeeld met betrokken Amsterdamse burgers hoe een feministische economie er zou moeten uitzien. Ideeën te over: basisinkomen voor huisvrouwen én -mannen, betere steun aan eenoudergezinnen. Daarnaast het terugdraaien van de ongeremde flexibilisering van de arbeidsmarkt, meer investeringen in publieke voorzieningen en steun aan mantelzorgers.

Niet alleen in Nederland maar over de hele wereld trekken vrouwen aan het kortste eind binnen de economie. Zo moeten de vrouwen in Zambia prioriteit geven aan zorgtaken thuis boven een betaalde baan, omdat publieke voorzieningen als gezondheidszorg missen, mede als gevolg van belastingontwijking door multinationals.

Door handel, investerings- en belastingverdragen speelt ook Nederland hierin een rol. Overheden, financiële en multilaterale instellingen besteden wel aan ‘economische empowerment’ van vrouwen, maar de spelregels zijn niet veranderd. Winst en economische groei gaan nog altijd boven vrouwenrechten en gelijkheid.

De Nederlandse overheid heeft de troef in handen door de economie anders in te richten. Het gaat om een andere manier van denken, die welzijn van mensen en milieu boven steeds meer winst stelt. Een economie waarin zorgtaken eerlijker worden verdeeld tussen man en vrouw, en dat vooral via publieke voorzieningen. Een economie waar de overheid haar verantwoordelijkheden neemt in plaats van deze over te laten aan de markt of het individu. Kortom, een economie die wérkt voor vrouwen. Dan kan Nederland volgend jaar een plekje hoger op de WEF-ranglijst krijgen – maar vooral een steentje bijdragen aan de wereldwijde naleving van vrouwenrechten.

Lees ook:

‘Vrouwen, kom van die yogamat af en ga presteren’

Nederland zakt elf plekken in de wereldranglijst van gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Waarom doet Nederland het zoveel slechter? Twee wetenschappers en een columnist geven hun kijk.

Feministen van toen in gesprek met de huidige generatie: ‘De vrouwenstrijd is pas net begonnen’

Vijftig jaar na de oprichting van de Dolle Mina’s staan vrouwen en mannen nog altijd op de barricaden. Twee Dolle Mina’s en twee feministen van nu over hun strijd.

Nederland zakt op ranglijst gelijkheid tussen mannen en vrouwen

De ongelijkheid tussen mannen en vrouwen is het afgelopen jaar groter geworden in Nederland. Nederland zakt daardoor flink op de ranglijst over gendergelijkheid van het World Economic Forum (WEF): van plek 27 in 2018 naar plek 38 in 2019. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden