Onderwijs

Van basisschool tot universiteit, de werkdruk is totaal uit de klauwen gelopen

Stakende leraren in Den Haag, woensdag 6 november. Beeld ANP

Van basisschool tot universiteit: overal staat de kwaliteit van het onderwijs onder druk vanwege de toenemende regeldruk in combinatie met te weinig mensen voor de klas. Docenten en een hoogleraar aan het woord over hun veranderende vak.

Overvolle klassen en bergen administratie. Een gemiddelde werkdag bestaat voor docenten allang niet meer alleen uit lesgeven, maar ook uit gespreksverslagen maken, formulieren voor zorginstanties invullen en brieven aan ouders schrijven.

Neem Rob Mendes (59), docent geschiedenis aan het Markland College in Oudenbosch. Al die extra taken maken het lesgeven zwaar en de werkdruk hoog, vindt hij. “Ik zit 32 jaar in het onderwijs en heb alles gedaan: van technisch onderwijs tot vwo. Het is er alleen maar slechter op geworden. Er wordt meer vergaderd, er zijn meer studiedagen en meer onderwijsvernieuwingen. Ik geef nu vier vakken: mijn hoofdvak geschiedenis, maar ook levensbeschouwing, het nieuwe vak TMC (taal, maatschappij en cultuur) en o&o, onderzoek en ontwerpen. Dat wordt me allemaal in de mik geschoven. En dan komt er nog eens een mentoraat bij.”

De klachten van Mendes worden breed gedragen. Massaal legden leraren uit het basis- en voortgezet onderwijs afgelopen woensdag het werk neer. Structureel meer geld eisen ze. Maar de salariëring is allang niet meer het enige probleem. Iedere leraar of docent klaagt over de enorme werkdruk. Dat is niet voorbehouden aan mensen die werken op basis- en middelbare scholen. Het is een breed gedeeld probleem in het onderwijs. Of het nu gaat om een hoogleraar, hbo- of mbo-docent; het hoge eisenpakket speelt hen allemaal parten.

Bedacht door slimme mensen, maar die staan niet met de voeten in de klei

Mbo-docent Ruud Boertjes is zo’n beetje vergroeid met het Rijn IJssel, een roc in Arnhem. Hij zat er op school en doceert er nu laboratoriumtechniek. Hij houdt van zijn werk en bovenal van de omgang met zijn leerlingen. “Die zijn ontzettend lief.”

Maar in de periode die hij verbonden is aan de school (vier jaar als student en tien jaar als docent), zijn er nogal wat veranderingen doorgevoerd en dat vergt veel van een docent, zegt Boertjes. “Er is in twintig jaar tijd al vier keer een onderwijsvernieuwing voorbijgekomen. Eerst was er een interactief leersysteem, toen kwam er het projectgericht onderwijs waarin de context van de stof ineens weer belangrijker werd, vervolgens kregen we competentitiegericht onderwijs en nu hebben we blokken die vijf, in plaats van tien weken beslaan omdat de concentratieboog van leerlingen niet voldoende lang zou zijn.”

Dat geeft druk, zegt Boertjes, omdat de docent al dit soort vernieuwingen buiten de lessen om moet uitvogelen. “Het wordt allemaal gestaafd met literatuur en bedacht door slimme mensen, maar dat zijn niet de personen die met de voeten in de klei staan.”

Die werkdruk zorgt voor stress, voor ziekte en burn-outs. Vooral onder basisschooldocenten, die van alle beroepsgroepen de hoogste werkdruk ervaren, ligt het ziekteverzuim hoger dan gemiddeld. In 2017 verzuimden basisschoolleraren ongeveer 6 procent van de werkdagen, terwijl dit gemiddeld op 4 procent lag voor alle bedrijfstakken, blijkt uit cijfers van het CBS en TNO. In het voortgezet onderwijs en op het mbo ligt het aandeel op 5 procent. Bijna een kwart van de docenten kampt met burn-outklachten.

Tien jaar geleden werd er minder verwacht van het onderwijs, merkt Ronald Duijs. Hij is directeur van de Maria Bernadette school in Leidschendam. “Neem zoiets als programmeren. Daar moeten we nu in het basisonderwijs mee aan de slag en de ICT-trends volgen. Dat willen we graag, maar er is geen of heel beperkt personeel aanwezig om dat goed te coördineren.”

“Verder zijn er veel meer administratieve processen dan vroeger. Je moet voor alle ‘afwijkende’ leerlingen een plan hebben. Begeleidende instanties komen met enorme vragenlijsten. Dat geeft docenten allemaal meer werk.”

Iedere week het zondagavondgevoel: als er morgen maar niemand ziek is

Duijs heeft ook zijn eigen werk zien veranderen. “Er wordt tegenwoordig meer gevraagd om de ontwikkeling te volgen van leraren. Daarvoor moet ik in de groepen aanwezig zijn, terwijl ik tegelijk meer eigen verantwoordelijkheid heb gekregen voor de financiën en het onderhoud van het gebouw. Gelukkig heb ik een algemeen ondersteuner, maar veel directeuren hebben dat niet of beperkt.”

En dan is er nog het lerarentekort. “Iedere week heb ik het bekende zondagavondgevoel: als er morgen maar geen zieke is. Dat was vroeger echt anders. Geen personeel kunnen vinden is mijn grootste bron van onrust.”

Op universiteiten en hogescholen gaat het niet veel beter. De helft van de hbo-docenten vindt de werkdruk te hoog. Op de universiteit ligt dat percentage hoger: twee derde van de universiteitsmedewerkers ervaart een hoge tot zeer hoge werkdruk, blijkt uit recent onderzoek van vakbond Vawo. Ook daar neemt het aantal burn-outs toe. 63 procent zegt wel eens lichamelijke of psychische klachten te ervaren. De helft werkt door in weekenden en vakanties.

Voor WOinActie, de evenknie van MBO- en PO in Actie, is de maat vol. De komende maanden organiseert de actiegroep een ‘witte staking’. Universiteitsmedewerkers die zich aangesloten hebben sturen in de maand november een out of office reply. In die mail staat dat ze zich strikt aan hun werkuren houden en niet meer antwoorden in hun vrije tijd.

Beeld ANP

Hoogleraar moderne politieke geschiedenis Annelien de Dijn heeft zich aangesloten. “Er is echt sprake van een crisis”, zegt De Dijn, werkzaam op de Universiteit Utrecht. “Vooral startende docenten ervaren heel veel druk. Ze moeten onderzoek doen en lesgeven. Bovendien moeten ze overal in uitblinken, anders verliezen ze hun baan. Ze werken vaak op tijdelijke contracten.”

De oplossing ligt deels in meer geld om de werkdruk te verlagen, zegt De Dijn. Daarin ziet ze overeenkomsten met leraren op basisscholen en middelbare scholen. Daarnaast signaleert De Dijn nog een ander, meer administratief probleem: het indienen van onderzoekvoorstellen. Dat vergt veel tijd, maar de kans dat wetenschapsorganisatie NWO het voorstel goedkeurt is uitermate klein.

“Ik heb onlangs drie weken full time, ook in het weekend, geschreven aan zo’n voorstel: afgekeurd. De NWO is verworden tot een soort loterij.” Toch blijft De Dijn het proberen, want onderzoek draagt volgens haar bij aan hoogwaardig wetenschappelijk onderwijs.

Een docent vraagt zijn gepensioneerde vader zijn lessen over te nemen

Hbo-docente Fiona Veraa herkent alle klachten van haar collega-docenten, maar zelf ervaart ze haar werk heel anders. Ze is docent bij de masteropleiding pedagogiek, een kleinschalige opleiding aan de Hogeschool van Amsterdam. Ook is ze daar onderzoeker bij een lectoraat.

Ze werkt heel hard, te veel uren waarschijnlijk. “Maar ik ervaar een grote mate van autonomie, ik heb ruimte voor ondernemerschap. Dat vind ik fijn en dat maakt mijn werk heel leuk. Ik mag ook grotendeels mijn eigen onderwijs vormgeven, ik zit ontzettend goed op mijn plek.”

Haar studenten daarentegen ziet ze worstelen met de toenemende werkdruk. Ze geeft les aan leraren in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs, op het mbo en ga zo maar door: allemaal docenten die zich pedagogisch willen verdiepen. “Het is een intensief programma”, zegt Veraa. “We gaan ook drie keer naar het buitenland. Dat maken we een half jaar van tevoren bekend en toch zijn er altijd studenten die bijna niet mee kunnen omdat ze simpelweg geen vrij kunnen krijgen. Ik heb het een keer meegemaakt dat een student zijn gepensioneerde vader vroeg zijn lessen over te nemen.”

Een hoge werkdruk is wat docenten in alle Nederlandse onderwijsinstellingen ervaren. Toch zijn er ook verschillen. Op mbo’s en in het basis- en voortgezet onderwijs worstelen docenten met het passend onderwijs. Middelbareschool docent Rob Mendes: “Passend onderwijs heeft zo’n werkdrukverhoging gegeven, niet normaal meer.”

In zijn klassen zitten 32 tot 33 leerlingen. Een heleboel horen daar eigenlijk niet thuis en zorgen voor problemen, vindt Mendes. “Ik heb een mavo 4-klas met 32 leerlingen. Een is afgehaakt want die gaat terug naar Hongarije en heeft problemen thuis, een ander meisje komt niet meer opdagen vanwege psychische problemen en er zijn vier leerlingen met een schrijnende thuissituatie die niet toekomen aan huiswerk. Ik zeg niet dat het trekken aan een dood paard is, maar wel aan een hele zware kar. En dan weet ik nog niet eens precies wat er bij de stille leerlingen gaande is.”

Mbo-docent Boertjes: “Het aantal studenten met rugzakjes neemt toe. We krijgen daardoor te maken met complexere gevallen.” Basisschooldirecteur Duijs: “Het imago is niet meer: wat is dit een mooi en fijn beroep – wat wij overigens zelf wel vinden.”

Hier heb je het boek, daar is het lokaal. Succes.

Tommy Derksen (33), mbo-docent in Deventer en betrokken bij MBO in Actie, denkt dat het ook te maken heeft met de soms slechte begeleiding van beginnende docenten. Dat zorgt op mbo’s voor extra uitval. Derksen: “Een onderwijsbevoegdheid is op het mbo niet nodig. Veel docenten stromen binnen vanuit het werkveld en kunnen aan de slag, mits ze een pedagogisch didactisch getuigschrift halen. Op sommige scholen wordt dan gezegd: hier heb je het boek, daar is het lokaal. Succes.” Maar bij het docentschap komt meer kijken. Hoe houd je bijvoorbeeld orde?”

Het is volgens Derksen een van de redenen dat veel mbo-docenten in de eerste jaren stoppen met lesgeven. Na vijf jaar is 45 procent van de beginnende leraren ermee gestopt, aldus Derksen. Niet verwonderlijk dat ook het mbo kampt met een lerarentekort. “Ik weet van een opleiding waar studenten ieder jaar een andere vakdocent kregen, dat geeft heel veel onrust.”

Een ander breedgedragen probleem: het rendementsdenken in het onderwijs is doorgeschoten. Alles moet direct resultaat hebben. Aantallen studenten die snel hun diploma halen, is het ultieme doel. Derksen. “Dat levert geld op.”

Een perverse prikkel noemt hij dat. Om aan dat rendement tegemoet te komen, staan mbo-docenten onevenredig veel uren voor de klas, vindt hij. “178 uur per jaar meer dan collega’s in andere landen.”

In het voortgezet onderwijs is het niet anders. Docent geschiedenis Mendes: “Er is veel concurrentie tussen scholen. Iedereen is graag nummer 1 en haalt zijn zieltjes binnen. We zijn constant bezig met ontwikkeling: cursussen volgen, projecten schrijven… Ik heb een hele leuke baan hoor, en ik houd het nog wel even vol. Ik vind werken met pubers leuk, dat geeft mij energie. Maar als je praat over werkdruk, dan is het totaal uit de klauwen gelopen.”

Lees ook: 

‘Ik wil niet zeuren, maar de emmer is wel vol’

Duizenden docenten gingen woensdag opnieuw de straat op om aandacht te vragen voor het lerarentekort en de hoge werkdruk. Trouw vroeg tien stakers in Den Haag naar hun grootste wens voor het Nederlandse onderwijs. 

Waarom de prestaties in het Nederlandse onderwijs al jaren dalen

Het oplopende lerarentekort zet de kwaliteit van het onderwijs onder druk, waarschuwt vakbond Aob. Maar de prestaties van Nederlandse leerlingen glijden al veel langer af. Hoe komt dat?

Wat heeft actievoeren het onderwijs tot nu toe opgeleverd?

De leraren staken woensdag. Opnieuw. Wat leverde het actievoeren tot nu toe op? Vier vragen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden