Thuis bij Joshua de Roos (23) in Utrecht.

Online-onderwijs

Zo komt de student het online studeren door

Thuis bij Joshua de Roos (23) in Utrecht.Beeld Werry Crone

Sommige studenten krijgen niet tot nauwelijks fysiek les en zien de universiteit dus bijna niet van binnen. Wat doet dat met ze, en hoe zorgen ze ervoor dat de moed hen niet in de schoenen zakt?

Het schooljaar is pas net begonnen, maar nu al loopt Joshua de Roos (23) achter met zijn opleiding. Terwijl hij normaal gesproken naar eigen zeggen een ‘goed voorbereide student is’. Hij is eerstejaars masterstudent aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht en volgt al zijn colleges online. Slechts een keer is hij op de universiteit geweest, voor een workshop. Jo­s­hua mist de betrokkenheid, een gevoel van gemeenschap. “Het is heel raar om met iemand online te discussiëren die je nog nooit in het echt hebt gezien.” 

Marloes Aafjes (20), eerstejaars bèta-gamma aan de Universiteit van Amsterdam, heeft dan wellicht in vergelijking met Jo­shua nog mazzel met haar wekelijkse werkcollege van een uur en drie kwartier. De rest van haar lessen is online. Maar het zet weinig zoden aan de dijk. “Ik vind het lastig me te focussen en word snel slaperig.”

Joshua en Marloes zijn twee van de duizenden studenten die vanuit huis online colleges volgen. Ondanks dat universiteiten zoveel mogelijk proberen de eerstejaars voorrang te geven, lukt dat niet altijd, zoals in het geval van Joshua en Marloes. Navraag bij de universiteiten zelf levert geen duidelijk beeld op welke faculteiten of opleidingen veel online les geven: daarvoor zijn volgens de instellingen de verschillen te groot.

In het algemeen schommelt de bezetting van de collegebanken bij universiteiten zo rond de 30 procent, maar dat kan enorm verschillen per opleiding. “Kijk maar naar de gebouwen”, zegt woordvoerder Bart Pierik van koepelvereniging VSNU. “Met grote zalen en brede gangen is het gemakkelijker afstand houden.”

Alles op afstand

Een opleiding die voor volledig online onderwijs heeft gekozen is International Business Administration aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, de internationale variant van bedrijfskunde. Daar vinden alle colleges tot en met januari online plaats. Volgens een woordvoerder heeft dat te maken met het grote aantal internationale studenten. “Die komen uit onder meer Peru en de Filippijnen en moesten in de zomer tickets regelen, huisvesting, visa. We hebben toen besloten alles gelijk te trekken en volledig online onderwijs te geven, om niemand te benadelen.”

Maar dat verplichte online onderwijs heeft zijn weerslag op de studenten en hun ouders. Erik Peeters uit Breda ziet zijn dochter worstelen. Nadat ze slaagde voor tweetalig vwo, begon ze vol goede moed aan de internationale opleiding bedrijfskunde. Omdat ze ‘net aan een nieuw hoofdstuk is begonnen’ wilde ze haar verhaal niet zelf doen. “Onze dochter is een serieuze student, die niet wil falen. Ze is perfectionistisch en neemt haar opleiding heel serieus. Het is moeilijk voor haar om niet te kunnen sparren met medestudenten, of even een docent aan te schieten in de gang.”

Onder studenten ligt het percentage dat meer last van psychische klachten tijdens de coronacrisis 30 procent hoger dan onder andere volwassenen , blijkt uit een bevolkingsonderzoek in september onder 4000 volwassenen.

Het Interstedelijk Studenten Overleg gaf in juni de opdracht om onderzoek te doen naar hoe het is om te studeren tijdens de coronacrisis. Bijna 11.000 studenten werkten mee, waaronder zo’n 4600 universitaire studenten. Slechts een kwart van hen blijkt zich goed te kunnen concentreren. 

Moeilijk op te brengen

Ook de motivatie blijkt een groot probleem. Slechts een derde van de ondervraagde studenten zegt meestal de motivatie te kunnen opbrengen, tegenover zo’n 40 procent die zegt daar moeite mee te hebben. Dat zal consequenties hebben en het is dan ook geen verrassing dat veel studenten het somber inzien als ze kijken naar het verwachte studieverloop. Volgens een onderzoek uit maart van studentenvakbond LSVB verwacht zo’n 27% van de wo-studenten studievertraging op te lopen.

Dat is ook waar Joshua de Roos bang voor is. “Het jaar is net begonnen, natuurlijk is de motivatie nog niet helemaal weg. Maar online studeren is wel een enorme uitdaging. Ik raak sneller afgeleid en je moet continu veel meer zelfdiscipline opbrengen dan als je naar de universiteit zou gaan.” Ook Erik Peeters ziet hoe lastig het is om als student gemotiveerd te blijven. “Mijn dochter komt vaak gedesillusioneerd naar beneden. Het kost zo ontzettend veel moeite om de motivatie te blijven opbrengen, het brein te dwingen stof uit het boek op te nemen. Soms zegt ze dat ze beter een LOI-cursus had kunnen gaan doen, of een andere universiteit had kunnen kiezen waar meer fysiek les wordt gegeven.”

Hoogleraar rechtstheorie Sanne Taekema van de Eramus Universiteit Rotterdam kijkt normaal gesproken tegen zo’n zevenhonderd studenten aan in de collegezaal. Nu spreekt ze voor een camera in een lege zaal. Ook zij merkt dat daarbij barrières zijn voor studenten. “De spontane contacten zijn een stuk minder. En ik merk dat, als ik vraag of mijn uitleg helder was, ik minder vaak ‘nee’ hoor dan in de collegezalen. Van een bepaalde groep studenten zullen de resultaten zeker lijden onder deze nieuwe vorm van onderwijs. Het bevoordeelt een bepaald persoonlijkheidstype: de student die toch al vrij gedisciplineerd is en zichzelf wel aan het werk kan houden. Ik kijk met angst en beven naar de tentamenrondes.”

Niet zielig

Maar hoe zorg je nou dat je deze periode een beetje doorkomt als student? En wat kun je als docent of ouder doen? Volgens hoogleraar sociale psychologie van gezondheid en ziekte Arie Dijkstra is het bieden van perspectief belangrijk. “Studenten moeten zich realiseren dat ook deze periode een keer voorbijgaat. Straks kun je weer hossen. Daar moet je je aan vasthouden.” Zielig vindt hij studenten allerminst. “Studenten moeten zich goed realiseren waarvoor ze op de universiteit zijn. En dat is om iets te leren zodat ze later hun geld kunnen verdienen. Ze hebben het niet makkelijk, maar zielig, nee hoor.”

Dijkstra noemt enkele handigheidjes om deze periode wat makkelijker te maken. “Je moet studenten als het ware lokken om te gaan studeren. Zorg dat er een beloning op ze ligt te wachten. Voor studenten is dat het sociale aspect, het flirten, het jezelf laten zien. En dat kan best georganiseerd worden: ontwerp studieplekken op veilige afstand van elkaar, zodat studenten elkaar weer ontmoeten. Dat ze zich ’s morgens niet voor niets hebben geschoren, of een mooie jurk hebben aangetrokken. Het creëren van die ontmoetingen kunnen studenten overigens prima zelf, daar heb je de universiteit niet per se voor nodig.”

Besef ook de verantwoordelijkheid die je als student draagt, waarschuwt Dijkstra, als een soort omgekeerde motivatie. “Studenten moeten beseffen dat ze onderdeel zijn van een keten. Meer zieken betekent meer opnames, wat weer zorgt voor meer maatregelen, wat tot verdere ontwrichting van de economie leidt. Zo verprutsen ze uiteindelijk hun eigen perspectief op de arbeidsmarkt.”

“Online onderwijs is gewoon geen optimale manier van leren”, zegt Yvonne van Sark van onderzoeksbureau YoungWorks, die het boek ‘Motivatie binnenstebuiten’ schreef over hoe je jongvolwassenen kunt motiveren. Ook zij vindt het van belang dat studenten zelf nadenken over hun situatie, hoe ingewikkeld die ook is: “Geef hun zeggenschap en betrek hen bij vragen als ‘hoe vinden jullie dat het gaat?’, of ‘hoe kunnen we dit verbeteren?’. Dan hoef je als docent nog niet eens met iets concreets te komen. Wie weet komen studenten zelf wel met een idee waar de docent iets mee kan.”

De omgeving is belangrijk, benadrukt Van Sark. Die hangt direct samen met de motivatie: “Studenten en docenten moeten nog meer nadenken hoe ze zich met elkaar kunnen verbinden. Bijvoorbeeld door opdrachten waarmee studenten in kleine groepjes aan de slag kunnen, of misschien door op een veilige manier fysieke ontmoetingen te organiseren.”

Als laatste tip geeft Van Sark dat eerstejaars ook van ouderejaars kunnen leren. “Ouderejaars weten vaak goed hoe ze zich flinke hoeveelheden lesstof eigen moeten maken. Laat hen daarom met de eerstejaars in contact komen.”

Een duwtje geven

Vader Erik Peeters probeert zijn dochter af en toe een duwtje te geven om toch met medestudenten af te spreken. Ook hij ziet hoe belangrijk het bieden van perspectief is. “Ik ben hoopvol dat de situatie normaliseert, of dat er een vaccin komt. Dit kan niet zo blijven. Je kunt best iets vervelends accepteren, als het maar tijdelijk is. Daar komt nog bij dat dit een belangrijke periode is voor studenten, waarin ze op eigen benen moeten gaan staan en waarin vorming heel belangrijk is.”

En tot slot: geniet als student ook een beetje van de vrijheid die het online-onderwijs biedt. Student Marloes Aafjes gaat soms met een vriendin naar een camping in Castricum om daar de colleges te volgen. Of laatst tijdens een weekend zeilen in Duitsland. Gewoon de laptop mee en dan kan ook vanuit daar onderwijs gevolgd worden. “Zolang ik internet heb is het goed.”

#Ikwilnaarschool

Vrijdag protesteert Joshua de Roos samen met de studentenbonden op het Museumplein in Amsterdam. Onder het motto #ikwilnaarschool demonstreren studenten uit het mbo, hbo en wo voor meer fysiek onderwijs en meer locaties om onderwijs te geven. Bijvoorbeeld in concertzalen, theaterzalen en kantoorpanden.

Zo willen ze ‘elkaar op een veilige manier kunnen ontmoeten, over de stof discussiëren en van elkaar leren’, zo valt op de Facebookpagina te lezen.

Lees ook: 

Er kleven risico’s aan digitaal onderwijs: ‘Studeren is sociaal’

Digitaal onderwijs is niet zaligmakend, blijkt uit nieuw onderzoek van ING Economisch Bureau. Driekwart van de ruim 8.500 ondervraagde respondenten geeft de voorkeur aan fysieke lessen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden